‘Eén groot feest wordt het niet, wel stabieler’

De Sociaal Economische Raad heeft een nieuwe variant met persoonlijke pensioenen getoetst: „Zeer interessant.”

Het kán. Nederland kán overstappen van collectieve pensioenfondsen op persoonlijke pensioenpotten. Het is doorgerekend en de uitkomsten zijn „bepaald interessant”, zegt Kees Goudswaard. Hij is voorzitter van de commissie toekomst pensioenstelsel van de Sociaal Economische Raad (SER).

Het afgelopen jaar is een „werkend prototype” van zo’n geheel nieuwe pensioenvariant gemaakt. Wat de SER vrijdag presenteert is slechts een „verkenning” en nadrukkelijk géén advies. De werkgevers en vakbonden in de SER willen er eerst onderling en met de buitenwereld over discussiëren.

Het rapport spitst zich toe op een „persoonlijk pensioenvermogen met collectieve risicodeling. Actuele discussies over keuzevrijheid – zoals over het fonds en beleggingsrisico – en zzp’ers zonder pensioen zijn buiten beschouwing gelaten. Goudswaard en SER-voorzitter Mariëtte Hamer lichten toe.

Levert een persoonlijk pensioen een hoger pensioen op?

Goudswaard: „De modellen laten geen grote verschillen in het verwachte pensioen voor later zien. Wel dat onze variant een stabieler pensioen oplevert. Ik wil niet zeggen dat het één groot feest wordt, maar een persoonlijk pensioen geeft stabielere koopkracht.”

Voor welke pensioenfondsen zou deze regeling geschikt kunnen zijn?

Goudswaard: „Een interessante vraag is wat de grote bedrijfstakpensioenfondsen gaan doen. ABP, Zorg en Welzijn, de metaalfondsen PMT en PME en Bouw. Waarmee ik niet wil zeggen dat het voor ondernemingspensioenfondsen geen interessante optie is.”

Stel dat die vijf grootste bedrijfsfondsen hiervoor kiezen, dan heb je het over ruim 7,5 miljoen deelnemers. Dan gaat het hard?

Goudswaard: „Het is zeker niet onvoorstelbaar. Maar zover is het niet. We moeten hier eerst goed over praten de komende tijd.”

Waar komt het idee eigenlijk vandaan?

Goudswaard: „We wilden de kracht van het stelsel overeind houden, maar het tegelijkertijd moderniseren. Wat we dus blijven delen zijn de financiële risico’s van het beleggen, dat we ouder worden, arbeidsongeschikt raken of vroegtijdig overlijden. Nieuw is het individuele pensioen, dat transparant is, ruimte biedt voor maatwerk en keuzevrijheid en de verdeling van het pensioengeld tussen generaties evenwichtiger maakt.”

Hamer: „In een SER-advies over het pensioenstelsel noemden we deze variant al ‘interessant, maar onbekend’. Nu zeggen we: hij is bekend en nog altijd zeer interessant, juist door de combinatie.”

Dat klinkt wel wat vaag. Daar kun je alle kanten mee op. Waarom zegt u niet: dit is een goed idee, we raden het van harte aan?

Hamer, oud-fractievoorzitter van de PvdA: „Als ik iets heb geleerd in de politiek is dat je hard kunt hollen, maar dat dat weinig zin heeft als er niemand achter je aanholt. We willen opnieuw een dialoog met jongeren- en ouderenorganisaties en random burgers, zeg maar. De uitkomsten zetten we in een brief van bevindingen. Die zal in hoge mate bepalend zijn voor de invoering.”

Zo sleept de discussie over hervorming van het pensioenstelsel zich voort.

Goudswaard: „Sociale partners, overheid en politiek, pensioensector: iedereen speelt een rol, dat is het ingewikkelde bij pensioenen. Heel veel partijen hebben ook meegewerkt aan dit rapport.”

D66-Kamerlid Steven van Weyenberg riep de SER op om zich uit te spreken voor persoonlijke pensioenen. Te vroeg?

Hamer: „Hij heeft zijn rol als politicus. Er zullen de komende tijd meer partijen hun piketpaaltjes slaan.”

Klopt het dat er discussie is in de SER over de persoonlijke pensioenen? De vakbonden zouden ook voelen voor behoud van het huidige stelsel, maar dan zonder garanties om meer beleggingsvrijheid te hebben.

Hamer: „Over dit soort dingen wordt nog nagedacht, ja. Als je me met het mes op de keel vraagt of zo’n variant er ook komt: ik weet het niet. Ik zou het heel jammer vinden als we déze variant, met maatwerk én collectiviteit, niet heel goed bespreken.”