Gaat Polen de kant op van Hongarije?

Nieuwe regering Warschau vervreemdt EU-landen steeds meer van zich. De partij wendt zijn absolute meerderheid aan om de greep op media, rechtsysteem en publieke sector drastisch te vergroten.

Nationalisten en katholieke activisten tijdens een anti-EU betoging, enkele weken geleden in Warschau. AP Photo/Alik Keplicz

Het was een nieuwe kaakslag voor de Poolse natie. „Polen en Hongarije – twee landen die niet vrij zouden zijn zonder de Verenigde Staten en de lange Koude Oorlog – hebben nu beslist dat democratie te veel moeite is”, verklaarde de Amerikaans ex-president Bill Clinton op een campagnemeeting voor zijn echtgenote Hillary. „Ze willen een Poetin-achtige dictatuur.”

De Poolse premier Beata Szydlo eiste woensdag excuses, maar de conclusie is onontkoombaar: na een lange periode waarin Polen steeds dichter bij de Europese mainstream kwam te staan, heeft de regering van Recht en Rechtvaardigheid (PiS) het land in hoog tempo vervreemd van buitenlandse bondgenoten.

Dat de partij zijn absolute meerderheid aanwendt om de greep op media, rechtsysteem en publieke sector drastisch te vergroten, leidt tot reputatieschade die ernstiger is dan Warschau verwacht had. De fanatieke manier waarop de conservatieve houwdegens het Poolse blazoen proberen op te poetsen heeft vaak averechtse gevolgen.

„Het Poolse gezichtspunt” moet meer voor het voetlicht komen, verklaarde minister van cultuur Piotr Glinski over het bijna voltooide Tweede Wereldoorlog-museum van Gdansk. Hij klaagde dat dit „een universalistische vertelling lijkt te plannen van de geschiedenis van dit conflict en de betrokken naties, in plaats van zich te richten op de Poolse lezing van deze gebeurtenis.” Hij had laten weten dat hij het nieuwe museum wil samenvoegen met een nog vaag project over de heroïsche Poolse verdediging van het schiereiland Westerplatte.

Donateurs eisten objecten terug

De nieuwe machthebbers willen dat de wereld er uit ziet zoals zijzelf.

Historicus Norman Davies

Door een brandbrief van Yale-historicus Timothy Snyder, lid van de wetenschappelijke adviesraad van het oorlogsmuseum, haalde Glinski’s plan The New York Review of Books. „Misschien wel het meest ambitieuze museum gewijd aan de Tweede Wereldoorlog in welk land ook” dreigde volgens Snyder ten prooi te vallen aan een Poolse poging de geschiedenis naar eigen hand te zetten. Een aantal donateurs vroeg prompt geschonken objecten terug.

Volgens de minister blijft de brede thematiek van het museum straks overeind. Maar Norman Davies, emeritus hoogleraar in Oxford en eveneens lid van de wetenschappelijke raad van het museum, is er niet gerust op. „Dit is bekrompen politiek: dit was namelijk het pronkstuk van [voormalig premier, nu voorzitter van de Europese Raad] Donald Tusk.”

De nieuwe machtshebbers, zegt Davies, „hebben een bijzonder radicale kijk op hoe de wereld eruit moet zien: zoals zijzelf. Ze verdragen geen communisten of liberalen in de Poolse geschiedenis.”

De indruk dat PiS de geschiedenis wil zuiveren was al versterkt door de glunderende reacties op nieuwe onthullingen over het vermeende informantenverleden van de ex-president en anti-communistische vakbondsleider Lech Walesa. Dit is het einde „van de legende Walesa”, verklaarden PiS-leden vergenoegd over de man die ooit een bondgenoot was, maar later een rivaal werd van hun partijleider Jaroslaw Kaczynski. Dat daarmee het internationale aanzien van een Pools icoon leek te sneuvelen, leek weinigen te deren.

Omstreden is ook een wetsvoorstel waarin tot vijf jaar cel staat op het spreken over ‘Poolse vernietigingskampen’ om naziconcentratiekampen aan te duiden. In het buitenland werd die forse reactie op een legitieme Poolse ergernis vooral gezien als een voorbeeld van repressief denken.

Ook diplomaten voelen dat er een andere wind waait. De ‘waarheid’ over ‘Smolensk’ – de vliegramp in Rusland waarbij in 2010 toenmalig PiS-president Lech Kaczynski en bijna honderd leden van de Poolse elite omkwamen, tot nu toe als ongeval bestempeld door officiële onderzoeken – is opnieuw een gespreksonderwerp bij ontmoetingen, vertelt een diplomaat. In PiS-kringen heet het dat de crash is veroorzaakt door een explosie en dat de regering-Tusk de ware toedracht verhulde.

Conflict tussen regering en Hof

Die fundamenteel andere kijk op de werkelijkheid heeft het publieke debat in Polen gesplitst in wat soms lijkt op parallelle universums. Toen kredietbeoordelaar Moody’s vrijdag de vooruitzichten voor Polen bijstelde naar ‘negatief’ – mede wegens het bittere conflict tussen de regering en het constitutionele hof – werd dat door de oppositie gezien als bewijs dat PiS de economie schaadt na een periode van spectaculaire groei.

Maar de andere zijde ziet het net omgekeerd: de bloei was eigenlijk schijn. Wie profiteerden, zei Stanislaw Januszewski, commentator op de rechtse website Polityce.pl, dat zijn de ‘banksters’: een samentrekking van ‘bankiers’ en ‘gangsters’. Het oordeel van Moody’s zou dan ook niets te maken hebben met de constitutionele crisis, maar een waarschuwing zijn aan bevriende belangengroepen dat „het in Polen gedaan is met het mooie weer voor woekeraars”.

Zo erg was de spilzucht onder de vorige regering, verklaarde de minister van Schatkist, dat een oud-bestuurder van een staatsbedrijf in een „gouden” Mercedes rondreed. Op sociale media circuleerden beelden van fonkelende bolides, vergezeld van gouden handboeien voor de regering van Tusk. Het echte exemplaar, zo toonden krantenfoto’s, was een minder opvallende auto met een eerder beige aandoende glans.

In zo’n klimaat is waarheidsvinding geen sinecure. Dat blijkt ook uit het felle mediadebat in de nasleep van een grote oppositiemars in Warschau. Volgens oppositiegezinde bronnen namen tot 240.000 mensen daaraan deel. Een journalist van staatsomroep TVP telde er, met behulp van twee pennen die hij tegen een tv-scherm hield, hooguit 45.000. Terwijl het gebekvecht doorging, werd een TVP-journaliste die over 200.000 betogers had gesproken, op het matje geroepen bij haar bazen. Om van deze nationale splijtzwam af te raken, liet de oppositiegezinde Gazeta Wyborcza een heel team meer dan een dag lang mensen tellen op 859 uitgeprinte videoframes. Het aantal demonstranten lag rond 55.600, dichter bij het PiS-standpunt dus. Zo toonde uitgerekend de door PiS-aanhangers als leugenachtig weggezette Gazeta dat ook de oppositie niet vies is van enige overdrijving.