Franse agenten zijn haat en stenen zat

Betoging De Parijse politie protesteert tegen demonstrantengeweld. Ook de al maanden durende noodtoestand eist zijn tol bij de agenten.

Brandende politieauto, woensdag in Parijs. De inzittenden ontkwamen. FOTO Francois Mori/AP

Het was een gewone ochtend totdat de 39-jarige Parijse diender Fred in zijn politie-Peugeootje opeens een harde knal en glasgerinkel hoorde. Raak! Terwijl hij achter het stuur zat, had iemand een baksteen naar binnen gekeild. „Puur om me bang te maken”, zegt de agent van de Franse Police Nationale. En dat is gelukt. „Na zo’n incident ga je met een ander gevoel naar je werk”, zegt hij.

Met een paar honderd andere agenten staat Fred [agenten mogen hun achternaam niet geven] woensdag op Place de la République om te demonstreren tegen het volgens hen en de bonden toenemende geweld tegen de politie. Hij heeft nog geluk gehad, omdat hij er zonder kleerscheuren vanaf kwam. Sinds begin maart overal in het land demonstraties tegen flexibilisering van de arbeidswetgeving begonnen, zijn volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken meer dan driehonderd agenten, vooral CRS-leden (de Franse ME) gewond geraakt.

Dat gebeurde vaak tijdens de in traangas gesmoorde protestmarsen zelf. Relschoppers, gewapend met stenen en metalen staven, hebben het daarbij rechtstreeks op de politie gemunt. Om geen last te hebben van het gas of van rondvliegende stenen, verschijnen ze met gasmaskers, integraalhelmen en bivakmutsen.

In Nantes moest vorige week een 18-jarige scholier voor de rechter verschijnen op verdenking van poging tot doodslag van een agent. Met een staaf had hij deelgenomen aan een „lynchpartij” van een agent. 1.300 mensen zijn tot nu toe bij de acties tegen de nieuwe wet gearresteerd. „Marre de la haine anti-flics”, staat op spandoeken: we zijn de haat tegen de politie zat. Maar het protest keert zich ook tegen de hoge werkdruk: sinds Frankrijk na de terreur in november de noodtoestand uitriep, draaien politie en leger permanent overuren, volgens Grégory Joron van vakbond Unité-SGP „tot soms 20 uur aaneen”.

De plek is symbolisch: sinds een paar weken komen hier op République ’s avonds activisten bijeen van ‘Nuit debout’, een groep op zoek naar alternatieven voor het kapitalisme. Ook bij deze protesten moesten agenten veel stenen incasseren.

Winkelpuien aan gruzelementen

Nu hebben leden van de gendarmerie het plein hermetisch afgesloten om hun demonstrerende collega’s te beschermen. In de omliggende straten demonstreren ondertussen groepen tegen politiegeweld. Winkelpuien gaan aan gruzelementen, een rijdende politiewagen wordt met een molotovcocktail in vlam gezet.

„Toen ik opgroeide was ik bang voor de politie, er was respect”, zegt de 45-jarige Florent. Hij draagt een helmpje met de tekst ‘Politie mishandeld, republiek in gevaar’. „Er moet fermer opgetreden worden tegen relschoppers”, vindt hij. „Door de regering voel ik me niet gesteund.”

Dat sentiment leeft bij veel collega’s ook. Niet voor niets is het nationaal-populistische Front National met een grote delegatie vertegenwoordigd. „Wij zijn de grootste partij onder agenten en militairen”, pocht Jean-Lin Lacapelle, die in het parlement van de regio rond Parijs zit.

Hij doelt op een peiling van eerder dit jaar waarin 51 procent van de Franse agenten en militairen zei op de partij van Marine Le Pen te stemmen. „Ja, veel mensen steunen extreem-rechts”, zegt Florent. „Maar ik vind het niet extreem om voor orde en gezag te pleiten.” Hij wijst naar de graffiti op het beeld van Marianne, het zinnebeeld van de Franse republiek. „Dit land is de weg kwijt.”