Een beetje minder massavernietiging

Veiliger wordt de wereld er niet op: na een lange periode van gezamenlijke afbouw lijkt het operationele arsenaal aan inzetbare kernwapens weer te groeien. Zie Poetins nieuwe, wendbare raketten met twaalf onafhankelijke kernkoppen.

Maar de somberheid mag een beetje worden verlicht door de afname van een andere categorie wereldbedreigend spul: de financiële derivaten, die door meesterbelegger Warren Buffett al in 2002 tot ‘financiële massavernietigingswapens’ werden gedoopt. „Dit soort instrumenten zal vermenigvuldigen in aantal en aard, tot een gebeurtenis hun giftigheid openbaart”, schreef hij toen.

Net als veel anderen had Buffett het aantal derivaten, waaronder opties, termijncontracten en bovenal rente-ruilcontracten (swaps), pijlsnel zien toenemen. In 1990 stond er voor 5.640 miljard dollar aan derivaten uit, een bedrag dat vergelijkbaar was met een kwart van de omvang van de wereldeconomie van destijds. In 1996 overschreed het bedrag aan derivaten voor het eerst de wereldeconomie. Eind 2001, vlak voor Buffetts brief aan zijn beleggers, was het bedrag waarover derivaten waren afgesloten al 3,4 maal zo groot als de wereldeconomie. En in de eerste helft van 2008 stond er 672.000 miljard dollar aan derivaten uit. Dat was 10,6 maal zoveel als er toen wereldwijd goederen en diensten werden verhandeld.

Hoera: de wereldeconomie kan in plaats van tien nog maar zeven maal worden opgeblazen

Een geheel nieuwe categorie, de zogenoemde collateralized debt obligations (CDO’s), waarbij (vooral) hypotheekschulden werden opgedeeld in partjes met verschillend risico die daarna konden worden verhandeld, zou in 2008 en daarna precies doen wat Buffett vreesde: hun giftigheid openbaren. Lees Fool’s Gold van Financial Times-journaliste Gililan Tett over de geschiedenis daarvan, en huiver met terugwerkende kracht.

Het goede nieuws is dat het bedrag aan derivaten sinds kort aan het krimpen is. De wereldwijde toezichthouders dringen er op aan dat al deze contracten voortaan niet onderling tussen banken, bedrijven en beleggers worden verhandeld, maar via een centrale tegenpartij – een soort beurs. Omdat overlappende contracten dan makkelijker tegen elkaar weg kunnen worden gestreept (‘trade compression’, heet dat) daalt het uitstaande bedrag. De laatste telling van de Bank voor Internationale Betalingen wees uit dat eind vorig jaar nog maar 492.911 miljard dollar uitstond. Dat is 6,7 maal de wereldeconomie.

Blijven twee vragen over. Eén: waarom is het bedrag nog steeds zo krankzinnig groot? Antwoord: omdat financieel gegoochel en gegok het normale ondernemen nog steeds overvleugelt. Hoe kun je, overdrachtelijk gesproken, anders bijna zeven maal zoveel risico’s afdekken dan je daadwerkelijk in het normale economische verkeer loopt? Er zijn nog steeds te veel door bonussen gedreven verkopers van het spul, te veel zichzelf overschattende kopers (Vestia) en de hele heisa is kennelijk nog steeds veel te winstgevend om te laten lopen.

En vraag twee: is de wereldeconomie met de daling van het derivatenbedrag nu een beetje veiliger? Natuurlijk. Stel dat het kernwapenarsenaal van 15.000 naar 12.000 kernkoppen gaat, dan is de wereld toch óók een stukje veiliger? Ja. In de zin dat hij nog maar zeven maal kan worden vernietigd in plaats van tien.