Bij een echt examen had ik vast gedacht: nou, leuk hoor…

Eindexamen 2016 Eerstejaars studenten maken voor NRC een eindexamen. Wat weten zij een jaar later nog van de stof? Vandaag: wiskunde C.

‘Als ik nog iets beter in de stof had gezeten dan had ik het wel goed gekund denk ik. Nu denk ik toch: het is wat weggezakt. Misschien heb ik net een voldoende of net een onvoldoende gehaald. Ik had steeds wel door wát ik moest bereken, maar niet hóé.

Bekijk ook hoe de examens verlopen bij onze examenvloggers.

Wel snapte ik deze keer beter wat ze van me wilden. Ik leek meer gewend aan de vraagstelling. Ik heb vorig blok ook een vak gevolgd over tekstanalyse, misschien kan ik daarom nu beter hoofdzaken van bijzaken scheiden. Ik sloeg de belangrijke dingen deze keer gelijk op in m’n hoofd.

Inhoudelijk leek het heel erg op vorig jaar. Een paar functies en een beetje kansrekening. De onderwerpen waren deze keer best wel interessant, dat vond ik bij mijn examen minder. Nu ging het er bijvoorbeeld over dat mannen een langzamere reactietijd hebben als ze afgeleid worden door een mooie vrouw. Ik dacht echt: oh, wat een leuk onderwerp. Maar misschien komt dat ook omdat ik nu meer afstand heb. Als dit mijn echte examen was geweest had ik vast ook gedacht: nou, leuk hoor…

Ik snapte nu beter wat ze van me wilden

De lastigste vraag ging over een kunstenaar, Panhuysen, die een soort kunst maakte van sudoku’s. Dat was echt heel ingewikkeld. Ik dacht: wow, nu even rustig kijken en nog een keer lezen om te zien wat precies de vraag is.

Als ik de uitwerkingen van het examen zie, dan denk ik: oh ja, zo werkt dat. Maar zelf kan ik dat echt niet meer produceren. Er zit gewoon echt een heel dikke laag stof over.

Ik deed vorig jaar wiskunde C, wat makkelijker is dan A, omdat ik er niet heel goed in was en het ook niet echt nodig had voor mijn vervolgopleiding. Ik ben ook wel blij dat ik er nu niet meer zoveel mee te maken heb. Ik heb afgelopen blok wel een vak gevolgd over taalontwikkelingsstoornissen en daar zat wel wat statistiek bij, over het toetsen van hypotheses. Dat heb ik niet echt gehad op de middelbare en het was ook niet heel belangrijk, maar ik begreep het wel omdat ik wiskunde had gehad.”