Voor de Brexit snel naar de beurs

Brits referendum over EUropese Unie Van Philips tot Basic-Fit: bedrijven willen snel naar de beurs. Onrust dreigt als de Britten in juni kiezen voor een vertrek uit de EU.

Wie naar de beurs wil, moet van strakke planning houden. Van draaiboeken, werkschema’s, tijdspaden en deadlines. Met minutieuze precisie proberen beursgangteams – de bedrijfstop, zakenbankiers en adviseurs – alle mogelijke risico’s uit te sluiten. Van de meest voor de hand liggende tot zeer onwaarschijnlijke. Succes of mislukking, het hangt af van hoe slim de planning is.

Niet voor niets kondigt het ene na het andere bedrijf juist nú een beursgang aan. Dinsdag maakte sportschoolketen Basic-Fit, nu nog in handen van private-equitybedrijf 3i, bekend dat het binnenkort naar de beurs gaat. Vorige week deden staatsverzekeraar ASR en buizenbouwer Sif dat. Kort daarvoor kwamen ook Philips Lighting, de lichtdivisie van het technologieconcern en ForFarmers, producent van veevoer, met dezelfde mededeling.

Allemaal hebben deze bedrijven in hun planning rekening gehouden met hetzelfde risico: het referendum over de ‘Brexit’, een vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie (EU). Daarom kondigen deze bedrijven nu hun beursplannen aan, en niet bijvoorbeeld over een paar weken.

Voor de zomer naar de beurs

Een Nederlandse fitnessclub of verzekeraar heeft zo op het oog weinig te maken met de Britse mening over de EU. Toch heeft het Brexit-referendum grote invloed op het moment van Nederlandse beursgangen, zeggen zakenbankiers en andere adviseurs.

Dat zit zo. Bedrijven met beursambities willen gaan als de financiële markten stabiel zijn. Nu kan niemand helemaal voorspellen hoe die zich gaan gedragen. Maar als de beursgangbegeleiders wél iets kunnen voorzien, houden ze daar rekening mee. En het referendum over de Brexit, op 23 juni, is nou typisch een gebeurtenis die voor grote onrust kan zorgen.

Daarmee is 23 juni ineens een belangrijke datum in de draaiboeken geworden. Normaal gesproken duurt het ‘beursgangseizoen’ tot in juli, als iedereen met zomervakantie gaat. Nu is de „window”, zoals zakenbankiers de periode voor beursgangen noemen, ineens een stuk korter. Iedereen wil veilig, ruim voor de Brexit, op de gong slaan om zijn beursnotering in te luiden.

De strenge schema’s schrijven voor dat een bedrijf zo’n vier weken van tevoren officieel bekend moet maken dat het naar de beurs wil. Daarna is er namelijk nog tijd nodig om alle aandelen kwijt te raken. Eerst bestoken analisten van de ingehuurde zakenbanken beleggers over de hele wereld met bezoekjes, telefoontjes en video-calls, om ze te vertellen over het aandeel. Daarna moet de top van het bedrijf op roadshow om zichzelf én te promoten én zo veel mogelijk beleggers zien te verleiden hun aandelen te kopen.

Vanwege deze benodigde marketingtijd komen de beursaankondigingen nú, ruim een maand voor het referendum.

Eerst uitgesteld

De drukte is nog eens extra groot doordat bedrijven hun beursgang in de eerste maanden van dit jaar juist hebben uitgesteld, vanwege zorgen over de Chinese groei en de dalende olieprijs. Nu het weer relatief rustig is, gaan bedrijven er alsnog voor. Anders moeten ze wachten tot na de zomer, en wie weet wat er dan weer allemaal voor onzekerheden zijn.

De pre-Brexit beursgangpiek kan nadelig zijn. Bedrijven hebben nu meer haast dan ze anders hadden gehad. Zo heeft Philips ook geprobeerd zijn lichtdivisie in één keer te verkopen aan een private partij. Dat is niet gelukt, dus nu gaat Philips Lighting naar de Amsterdamse beurs. Zonder Brexit had Philips wellicht meer tijd genomen om een koper te zoeken.

Met name in Nederland gaat een opvallend hoog aantal bedrijven in dit tweede kwartaal naar de beurs, schrijft persbureau Bloomberg. Ook in Frankrijk zijn er opmerkelijk veel beursgangen. En het is waarschijnlijk nog niet klaar met de Nederlandse beursganggolf. Ook Takeaway.com, moederbedrijf van Thuisbezorgd.nl, en telecombedrijf O3b zouden plannen hebben, zo meldde het Financieele Dagblad.

In Londen gebeurt er in afwachting van de Brexit juist weinig. Fors investeren in ponden vinden beleggers nu even niet handig, dus een beursgang is onaantrekkelijk.

Ondanks alle planning, scenario’s en strategie kan het misgaan. Dat heeft Sif uit Roermond eerder dit jaar ervaren. Eigenlijk stond de beursgang van dit bedrijf, gespecialiseerd in windmolenbuizen, al in februari op de agenda. Op het laatste moment, een dag voor de gongslag, stelde Sif die toch uit, wegens „verslechterde en volatiele kapitaalmarkten”. Juist in de week dat Sif naar de beurs wilde, gingen de aandelenbeurzen ineens hard onderuit.

Bij de tweede poging hadden Sif en zijn eigenaar, private-equitybedrijf Egeria, meer geluk. Vorige week ging het bedrijf alsnog naar de beurs, als eerste Nederlandse bedrijf dit jaar. En ruim op tijd voor de Brexit.