Tom en zijn zitvlakprobleem

Tom zei dat hij van de roze wolk was gekukeld. Even later verbeterde hij zich: hij was er gewoon dwars doorheen gezakt. Mag ik Tom misschien even verbeteren: zo erg was het niet, het gebeurde zo langzaam dat in de onverbiddelijke traagheid een grote schoonheid viel te ontdekken.

Tom in het roze op zaterdagochtend. Maar op de onverharde klim richting Arezzo liep het niet zo lekker meer. De cameraman in de helikopter hield hem in het oog. Je zag hem met tegenzin centimeter na centimeter prijsgeven op de mensen die hij in zijn roze universum dicht tegen zich aangedrukt wilde houden. Tom verloor in een hemeltergend mooie registratie zijn adhesief vermogen.

Toen de centimeters meters waren geworden begon het omkijken: komt er nog hulp? Er kwam geen hulp, Tom was veroordeeld tot zijn eigen slechte benen.

Het omkijken. Zelden heb ik een renner mooier zien omkijken. Het was met een dichterlijke wanhoop dat hij omkeek. Vanuit de helikopter leek hij op een kuiken dat met een laatste krachtsinspanning zich van de eierschaal probeert te ontdoen. De helikopterpiloot verliet hem. Er was meer te doen.

Vóór de Giro had Tom Dumoulin al gezegd dat het eindklassement hem gestolen kon worden. Hij was niet op hoogtestage geweest, hij had geen klimtrainingen gedaan, alles wat hij deed stond in het teken van de Olympische tijdrit te Rio, over een paar maanden.

Zo’n intiem plekje is het nou ook weer niet in de wielersport

De tijdrit van afgelopen zondag was niet je van het. Hoewel aangekruist als meetpunt in de agenda werd het een flop. Regen en risico’s gaan in rationeel opzicht niet goed samen. En dan ook nog een „zitvlakprobleem”.

Een tijdritfiets en een zitvlak is geen gelukkig huwelijk, ook al is het zitvlak in perfecte staat. „Elke ontsteking, ook al heb je die in je gebit, kost energie”, zegt Tom. Het is waar, maar als ik teruggrijp op mijn ervaringen als professionele fietser zou ik een ontsteking op het zitvlak verkiezen boven een ontsteking aan een kies.

Over de precieze staat van het zitvlak laat Tom ons voorlopig in het ongewisse. Ik zou er graag meer over horen. Zo’n intiem plekje is het nou ook weer niet in de wondere wereld van de professionele wielersport. Het is iets als hooikoorts, of een afloper.

Wat wil Tom wel over zijn zitvlak kwijt? Het klinkt een beetje als een dreigement. „Als mijn zitvlak niet beter gaat aanvoelen kan er wel eens een vroegtijdig einde aan deze Giro komen.”

En wat als het zitvlak een beetje beter begint aan te voelen? Dan is Tom erop uit om bewust wat tijd te verliezen om verderop in de Giro de ruimte te krijgen voor dagwinst.

Ik gun Tom een geneeskrachtige kus op het gekwelde, ietwat roze plekje.