Europa staat weer voor paal

Zaterdag keek ik naar het Eurovisie Songfestival en ik kon me niet aan de indruk onttrekken dat we als continent een beetje voor paal staan. De hele wereld zag hoe we onze oorlogjes uitvechten via stemrondes. Door Australië mee te laten doen, zijn we voor het oog van de wereld gezakt voor ons examen topografie. Maar het lulligste is natuurlijk dat we miljoenen huishoudens in Amerika, Azië en Afrika hebben getrakteerd op twee uur muzikale crap (uitzonderingen daargelaten – #TeamDouwe).

Het Songfestival is, naast het feest van de modulatie (dat viel een beetje tegen dit jaar) het feest van de overcompensatie. Het is alsof we als continent willen zeggen: ja jongens, wij hebben wel Josquin, Monteverdi, Bach, Mozart, Beethoven, Wagner, Dvorák, Verdi, Schönberg, Ravel en Stravinsky voortgebracht, we zijn ook maar mensen.

Vooral de Oost-Europese landen krijgen door het Songfestival een slechte naam. Sta mij toe aan de hand van een paar Oost-Europese componisten hun imago wat op te poetsen.

Uzejir Hajibejov zal zich omdraaien in zijn graf

Laten we beginnen met Armenië. Toen de zangeres Iveta Mukuchian aan haar lied begon, ging het op sociale media alleen maar over haar uiterlijk (ik heb haar foto als bureaubladachtergrond ingesteld), het liedje was snel vergeten. Nou heeft Armenië inderdaad wel betere muziek voortgebracht. De bekendste componist is Aram Chatsjatoerian (1903-1978), geliefd om zijn balletten (de ‘Sabeldans’ uit Gayane is zijn grootste hit). Chatsjatoerian liet zich inspireren door de rijke volksmuziektraditie. Als je daar een idee van wil krijgen, luister eens naar het Gurdjieff Ensemble. Dat ‘herschept’ de volksmuziek die is verzameld door de Armeense spiritueel leider en componist Georges Gurdjieff (ca. 1866-1949). Hij zette de stukken die hij hoorde om in bladmuziek voor piano, het ensemble voert ze weer op traditionele Armeense instrumenten uit.

Dan het gehate buurland Azerbeidzjan. Ik begreep dat het daar gebruik is de liedjes door gelikte buitenlandse producers te laten schrijven en dat Samra Rahimli’s ‘Miracle’ eigenlijk is gemaakt door een stel Zweden. Dat is een treurige ontwikkeling. Ik weet zeker dat de componist Uzejir Hajibejov (1885-1948) zich omdraait in zijn graf.

En dan moeten we het nog even hebben over het winnende land. Oekraïne won met Jamala’s keelklankenballade ‘1944’. Ook daar komt wel wat beters vandaan, maar in plaats van je met een waslijst aan Oekraïense componisten op te zadelen, zou ik je willen wijzen op het mooiste stuk óver (‘de’) Oekraïne. Geschreven door een Rus.

Ik heb het over de Tweede symfonie van Tsjaikovski (1840-1893), die als bijnaam Klein-Rusland heeft (Klein-Rusland was de benaming voor het Oekraïense gebied in het Russische tsarenrijk). Tsjaikovski schreef het in 1872 op vakantie in Kamianka, midden in het huidige Oekraïne. Hij verwerkte er Oekraïense volksmuziek in. Het is een prachtige ode aan het land. Heel vreedzaam bovendien.