Boer Anubha zag alleen uitweg in de strop

De klimaatverandering begint India pijn te doen. Boeren plegen zelfmoord vanwege de droogte. En als het wel regent, regent het vaak zo hard dat overstromingen veel slachtoffers eisen.

Na de suïcide van haar man bleef Ashwini Laxman Narodi (28) alleen achter met haar zoontjes van nu 4 en 9 jaar. Foto’s Joeri Boom

Midden op de dag, in de blakende zon, ploegt Bhagwat Ram zijn akker. Hij stuurt zijn twee witte ossen met blauw geverfde hoorns behendig over het droge zand. Zo nu en dan gaat hij op de ploeg staan als de grond te hard is voor de botte ploegmessen. Het is een behoorlijk veld, en het zou hem een overvloedige oogst kunnen bezorgen – als het zou regenen. Maar dat doet het niet.

„Al vier jaar heb ik nauwelijks iets verdiend”, vertelt hij. „Vorig jaar mislukte de katoenoogst. Ik twijfel of ik nu gierst zal zaaien. Maar als de regens weer niet komen, is die investering zinloos.” Er is geen water voor de akkers, vertelt hij. Het grondwater is uitgeput. Er is zelfs niet genoeg drinkwater voor de dieren en de mensen. Hij ploegt tegen beter weten in. Vanmorgen was het bewolkt. Als er vannacht regen komt, zal hij zaaigoed kopen. Maar die kans is heel klein.

„Ik heb schulden, bij de bank”, zegt Ram. „Anderen hebben geld geleend van woekeraars omdat de bank geen leningen meer geeft. Om hun families door de droogte heen te slepen. Sommigen in ons dorp drinken pesticiden als ze hun rente niet meer kunnen betalen. Anderen hangen zich op.”

Bhagwat Ram doelt op de golf van zelfdodingen onder de boeren in de westelijke deelstaat Maharashtra. Hier, in het district Beed, sloeg de droogte de afgelopen jaren nog harder toe dan elders in de deelstaat. In Maharashtra maakten volgens cijfers van de overheid vorig jaar ruim 3.200 boeren een einde aan hun leven – waarschijnlijk, hoewel dat niet geregistreerd staat, uit wanhoop.

Droogte én overstromingen

In Pune, de dichtstbijzijnde grote stad, toont meteoroloog P. Guhathakurta van het ministerie van Aardwetenschappen de ene na de andere grafiek op zijn computerscherm.

„Vrijwel overal in India nemen de droge dagen toe”, zegt hij. „Tegelijkertijd zien we dat de dagen met matige tot gemiddelde regenval afnemen. Juist die dagen zijn belangrijk voor de landbouw. In plaats daarvan hebben we steeds meer dagen met extreme tot zeer extreme regenval. Het water dat dan valt, wordt niet opgenomen in de grond. Het vult niet het grondwater aan maar leidt tot rampzalige overstromingen. Dat alles bij elkaar is alarmerend.”

Guhatakurta probeert het zo genuanceerd mogelijk te zeggen, maar zijn boodschap is onmiskenbaar: de klimaatverandering begint India pijn te doen. „Door de temperatuurstijging hebben we steeds vaker te lijden onder extreme weersomstandigheden. Hitterecords worden gebroken, en extreem droge periodes worden soms opgevolgd door ongekend zware regenval.”

Flash floods – overstromingen door plotse hevige regenval – eisen veel slachtoffers. Dat gebeurde onder meer in de noordelijke Himalaya-deelstaat Uttarakhand in de zomer van 2013, waar duizenden mensen verdronken, en afgelopen december in Chennai (het voormalige Madras). De zuideijke miljoenenstad liep onder na de zwaarste buien in honderd jaar. Ze vielen in een maand die normaal gesproken slechts lichte regenval kent, ten koste van honderden mensenlevens.

In Padelsinghi, het dorp van boer Bhagwat Ram, kent iedereen de vervloekte huizen van degenen die zelfmoord pleegden. Na wat rondvragen belanden we bij Nirguna Salinke, weduwe van boer Anubha (48). Een jaar geleden, nadat de officiële, negatieve voorspellingen voor de moesson waren gepubliceerd, dronk hij een liter onkruidbestrijdingsmiddel en stierf kronkelend van de pijn.

„Anubha had een schuld opgebouwd die we onmogelijk kunnen afbetalen, van 600.000 roepie (7.900 euro). Hij is gevlucht voor de schuldeisers. Twee maanden lang was hij verdwenen en nam hij zijn telefoon niet op. We dachten dat hij dood was”, vertelt Nirguna. „Toen hij terugkwam, leek het beter met hem te gaan. We zijn met het hele gezin keihard gaan werken om de schuld af te betalen. Maar toen bleek dat er weer een slechte regentijd zou komen. Dat was te veel voor hem.”

Hoe gek het ook klinkt, weduwe Nirguna (40) heeft nog geluk gehad – zeker in vergelijking met anderen. Na Anubha’s dood stopten de schuldeisers namelijk met hun intimiderende bezoekjes. „We hebben geen rente en aflossingen meer betaald. Ik durf geen contact op te nemen, maar we hopen dat ze de lening voorlopig niet opeisen.”

Ze vond werk in een fabriek in Beed, het hoofdstadje van het district, zo’n twintig kilometer van het dorp verwijderd. Ook daarin was ze fortuinlijk. Bovendien – en dat is een zeldzaamheid – ontving ze wat hulp van de overheid. Die stortte 70.000 roepie (920 euro) op een speciale rekening. „Die mogen we alleen gebruiken voor de opleiding van onze kinderen.” Anubha liet een zoon van twintig en een dochter van dertien na.

Weduwe Ashwini Laxman Narodi (28) trof het slechter. Ze loopt haar schamele huisje in, opgetrokken uit hout en metalen golfplaten. Binnen is het bloedheet. „Daar hing hij.” Ze wijst naar de horizontale metalen balk die het golfplatendak steunt. Haar man Ram Nagar hing zich daar zeven maanden geleden op, naast het enige lampje in het huisje.

In Ashwini’s geval bleven de schuldeisers komen. „Ze komen nog steeds. Ik leef nu onder grote druk. Moet ik zorgen voor mijn kinderen of proberen de lening af te betalen?”

Haar twee zoontjes, vier en negen jaar oud, staan naast haar. De jongste plukt aan haar sari. Het stukje land van het gezin is haar door de schuldeisers ontnomen. Nu leeft ze bij de gratie van boeren uit het dorp die haar voor een dag willen inhuren. Maar door de aanhoudende droogte vindt ze nauwelijks werk.

„We krijgen geen hulp van de overheid. Mijn man was alcoholist. Hij dronk om zijn problemen te vergeten.” De regels zijn onverbiddelijk. Als alcohol in het bloed van een boer wordt aangetroffen die suïcide heeft gepleegd, kan de weduwe geen aanspraak maken op financiële steun – hoeveel jonge kinderen ze ook heeft.

Verdwenen overheidsgeld

„Dit is al het vierde jaar dat we nauwelijks water hebben”, zegt Radha Panduram Shinde. Het is zes uur ’s ochtends, vlak na zonsopgang. Uit pijpleidinkjes in haar straatje stroomt water. Tien tot vijftien minuten, eens in de vier dagen. Vrouwen en mannen – een zeldzaamheid op Indiase platteland – zeulen met metalen potten en jerrycans om maar zo veel mogelijk op te vangen. Het drinkwater komt uit een reservoir buiten het dorp dat wordt gevuld door tankwagens van de overheid en in luttele minuten wordt leeggepompt. „Als de wagens het dorp in komen, breken gevechten uit. Iedereen klimt erop en probeert water te bemachtigen. Zo ging het vorig jaar en het jaar ervoor.”

Terwijl Radha Shinde spreekt, stopt de watertoevoer. Boze mannen en vrouwen verzamelen zich bij een van de nadruppelende leidinkjes. „Een paar tankwagens met water, dat is alles wat we van de overheid krijgen”, zegt Shinde. „Alleen maar loze beloften.”

De regering van premier Modi maakte eind februari bekend dat de investeringen in de landbouwsector worden verhoogd tot 7 miljard euro, met de aanhoudende droogte in het zuiden als voornaamste reden. Er wordt onder meer geïnvesteerd in subsidies aan afzonderlijke boeren, in schuldsanering en irrigatiewerken. Maar, zeggen de boeren in Padelsinghi, dat is niet voor het eerst. Ook de vorige regering, onder leiding van de Congrespartij, stelde uitvoerige hulpprogramma’s op tijdens droge perioden. De boeren zeggen dat ze er niet veel aan hebben gehad.

„Van de overheidshulp bereikt ons niet meer dan een kwart. De rest verdwijnt als smeergeld”, zegt boer Bhagwat Ram, terwijl hij zijn ploegossen in bedwang houdt. „Dat is het spel dat ze met ons spelen.”

Ashok Tangade bevestigt het verhaal van de boer. Hij is coördinator van Jagar Prathishthan, een onafhankelijke organisatie voor vrouwenrechten. Sinds de droogte zet de ngo zich voornamelijk in om boerengezinnen in problemen te steunen. „De regeringen in Delhi hebben de beste bedoelingen, maar veel van het geld komt niet op zijn bestemming.” In 2013 bleek uit inventarisatie dat er 601 onvoltooide irrigatiewerken waren. Daarvan waren 225 al langer dan vijftien jaar onder constructie, en 77 zelfs meer dan dertig jaar. „Wij vinden het opvallend dat intussen een deel van het geld uit Delhi wordt besteed aan snelwegen die we nauwelijks nodig hebben. Irrigatiewerken zijn veel belangrijker, maar in de wegenbouw zijn de mogelijkheden om op lokaal niveau geld weg te sluizen groter.”

‘We kunnen beter onszelf helpen’

In het naburige dorp Wasanwadi hebben de bewoners het heft in eigen hand genomen. De vrouwelijke sarpanch (een soort burgemeester) Chhaya Lahu Jadhan zit een vergadering van boerenvrouwen in kleurige sari’s voor. De vrouwen zitten in een kring in het huis van de sarpanch en bespreken de uitgave van leningen uit het fonds dat ze sinds 2003 hebben opgebouwd met inleg van kleine bedragen door alle deelnemende vrouwen.

Ook in dit dorp is nauwelijks water, maar al jarenlang zijn er geen gevallen van zelfdoding geweest. „We lenen geld aan vrouwen wier man in problemen is gekomen, tegen een rente van maximaal 2 procent”, vertelt sarpanch Jadhan. Dat is veel lager dan de officiële rente van 6,5 procent.

De leningen bedragen maximaal 10.000 roepie (130 euro). Terugbetaling kan in kleine bedragen, van 100 tot 500 roepie per maand. „De ervaring leert dat we beter onszelf kunnen helpen terwijl we wachten op de overheid”, zegt de sarpanch. „De beloften van sommige politici zijn al net zo onbetrouwbaar als het weer.”