Kunnen we het rode potlood eindelijk weer eens opbergen?

Uit de wandelgangen

We gaan wellicht weer elektronisch stemmen. Als de Tweede Kamer het aandurft.

Foto ANP / Jeroen Jumelet

Vijf jaar experimenteren

Gaan we toch weer elektronisch stemmen? Als het aan Tweede Kamerlid Joost Taverne (VVD) ligt wel. De Kamer praat dinsdagavond over zijn initiatiefwet om de komende vijf jaar experimenten met elektronisch stemmen en tellen mogelijk te maken. Het elektronisch stemmen is al jaren een heet hangijzer: in 2009 werd de stemcomputer – voor het eerst gebruikt in 1991 – in de ban gedaan nadat de stichting Wij Vertrouwen Stemcomputers Niet had aangetoond dat de apparaten te gemakkelijk te manipuleren waren. Sindsdien stemmen we weer met het rode potlood.

Stemprinter ‘wel veilig’

De huidige methode deugt in elk geval niet, vindt Taverne. Kiezers vullen het stembiljet verkeerd in, er worden fouten gemaakt bij het handmatig tellen en mensen met een beperking moeten vaak iemand een volmacht geven. De wet van Taverne moet vanaf eind 2017 experimenten met ‘stemprinters’ mogelijk maken: de kiezer print het stembiljet zelf uit, stopt het in de stembus en na afloop worden alle biljetten geteld door een scanner. Gevolg: minder fouten. De veiligheid zou zijn gegarandeerd omdat de printers de stemmen niet opslaan en geen deel uitmaken van een netwerk.

Kamer heeft vragen

Van die veiligheid is nog niet iedereen overtuigd. Een deskundigengroep die werd ingesteld door minister Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA), adviseerde begin deze maand positief over elektronisch tellen, maar noemde elektronisch stemmen een „complexer systeem waar veel risico’s aan kleven”. Kamerlid Fatma Koser Kaya (D66) is positief, maar wil weten of dit systeem „onkraakbaar” is. Rop Gonggrijp, van de stichting tegen stemcomputers, is mordicus tegen nieuwe experimenten. „De risico’s met computers en software zijn per definitie onzichtbaar.”

Taverne hoopt op „lef” van zijn collega’s uit de Tweede Kamer. „Dit is een experiment zonder verplichtingen. Laten we nu gewoon gaan uitproberen.”