Parasiet chinchilla tart biologische grondwet

Een darmparasiet van chinchilla's leeft zonder mitochondriën. Foto iStock

Een darmparasiet van chinchilla’s houdt zich niet aan een biologisch principe dat in steen gebeiteld leek. Donderdag stond het in Current Biology. Het gaat om de regel dat alle cellen met een kern (‘eukaryoten’) een mitochondrion bezitten, of ten minste iets dergelijks. Dat is onder biologen een kwestie.

Mitochondria zijn de celorganen die de energie leveren van eukaryote cellen: eencelligen, planten, schimmels en dieren. Het mitochondrion ontstond 1,5 à 2 miljard jaar geleden uit een in de cel opgeslokte bacterie. Het celorgaan, met de energie die het levert, was blijkbaar de motor voor het ontstaan van complex leven op aarde – anders zouden er wel eukaryote organismen zonder mitochondriën zijn.

En die zijn nooit gevonden. Hooguit zijn er een paar organismen (vooral eencellige parasieten) die hun mitochondrion bijna onherkenbaar hebben verbouwd tot iets anders. Zo bleef het spannend of er toch een eukaryote cel bestond zónder mitochondria of afgeleiden.

Maar nu is er toch zo’n cel gevonden: een eencellige darmparasiet genaamd Monocercomonoides. In zijn DNA is geen enkel spoor van mitochondriën te vinden. Maar, waarschuwen de auteurs: de theorie over de evolutie van eukaryoten blijft toch overeind. De chinchillaparasiet is namelijk familie van andere mitochondrionverlaters – hij ging alleen een stukje verder.