Alles is nu geoorloofd in de Brexit-campagne

Verenigd Koninkrijk Boris Johnson bracht zondag voorstanders van de EU in verband met Hitler. De toon wordt schril in de aanloop naar het Brexit-referendum.

Oud-burgemeester van Londen Boris Johnson, hier met eenCornish pasty, voert de facto de Brexit-campagne aan. Foto Darren Staples/Reuters

Nog vijf weken tot de Britten stemmen over hun EU-lidmaatschap, en de campagne is schril en bitter geworden.

Zondag uitte Boris Johnson, oud-burgemeester van Londen en de facto de leider van de Brexit-campagne, de beschuldiging dat net als „Napoleon, Hitler en andere mensen” voorstanders van de Europese Unie de „gouden eeuw van de Romeinen” willen herscheppen door het continent te verenigen. „Dat eindigt tragisch”, zei Johnson in een interview met The Sunday Telegraph.

Hij erkent dat de EU een „poging is dat met andere methodes te doen”, maar riep tegelijkertijd de Britten op „de helden van Europa” te zijn: „Het is tijd voor iemand – en in de Europese geschiedenis zijn dat bijna altijd de Britten – te zeggen: ‘We denken dat er een andere aanpak nodig is.’” Johnson verwees daarmee naar de Tweede Wereldoorlog, voor veel Britten nog altijd hun finest hour, toen zij standhielden tegen de nazi’s.

Voorstanders van het EU-lidmaatschap noemden Johnsons opmerkingen „diep kwetsend”. „De Brexit-campagne heeft het economische argument verloren, nu verliest het zijn morele kompas”, zei schaduwminister van Buitenlandse Zaken Hilary Benn.

Johnson is alleen niet de eerste die teruggrijpt op de Tweede Wereldoorlog. Vorige week waarschuwde premier David Cameron dat een Brexit de vrede in Europa in gevaar brengt: „Iedere keer dat wij Europa de rug toekeren, krijgen we spijt. We moesten altijd bijspringen, en altijd tegen een hogere prijs.” De Stronger In-campagne publiceerde een video waarin veteranen oproepen tegen een Brexit.

Johnsons opmerkingen weerspiegelen ten tweede een heersend Brits beeld: dat Duitsland Europa wil domineren. Dat gevoel is de laatste jaren gegroeid door de rol die Duitsland zowel in de eurocrisis als in de vluchtelingencrisis op zich nam. In beide gevallen staan de Britten aan de zijlijn: ze doen mee aan de euro noch aan het Europese asielbeleid.

In dat licht moet ook de voorpagina van The Sun van vorige week dinsdag worden gezien. Die beeldde Cameron af als marionet van de Duitse bondskanselier Merkel. De Britse premier zou op last van Merkel de tekst van een toespraak over immigratie hebben veranderd.

In het interview zegt Johnson ook dat de euro „een middel is geworden waardoor superieure Duitse productiviteit een absoluut onverslaanbaar voordeel heeft weten te krijgen”. „De Italianen, die eens een grootse autoproducerende macht waren, zijn volledig vernietigd door de euro – zoals was bedoeld door de Duitsers.”

Zijn uitspraken zullen Johnsons populariteit onder de Britten waarschijnlijk niet beschadigen. Hem worden faux pas snel vergeven. Zondag bleek uit een peiling van ComRes bovendien dat 45 procent van de kiezers vertrouwen heeft dat hij de waarheid over Europa vertelt. Slechts 21 procent zegt hetzelfde over Cameron.

Johnsons kansen om premier te worden, zijn wel geslonken. Cameron stapt in 2020 op. Als het land op 23 juni voor een Brexit kiest, zal hij onder druk komen om eerder te vertrekken. Johnson is de frontrunner. Maar collega’s – en die kiezen Camerons opvolger – zullen in het gebruik van het ‘H-woord’ een teken zien dat Johnson niet premierfähig is.