Wat voor keuzes maakt een filmmonteur?

Filmmonteur Tony Zhou maakte een film over wat er zich afspeelt in de montageruimte.

Op de set van de Nederlandse film Hartenstraat. ANP / Koen van Weel

Een film is nog lang niet af nadat de acteurs zich hebben uitgesloofd voor de camera’s. Daarna mag een filmmonteur uit de brei videobeelden nog een bioscoopwaardig eindproduct maken. Filmmaker Tony Zhou legt uit hoe dit proces werkt in zijn korte film How Does an Editor Think and Feel? .

Goede acteurs begrijpen volgens Zhou dat je meer kan overbrengen door je ogen, dan door dialoog. Wat er zich in de ogen van de acteurs afspeelt, is dan ook heel belangrijk voor filmmonteurs. Verder stipt hij het belang van een ritme in een scène aan. Soms is dat duidelijk te vinden, zoals bij actiescènes. Andere keren is er een subtiel ritme, bijvoorbeeld door langslopende mensen. Hij noemt monteren net dansen. “Je kan er alleen maar goed in worden, door het vaak te oefenen.”

Vaak gaat het monteren van scènes via vaste patronen, maar soms speelt een filmmonteur expres met onlogische cuts. Zhou vertelt dat de filmmonteur het publiek expres oncomfortabel liet voelen bij Taxi Driver, door langzaam in te zoomen op een bruisend glas water.

In de korte film van Zhou komen verschillende filmmonteurs aan het woord, zoals Michael Kahn, die Jurrasic Park monteerde. Hij zegt dat hij het vooral van zijn gevoel moet hebben. “Niet staat het monteerproces zo in de weg als gedachtes.”

Bekijk de film over monteren:

How Does an Editor Think and Feel? from Tony Zhou on Vimeo.

Eerder deze maand vertelde de Vlaamse filmmonteur Nico Leunen in NRC over de keuzes die hij maakt achter de montageset. Hij monteerde onder andere het voor een Oscar genomineerde The Broken Circle Breakdown (2012). Volgens hem is het een kwestie van maandenlang overleggen met de regisseur wat wel, en wat niet essentieel is aan het verhaal. Zijn beslissingen over hoe lang je welke acteur ziet tijdens een afscheidsscène, maken “het verschil tussen een tranentrekker en geslaagd drama”. Leunen:

“Soms begin je met 20 uur film, soms met 132 uur. Als je uit zoveel materiaal een speelfilm moet maken, is van elke anderhalve minuut dus één seconde bruikbaar.”

Lees het interview met Leunen: Maanden achter het scherm