Overleven in een Middeleeuwse fantasiewereld

Bezoekers aan de Grijze Jager-dag in het Archeon in Alphen aan de Rijn. Foto: David van Dam

Meer dan anderhalf miljoen boeken van de Grijze Jager-reeks zijn er al verkocht in Nederland. Zondag verzamelden drieduizend jonge fans zich om zelf boog en zwaard ter hand te nemen.

Bij de zoveelste spreekbeurt over een Grijze Jager-boek was de juf van Manou (10) er wel een beetje klaar mee. Even geen boeken meer uit de populaire reeks. Bijna alle dertien delen waren al door leerlingen besproken, de avonturen van de jonge hoofdpersoon Will en zijn leermeester Halt tot in detail uitgelegd. De hele klas verslond de boeken en presenteerde keer op keer over een ander deel. Toen was het even genoeg. “Nu mag het eigenlijk niet meer”, vertelt Manou. “Het werd anders echt te veel hetzelfde.”
 
Wie jonge kinderen heeft, kan het moeilijk zijn ontgaan: de Grijze Jager-reeks van de Australische schrijver John Flanagan is immens populair in ons land. Al enkele jaren behoren de boeken uit de dertiendelige serie tot de bestverkochte kinderboeken in Nederland, net zoals de vijfdelige spin-off Broederband. De avonturen van het met pijl en boog bewapende weeskind Will, die moet overleven in een Middeleeuws getinte fantasiewereld, spreken een brede groep aan. In Nederland en Vlaanderen gingen tot vorig jaar anderhalf miljoen exemplaren over de toonbank—de hoogste verkoopcijfers na Australië en de VS.

Archeon

Reden genoeg dus om in het Archeon zondag de zesde Grijze Jager-dag te vieren. Voor één dag ligt het mysterieuze land Araluen middenin in een Alphense woonwijk. Zo’n drieduizend fans kwamen op het evenement af, vaak uitgedost in Middeleeuwse klederdracht. Dit jaar zonder John Flanagan himself. “Vorig jaar was hij er wel”, vertelt Jet Huigsloot van Uitgeverij Gottmer, waar de reeks verschijnt. “Dan maken we er altijd twee dagen van. En dan nog kan niet iedereen een handtekening krijgen.”
 

Maar ook zonder de aanwezigheid van de schrijver zijn de fans enthousiast. In groten getale doen de jongens en meiden vandaag mee met boogschieten, zwaardvechten, vuur maken en boeken kopen. Aan een picknicktafel naast het Romeinse badhuis zit Tieme (12). Zijn ouders verrasten hem en zijn broer en zus door helemaal vanuit Antwerpen te komen. De dag overslaan was echt geen optie. “Ik heb alle boeken zes keer gelezen”, vertelt hij enthousiast.
 
De Grijze Jager-dag van 2015:

Maar waarom is de reeks eigenlijk precies hier zo populair? “Er is volgens mij niet zoveel aanbod van dit soort boeken in Nederland”, vertelt Ard Doornhein, die er zondag met zijn twee zoons is. De Grijze Jager lijkt gewoon als eerste de vraag te vervullen naar een modern geschreven historische reeks. Ook vader Martin Blokland ziet daar een oorzaak. “Misschien is het niet per se goed, maar gewoon het enige.” Hoe het ook zij, de fans maakt het allemaal weinig uit. Zijn dochter Mirthe (11): “De boeken zijn gewoon heel spannend.”

Een tweederangs vervanger?

Geen Flanagan betekent niet dat er vandaag geen schrijver is. De organisatie heeft deze keer de Canadese Matthew Jobin geregeld, auteur van de nieuwe reeks De Nedergrim. Een tweederangs vervanger? Wellicht, maar ook hij krijgt de zaal goed vol. Pijlkokers steken boven de hoofden uit, enthousiaste kinderen stellen veel vragen in goed Engels. De Nedergrim lijkt een van het handjevol reeksen dat het in de voetsporen van de Grijze Jager ook goed doet. “Is Findrick echt dood?” vraagt een jongen met een verwachtingsvolle blik in zijn ogen. Jobin lacht. “Daar zeg ik niks over!” Als hij aankondigt nog vele boeken te willen schrijven, gaat er een zucht van opluchting door de zaal. Ouders knikken mee.
 
Volgend jaar wel weer met Flanagan? Wie weet. Maar het zijn altijd intensieve dagen voor de schrijver, en hij wordt volgende week al 72. Als hij door het park loopt wordt hij meegesleept. Moet hij ergens snel heen, dan doet hij zijn capuchon op. “Maar hij vindt het allemaal prachtig”, vertelt Huigsloot van Gottmer. “De eerste keer zaten we na afloop van de dag met elkaar wat te eten toen hij nog een speech gaf. Toen was de oude man echt in tranen.”