Vicepresident: er komt geen referendum in Venezuela

Venezuela kent een enorme economische crisis. Zo’n 70 procent van de Venezolanen zou af willen van de linkse president.

Vrouwen scanderen tegen de regering van president Maduro in Caracas. Foto Ariana Cubillos / AFP

Volgens de vicepresident van Venezuela Aristóbulo Istúriz komt er geen referendum over de afzettingsprocedure van de socialistische president Nicolás Maduro. Dat zei hij zondag op nationale televisie, meldt AFP. De oppositie had om zo’n referendum gevraagd en verzamelde bijna twee miljoen handtekeningen.

“Maduro zal niet aftreden na een referendum, want er komt geen referendum. (…) De oppositie weet dat, omdat ze er te laat mee zijn, te slecht hebben voorbereid en bovendien fraude mee hebben gepleegd.”

Eerder zei president Maduro nog dat hij een referendum toestaat als de 1,85 miljoen handtekeningen geldig blijken te zijn en daarop nog eens vier miljoen handtekeningen worden verzameld. Volgens een recente opiniepeiling wil 70 procent van de Venezolanen af van de linkse Maduro, die het land bestuurt sinds de dood van de populistische Hugo Chávez in 2013. Venezuela heeft 31 miljoen inwoners.

Lees meer over de petitie: Venezolanen willen af van Maduro

Economische crisis

De Venezolaanse president ligt al lang onder vuur vanwege zijn autoritaire optreden en de economische crisis in het land. De inflatie is torenhoog. Het IMF verwacht dat deze zal stijgen naar 720 procent dit jaar. De Venezolanen staan dagelijks in de rij voor voedsel. Ook medicijnen zijn schaars.

Daarnaast is er een groot tekort aan energie. Maduro voerde noodmaatregelen in, zoals het verkorten van de werkweek, regelmatige onderbrekingen van de stroomvoorziening en zelfs de tijdzone werd aangepast zodat het ‘s avonds langer licht is. Ook riep hij vrouwen op alleen voor speciale gelegenheden hun haar te föhnen.

De economische crisis wordt deels veroorzaakt door de dalende olieprijzen, maar critici betichten de president ook van wanbeleid. Maduro houdt het op “buitenlandse agressie”. De Verenigde Staten zou een economische oorlog voeren met het land. De vicepresident herhaalde dat zondag nog eens.

Dit weekend dreigde Maduro met inbeslagname van fabrieken die niet in werking zijn om de economie te stimuleren. Vrijdag verlengde de president de economische noodtoestand. De noodtoestand blijft nog eens zestig dagen van kracht.

Dat het volk af wil van Maduro bleek vorig jaar al bij de parlementsverkiezingen, toen de oppositie glansrijk won. Maduro ging wel in de tegenaanval door regeringsgezinde rechters aan te stellen en drie parlementsleden niet te installeren wegens vermeende verkiezingsfraude, waardoor de oppositie haar tweederdemeerderheid in het parlement verloor.