Ze maakte de wereld een stukje schever

De Britse schrijfster Jenny Diski (1947-2016) brak nooit echt door, ondanks haar dwarse stijl en bijtende humor. Veel van haar romans gaan over gekte en depressie.

De kans dat de vorige maand aan longkanker overleden Britse schrijfster Jenny Diski aan de hemelpoort erg hartelijk zal worden ontvangen is klein. God zal vast niet zijn vergeten dat deze schrijfster in 2001 de roman Only Human. A Divine Comedy schreef waarin ze Hem met veel humor portretteerde als een chagrijnige Almachtige die op de wereld neerkijkt om te zien dat bijna niemand enige behoefte aan Hem heeft. De mensen hebben genoeg aan verbeelding, en als God ergens een hekel heeft dan is het wel aan verbeelding.

Jenny Diski (Londen, 1947), auteur van acht romans, drie reisboeken en twee essaybundels, is nooit erg bekend geworden. Ten onrechte vindt haar Nederlandse uitgever Emile Brugman. Hij liet haar debuut Nothing Natural (1986) vertalen voor De Arbeiderspers. „Dat boek gaat over een sm-relatie. Hoewel dat niet direct een thema is dat me aanspreekt, was ik toen ik dit las onder de indruk. Het is zo totaal anders gedaan dan gebruikelijk, met zoveel inlevingsvermogen. Ze heeft in deze roman, maar eigenlijk in al haar werk, een eigenzinnige kijk op de mens. Wanneer je haar boeken hebt gelezen staat de wereld een stukje schever. Wat mij betreft is ze een van de topauteurs, alleen is ze nooit echt doorgebroken in haar eigen land, en ook niet in Nederland.”

Haar dood kwam niet onverwacht: in 2014 werd bij Diski inoperabele longkanker geconstateerd. Vanaf dat moment hield ze voor de London Review of Books een dagboek bij waarin ze schreef over haar omgang met de ziekte. Vorige week verscheen de bundeling van die dagboeken onder de titel In Gratitude. „The future flashed before my eyes in all its pre-ordained banality”, begint het. In verschillende reisboeken had ze ooit al wel grappen gemaakt over haar rokerslongen, die haar parten speelden wanneer ze een lange wandeling maakte op het Engelse platteland. Brugman: „Die dagboeken waren prachtig. Veel mensen zeiden dat ze zo bijzonder waren, maar dat geldt eigenlijk voor al haar werk: dwars en met bijtende humor.”

De romans van Diski gaan vaak over depressie en gekte, waarvan de basis in haar jeugd is terug te vinden. Met twee suïcidale ouders zat ze zelf ook vaak in psychiatrische klinieken. Dolend door, en zich onwelkom voelend in het leven, maakte ze op vijftienjarige leeftijd kennis met Doris Lessing.

Lessings zoon had zijn moeder verteld over Diski’s leefomstandigheden, waarna ze Diski een brief stuurde met de mededeling dat haar huis groot genoeg was voor een extra bewoner. In 1963 trok Diski inderdaad bij haar in, zich nu verzekerd wetend van bed, eten en aandacht. En de kiem van haar schrijverschap is hier gelegd. „Doris Lessing redde me”, gaf Diski zelf vaak aan, en, zo schreef ze in 2014 in The Guardian: „Doris Lessing heeft me geleerd te schrijven. Niet dat ik schrijflessen kreeg, maar ik ontdekte dat een schrijver zijn betekende: getting on with it.” Niet alleen in de romans werd haar jeugd verwerkt, ook in het reisboek Skating to Antarctica – over een zoektocht naar eindeloze witte vergetelheid – deed ze verslag van haar jeugd.

Toen hij las over haar dood, kwam bij Auke Leistra meteen het reisboek Vreemdeling in een trein boven, dat hij in 2005 vertaalde. Leistra: „Ik moest denken aan een passage die zich op een boot afspeelde (gek genoeg kan ik me, de titel ten spijt, een trein niet eens herinneren). Ze voeren op de oceaan, het was geloof ik een vrachtboot met enkele passagiers aan boord. Via moderne communicatiemiddelen bereikte hun het bericht dat er iemand was overleden. Wat mij trof, was wat ze schreef over de condoleances die haar ten deel vielen. Sommige zeelui drukten haar de hand zonder iets te zeggen, wat indruk op haar maakte. En kennelijk ook op mij, want het is al die jaren bij mij blijven hangen. Intussen heb ik me natuurlijk afgevraagd waarom uitgerekend die matrozen me dan zijn bijgebleven. Een reden zal ongetwijfeld zijn dat je de hele dag niks anders doet dan woorden tot je nemen, herkauwen en in een andere taal omzetten, en dan komen die ruwe zeebonken er opeens tussendoor zeilen en maken met hun woordenloosheid de meeste indruk.”

Jenny Diski is 68 jaar geworden.