Rusland ziet complot in dopingschandaal Sotsji

The New York Times onthulde dat veel Russische medailles in Sotsji wel eens te danken kunnen zijn aan doping. ‘Laster van een overloper’, aldus het Kremlin.

De Russische delegatie tijdens de openingsceremonie van de paralympische Winterspelen in Sotsji, 2014. Foto Reuters

Dachten de autoriteiten in Rusland het net wat rustiger te hebben op het dopingfront, worden er plotseling op één dag maar liefst twee nieuwe dopingfronten tegelijkertijd geopend. En dat ook nog eens vijf weken voordat bekend wordt of de Russische atletiekploeg al dan niet mag meedoen aan de Olympische Zomerspelen in Rio de Janeiro.

Dat kan geen toeval zijn en is het ook niet, zeggen functionarissen in Moskou. De overeenkomst tussen beide fronten is volgens hen dat de buitenwereld er de hand in heeft: de Amerikaanse krant The New York Times en de wereldvoetbalbond FIFA.

Donderdag onthulde The New York Times dat een groot aantal Russische medailles bij de Winterspelen van 2014 in Sotsji wel eens te danken kunnen zijn aan stimulerende middelen. De krant baseert zich op uitlatingen van Grigori Rodtsjenkov, ex-directeur van het belangrijkste Russische anti-dopinglaboratorium. Hij vertelt de krant hoe in de aanloop naar de Spelen in Sotsji ’s nachts urinemonsters werden omgewisseld zodat de topsporters schoon uit de test kwamen. Ook de Russische inlichtingendienst FSB zou erbij betrokken zijn geweest.

Bijna tegelijkertijd liet de FIFA alle voetballers uit het elftal van Rostov, dat in Chimki bij Moskou een uitwedstrijd tegen Dinamo speelde, na afloop testen op meldonium. De FIFA koestert wantrouwen omdat de club uit het zuiden van het land dit seizoen opmerkelijk goed presteert.

‘Laster van een overloper’

Voor beide gebeurtenissen had de regering een dag later geen goed woord over. Kremlin-woordvoerder Dmitri Peskov was vrijdag kort van stof. „Laster van een overloper”, zei de perssecretaris van president Vladimir Poetin over de aantijgingen van de Russische dopingcontroleur in The New York Times. Nadat het mondiale dopingagentschap WADA hem begin november ervan beschuldigde een centrale rol te hebben gespeeld in het structurele Russische dopingbedrog, werd hij in Moskou ontslagen en vluchtte hij vervolgens naar de Verenigde Staten. Hij was dus de spin in het web van de fraude, die hij nu zelf onthult. Peskov deed de geloofwaardigheid van Rodtsjenkov af met de woorden: „Bedenkingen van een man die zelf gegriefd is. Een gebelgd mens kan van alles zeggen”.

Ook de onderminister van Sport liet zich zo uit. Rodtsjenkov zou handelen uit wraak, niet alleen jegens de Russische dopinginstituties maar ook richting de WADA „We hoeven ons nergens voor te verontschuldigen. Er bestond geen dopingprogramma”, aldus minister Joeri Nagornych.

Mogelijk hebben zowel Peskov als Nagornych enige aanleiding om de geloofwaardigheid van de getuige in twijfel te trekken. De suggestie dat de 58-jarige Rodtsjenkov een gekweld en wrokkig mens is, werd vrijdagmiddag in ieder geval nader ingekleurd met persberichten over een mogelijk crimineel en psychiatrisch verleden van de ‘overloper’.

Volgens de televisiezender 360 Voorsteden Moskou zou de directeur van het dopinglaboratorium aan het hoofd hebben gestaan van grootscheepse illegale handel in dopingpreparaten. Die handel werd bestierd door zijn zuster Marina, in de jaren tachtig succesvolle atleet op niet-olympische nummers. In februari 2011 werd er in een onderzoek naar deze dopinghandel huiszoeking gedaan bij Grigori Rodtsjenkov, zo berichtte tv-kanaal 360. Marina moest anderhalf jaar zitten om die dopinghandel. Grigori ging vrijuit omdat hij er volgens 360 in zou zijn geslaagd de potentiële strafzaak via „corrupte contacten” te laten doodbloeden.

Rodtsjenkov kampte daarna met zoveel stress dat hij tot maart 2012 enkele keren zou zijn opgenomen in een psychiatrische inrichting wegens een „schizotypische persoonlijkheidsstoornis”. Voor discretie was even geen plaats na de onthulling in The New York Times, die wellicht wordt vervolgd door een getuigenis van Rodtsjenko voor het Internationaal Olympisch Comité (IOC).

De massale dopingcontrole na Dinamo-Rostov (1-3) valt daarbij in het niet. Toch noemde minister Vitali Moetko van Sport de flitsactie van de FIFA een „absoluut uit de duim gezogen zaak”. Het was volgens hem geen toeval dat de FIFA juist nu geruchten en verdenkingen tegen Rostov wilde uitzoeken. Momenteel is er een FIFA-congres gaande, waar Moetko zelf overigens niet is. „Geruchten zijn geen perspectief voor dopingbeleid". De FIFA wil kennelijk totale controle in Rusland, vooral omdat daar in 2018 het WK wordt gehouden.

Ook de federale recherche, het zogeheten Onderzoekscomité dat alle grote strafzaken doet en qua macht vergelijkbaar is met de openbare aanklager van het Openbaar Ministerie, liet zich vrijdag gelden. Woordvoerder Vladimir Markin bagatelliseerde de toestand niet met verwijzingen naar een ‘gekkenhuis’, zoals het snel op de sociale media heette. Markin politiseerde de onthullingen van Rodtsjenko voluit. The New York Times en de andere westerse journalisten hebben maar één doel: „Rusland en de sport in diskrediet brengen”.