Column

Dickie

José Mourinho zou zich diep beledigd hebben gevoeld als hij gevraagd was als assistent van de Portugese bondscoach Fernando Santos. Als in een opera zou hij zijn gekwetstheid uitschreeuwen in urenlange lamento’s. Fabio Capello op de Italiaanse bank als hulpje van bondscoach Antonio Conte? Van de dug-out bleef alleen nog brandhout over. Van Louis van Gaal weten we zeker dat hij zou ontploffen na het schunnige voorstel assistent-bondscoach van Oranje te worden. De koningen van de zijlijn zijn prestigejunks.

Dick Advocaat hoort tot de happy few van het trainersgild. Een naam als een klok, alom gerespecteerd en bewonderd. Op zijn 68ste kan hij terugkijken op een carrière uit de duizend. Zijn pensioen was dubbel en dik verdiend, maar de wegen van Dick zijn ondoorgrondelijk. De pensionado keert terug naar het veld als assistent-bondscoach van Danny Blind, naast Marco van Basten. Zijn nieuwe dienstverband bij de KNVB gaat onmiddellijk in.

Eerst denk je aan een coup de théâtre. Dick die naast een wisselspeler staat te drentelen terwijl zijn baas Blind lichtjes gestrekt achterover leunt – een vloek. Maar dan hoor je dat de Hagenaar dolgelukkig is met zijn nieuwe functie en voor geen cent hiërarchische pijn voelt. Het perspectief weer op het veld te mogen staan heeft hem zelfs bevrijd uit het trauma van een ouwe dag zonder voetbal.

Advocaat is weer verinnerlijkt met zijn echte heimat.

Oranje mag blij zijn: het heeft weer een gezicht.

Dat de nederigheid van Advocaat gemeend is, bewees hij al bij Feyenoord als adviseur in de schaduw van Giovanni van Bronckhorst. De ervaringsdeskundige hield zich scrupuleus aan de regels van de anonimiteit. Als assistent-bondscoach lukt dat niet meer. In de nabijheid van de bal wordt Dick een andere man. Ineens is hij opgezadeld met een schietstoel en niemand is nog in staat hem tegen te houden in zijn caramboles van commentaar en verontwaardiging. Als een atoom op korte beentjes bespeelt hij de lijn. Als je Dick niet vastbindt, gaat hij een paar keer vliegen in de hitte van de strijd.

De bondscoach weet ook dat je een man van 68 niet meer verandert. Danny Blind accepteert dus het motorische geweld van zijn assistent dat schril zal afsteken tegen zijn verdroomde surplace tijdens wedstrijden. Het beeld zal ontstaan van een vuursteen, omringd door twee zwijgende mannen met ingevroren gemoed. Anderzijds is Advocaat niet te beroerd om de bondscoach bijtijds een drinkbus aan te reiken. In hoffelijkheid is hij José Mourinho ver vooruit.

Zou het ooit ergens in de wereld zijn voorgekomen dat een man die in zijn land twee keer bondscoach is geweest en daarnaast in het buitenland ook nog een geweldig palmares heeft verzameld in zijn levensavond op een krukje in de dug-out plaatsneemt als assistent? Er valt mij geen precedent te binnen.

De aanstelling van Dick Advocaat is een ode aan de liefde voor het voetbal. Hij kan niet zonder. Zonder Oranje was hij de komende jaren toch weer gaan dolen in een of ander voetballand, ver van huis. Weer voor maanden een hotel in om op lege avonden zwaarmoedig aan te hikken tegen BVN. De KNVB heeft Dick gered en de Hagenaar redt de kwalificatie van Oranje voor het WK met zijn ervaring, lef en slimmigheidjes.

Ik was hem al gaan missen, de kleine generaal met die immer dubbel geknoopte sjaal en iets te lange regenjas. De man ook met ogen waarin altijd een sluier vocht ligt, zelfs als het zomer is.

Welkom meneer Advocaat, en van harte gefeliciteerd.