ASR op moeilijk moment naar de beurs

Terwijl verzekeraars het moeilijk hebben, brengt de staat nog voor de zomer ASR naar de beurs.

Financieel directeur Chris Figee (links) en bestuursvoorzitterJos Baeten van ASR. Foto Koen van Weel/ANP

Het wordt lekker overzichtelijk voor minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA). De verzameling banken en verzekeraars waarvan de overheid tijdens de financiële crisis noodgedwongen eigenaar werd, krimpt in snel tempo. Vrijdag maakte de minister bekend dat hij binnenkort begint met de verkoop van ASR. De Utrechtse verzekeraar, die in 2008 als ‘bijvangst’ in handen kwam van de staat bij de nationalisatie van Fortis, moet voor de zomer als het even kan naar de beurs gaan.

Eind vorig jaar begon de overheid al met de verkoop van ABN Amro. Van die bank zijn inmiddels een kwart van de aandelen beursgenoteerd. Als de beursgang van ASR voorspoedig verloopt, dan is het plan om ook SNS Bank op korte termijn te privatiseren. SNS Bank is de bankenpoot van het in 2013 genationaliseerde SNS Reaal. De verzekeringstak, Reaal (inmiddels omgedoopt tot Vivat), is halverwege vorig jaar al verkocht aan de Chinese verzekeringsreus Anbang.

Kortom, Dijsselbloem maakt vaart. Maar hij heeft er dan ook nooit een geheim van gemaakt dat hij vindt dat de genationaliseerde banken en verzekeraars niet in staatshanden horen. Dat is slecht voor de concurrentie. De Europese Commissie legt strenge eisen op aan bedrijven die staatssteun krijgen. Zij mogen bijvoorbeeld niet stunten met prijzen. Dat zou oneerlijk zijn tegenover de bedrijven die geen steun hebben ontvangen.

Plus: het staat mooi op zijn lijstje van verdiensten. Dijsselbloem kan zo de geschiedenisboeken in als de minister die de pijnlijke erfenis van een van zijn voorgangers ongedaan maakt. Het was voormalig minister Wouter Bos, ook van de PvdA, onder wiens leiding in 2008 de meeste financiële instellingen genationaliseerd moesten worden. Dat kostte miljarden euro’s belastinggeld, die waarschijnlijk nooit helemaal worden terugbetaald.

Verheugd

Het kabinet is dus verheugd dat de tijd rijp is om ASR te verkopen. En ook de verzekeraar is blij. Topman Jos Baeten van ASR (met 2,2 miljoen klanten de vierde verzekeraar van Nederland) heeft publiekelijk altijd benadrukt dat de beslissing om terug te keren naar ‘de vrije markt’ niet aan hem was, maar aan de minister. Maar dat hij stond te popelen was een publiek geheim. Ook hij denkt dat het voor iedereen beter is als ASR weer een private instelling is. En dat de verzekeraar beter af is zonder de overheid als eigenaar.

Hoe voorspoedig de verkoop gaat lopen, blijkt binnenkort. Binnen enkele weken verschijnt naar verwachting het prospectus met informatie voor beleggers. Daarin zal de datum staan, alsook de beoogde prijs per aandeel. Het kabinet kan de beursgang nog uitstellen, als er bijvoorbeeld iets gebeurt waardoor die in gevaar kan komen (zoals een crash op de beurzen).

Bij de beursgang zal nog niet meteen duidelijk zijn of de staat verlies lijdt op de verkoop, of dat er mogelijk nog een winst(je) wordt behaald. De staat brengt eerst één stuk van ASR naar de beurs en later de andere delen. Hoeveel aandelen er worden verkocht, moet ook nog duidelijk worden. Net zoals hoe lang Dijsselbloem er in totaal voor wil uittrekken. De boekwaarde van ASR bedraagt 3,2 miljard euro. De nationalisatie heeft 3,7 miljard euro gekost.

De verkoop vindt plaats onder een ongelukkig gesternte. Voor verzekeraars zijn het moeilijke tijden. Er dreigen miljardenclaims wegens de woekerpolissaffaire. Verzekeraars hebben in de jaren negentig vrijwel allemaal talloze polissen aan klanten verkocht met te hoge en soms verborgen kosten. Ook ASR riskeert claims.

Zowel de levensverzekeringsmarkt als die voor schadeverzekeringen – twee markten waarop ASR actief is – zijn geen gemakkelijke. Mede als gevolg van de woekerpolisaffaire worden er nauwelijks nog nieuwe levensverzekeringen verkocht. In de schademarkt is de concurrentie groot en zijn de marges dus klein. De Nederlandsche Bank (DNB) maakt zich al langer zorgen over de verdienmodellen van (levens)verzekeraars. DNB meent dat de toekomstbestendigheid van verzekeraars in het algemeen onvoldoende is.

En dan is er nog de extreem lage rente. Die maakt het zeer moeilijk om fatsoenlijke rendementen te behalen op de premies van klanten die worden belegd. Dat is een risico voor het nakomen van uitkeringsbeloftes in de toekomst. Niemand die weet hoe lang die uitzonderlijke omstandigheden aanhouden – het helpt niet dat centrale banken die rente kunstmatig laag houden, in een poging de zwakke economie te stimuleren. Maar hoe langer het duurt, hoe ingewikkelder het wordt.

Goed voor ASR is dat het bedrijf altijd vrij voorzichtig heeft geopereerd. En dat het er financieel solide voor lijkt te staan. De kapitaalbuffers, bedoeld om schokken op te vangen, behoren tot de hogere in de sector. En ASR hanteert bij het berekenen daarvan een conservatievere methode dan andere verzekeraars. Als ASR de minder strenge methode zou gebruiken, zou het nog hogere buffers hebben. Vorig jaar behaalde het bedrijf een winst van 601 miljoen euro.

Gratis geld

Ook dankzij de grote hoeveelheden ‘gratis’ geld waarover beleggers beschikken (dankzij de lage rente) zal het eerste pakket aandelen van ASR wel vlug over de toonbank gaan. Dat zag je ook bij ABN Amro. Ondanks de ook voor banken lastige omstandigheden, was er meer vraag dan er aandelen te koop werden aangeboden. Beleggers zoeken rendement.

Maar tegelijkertijd kunnen beleggers ook razendsnel hun aandelen weer dumpen, en dat leidt tot grillige koersbewegingen. Vorige zomer gebeurde dat bij Delta Lloyd en Aegon. De beurskoersen klapten toen plotseling keihard in. Aegon had deze week een déjà vu. Na de publicatie van de kwartaalcijfers stortte de koers in met meer dan 10 procent.

De boosdoener: het nieuwe, Europese toezichtsregime voor verzekeraars dat sinds begin dit jaar geldt (Solvency II, voor de liefhebbers). Dat regime is bedoeld om verzekeraars schokbestendiger te maken, en om een beter inzicht te bieden in hoe solide zij er voor staan. Maar voor verzekeraars en beleggers is het ook een bron van onzekerheid. De buffers schommelen nogal eens onder de nieuwe rekenregels en beleggers zijn beducht voor al te lage niveaus. Als de buffers te laag worden, kan een verzekeraar besluiten om (tijdelijk) geen dividend meer uit te keren.

Wat een veilig niveau is, lijkt nog geen uitgemaakte zaak onder het nieuwe regime, en lijkt te verschillen per verzekeraar. Toen Aegon zijn cijfers publiceerde, bleken de buffers slechts licht gedaald ten opzichte van een paar maanden eerder. Toen was er nog geen vuiltje aan de lucht.

Met die werkelijkheid krijgt ASR ook te maken. Zijn buffers zijn hoger dan die van veel concurrenten. Als het beursgenoteerd is, zal snel duidelijk worden hoe comfortabel beleggers zich daarbij voelen.