Warme Noordpool is probleem voor hongerige kanoet

Kanoeten die als kuiken bij de Noordpool voedsel mislopen door een te warm klimaat, kunnen later in de tropen ook niet bij hun eten.

Foto iStock

Door de opwarming van het Noordpoolgebied komen kanoeten daar voedsel tekort, maar de vogels ondervinden de gevolgen daarvan pas als ze Afrika bereiken. Op tropische wadden komen de snavels van ondervoede vogels lengte tekort om bij de diepste schelpen in het zand te komen. Een team van Poolse, Russische en Nederlandse ecologen beschrijft dit onverwachte gevolg van klimaatopwarming voor kanoeten vrijdag in Science.

De kanoet (Calidris canutus) is een steltloper die in het Noordpoolgebied broedt en overwintert op tropische wadden. De ondersoort die de ecologen voor dit onderzoek volgden, broedt in Siberië en overwintert aan de Mauritaanse kust. De Nederlandse Waddenzee is een belangrijke pleisterplaats voor deze kanoeten op trektocht, een plek om even bij te komen, net als het Poolse kustgebied.

„In Polen worden kanoeten al sinds 1983 ieder jaar gemeten en gewogen”, zegt Jan van Gils, ecoloog bij zee-instituut NIOZ en eerste auteur van het artikel. „We zagen dat de kanoeten steeds kleiner werden en hun snavels steeds korter. Toen dachten we: wauw, wat is hier aan de hand?”

Satellietbeelden lieten zien dat de sneeuw in het Siberische broedgebied nu twee weken eerder smelt dan 30 jaar geleden. In jaren met vroege dooi waren de kanoeten bovendien kleiner dan bij late dooi. De ecologen vermoeden dat in deze warme jaren de insecten al uit de bevroren grond kruipen als de kanoetkuikens nog in het ei zitten. De jonge vogels missen de insectenpiek, blijven klein en houden korte snavels.

Aan de andere kant van de wereld, in Mauritanië, zagen de ecologen dat kanoeten met korte snavels minder overlevingskansen hebben. Een kanoet met een snavel van vier centimeter kan tweederde van de meest gegeten schelpen bereiken. Maar voor een kanoet met een snavel van drie centimeter is dat nog maar eenderde. Deze minder bedeelde kanoeten vullen hun dieet aan met zeegras. Zeegras is moeilijk te verteren is en bevat minder energie dan schelpdieren.

Biologen hebben veel nagedacht over de gevolgen van klimaatverandering voor lichaamsgrootte. Een bekend idee is dat dieren in een warme wereld kleiner worden, zodat ze makkelijker warmte afgeven. Van Gils: „Wij laten juist zien dat kleine kanoeten het niet beter doen, maar eerder sterven.” Van Gils vertrekt over een paar weken naar de toendra in Alaska, om het idee te toetsen dat insecten eerder uitkomen dan kanoetkuikens.