Werk Karel Appel smelt weg

Werk van de beroemdste naoorlogse Nederlandse schilder in slechte conditie

Deel van Appels schilderij 'Mensen in beroering'uit 1961. Op tal van plekken is de verf van het doek gevallen, soms over lengtes van 15 centimeter. Het doek heeft ook andere conditieproblemen.

Veel schilderijen van Karel Appel, de kunstenaar die de verf soms op doek smeet, hebben ernstige conditieproblemen. Dat zegt Jaap Boon, internationaal erkend onderzoeker naar de chemische verouderingsverschijnselen van kunst. Volgens de emeritus hoogleraar is het tijd voor een „calamiteitenplan” voor het oeuvre van de beroemdste naoorlogse Nederlandse kunstenaar.

Verfverlies, druipers, verzakkingen, korstvorming, smeltende verf, zeepvorming: conditieproblemen als bij Appel is Boon in de 25 jaar dat hij actief is niet eerder „in deze mate” tegengekomen. Veel problemen zijn zelfs met het blote oog waarneembaar.

Chemische processen in de gebruikte verf zijn vermoedelijk de oorzaak voor de meeste complicaties. Wondermiddelen om de verouderingsverschijnselen te herstellen bestaan niet, zegt Boon. Wel kan het onderzoek waar hij voor pleit, tot voorstellen leiden om de schade te beperken, bijvoorbeeld een andere wijze van conservering. Veranderingen als gevolg van de chemische processen die nu nog ervaren kunnen worden als een bijdrage van de hand van de kunstenaar zullen zonder maatregelen de schilderijen steeds verder beschadigen, zegt Boon.

Bij bekende tijdgenoten van Appel die eveneens met dikke verflagen werkten, zoals Asger Jorn, Pierre Soulages en Jean-Paul Riopelle, heeft Boon dezelfde problematiek vastgesteld, zij het minder erg. Het is voor hem nog gissen waarom de problemen bij Appel zo manifest zijn.

Boon is al jaren met Appel in de weer. Hij heeft in musea in Noorwegen en de Verenigde Staten schilderijen onderzocht en deze week heeft hij met zijn microscopen een dag mogen werken in Haags Gemeentemuseum, waar nu een groot retrospectief van Appel te zien is. Bij bijna alle werken op de tentoonstelling, ook de meer recente, zag Boon conditieproblemen.

Franz Kaiser, hoofd tentoonstellingen bij het Haags Gemeentemuseum en bestuurslid van de Karel Appel Stichting, is door Boon op de chemische processen geattendeerd. „Die waren nieuw voor ons.” Toch wil hij de problemen relativeren: „Het is een natuurlijk verouderingsproces dat het belevenis van het werk als geheel niet verstoort.” Op afbeeldingen in catalogi uit de tijd dat Appel nog leefde waren sommige druipers en verkleuringen al te zien, zegt Kaiser. Daaruit trekt hij de conclusie dat de kunstenaar zelf met de veranderingen geen problemen had.

Kaiser betreurt het dat Boon alarm heeft geslagen. Als hij had vermoed dat de onderzoeker dat zou doen, had hij nooit toestemming gekregen om in het museum de schilderijen te bestuderen. Kaiser beschuldigt Boon van „tunnelvisie”. Hij vindt het veel te vroeg voor conclusies.

Daarnaast is het bestuurslid van de Karel Appel Stichting bang dat te veel aandacht voor de complicaties de markt voor Karel Appel kan verstoren. „Mensen zien dan voortaan alleen nog de problemen en niet meer de schilderijen.”