Turkse trots is al snel gekrenkt

De lange tenen van de Turkse president Erdogan zijn inmiddels net zo berucht als zijn lange arm.

Ebru Umar verlaat, met haar advocaat, het politiebureau in de Turkse kustplaats Kusadasi. De columnist mag het land voorlopig niet verlaten. Foto IHLAS NEWS AGENCY / AFP

‘Turkije is het beste voorbeeld voor de hele wereld voor de omgang met vluchtelingen, ik ben trots dat je mijn partner bent Ahmet”, zei EU-voorzitter Donald Tusk zaterdagavond tegen de Turkse premier Ahmet Davutoglu.

Tusk was samen met bondskanselier Angela Merkel en de vicevoorzitter van de Europese Commissie Frans Timmermans op bezoek in Turkije om de Turkse ziel te masseren. Dat is nodig omdat de Turken voortdurend beledigd zijn. En met een beledigde partner is het moeilijk zaken doen. Dan moet eerst samen thee gedronken worden.

De Turken zijn beledigd omdat hun president her en der is afgebeeld als een Koerdenbloed drinkende geitenneukende dictator. Beledigd omdat ze worden afgeschilderd als een soort martelkamp voor vluchtelingen, hoewel ze er meer dan drie miljoen opvangen.

Beledigd omdat hun bereidheid om samen te werken in de migratiecrisis vanuit Europa wordt beantwoord met een golf van kritiek van mensenrechtenorganisaties, politici en columnisten.

Het strak geregisseerde bezoek aan een vluchtelingenkamp en een sociaal centrum voor vluchtelingenkinderen draaide daardoor ook grotendeels om wat níét werd gezegd. Merkel ontweek microfoons. Over de vrijheid van meningsuiting zei ze alleen kort dat door het frequente contact met Ankara ook „over al deze onderwerpen” wordt gesproken.

Donald Tusk hield zich een stuk minder op de vlakte. Hij zei: „Niemand zou Turkije de les moeten lezen.” Die uitspraak is terug te zien op de beelden van de persconferentie. Maar niet opgenomen in het officiële verslag op de website van de Europese Commissie. Een vleugje zelfcensuur is ook de Europese Commissie niet vreemd als dat zo uit komt.

Toorn gewekt

Merkel, Tusk en Timmermans waren nog niet vertrokken of de politie meldde zich zaterdagavond bij het zomerhuis van de Nederlandse columnist Ebru Umar in de Turkse kustplaats Kusadasi. Ze namen de Nederlandse van Turkse komaf mee voor verhoor. Umar liet ’s nachts telefonisch aan The Post Online – waarvoor ze werkt – weten dat de aanleiding ‘enkele tweets’ zouden zijn waarin ze Erdogan beledigt.

Het is onduidelijk of Umar daarmee of met een andere uitspraak de toorn van de autoriteiten heeft gewekt.

Het doet er weinig toe. Vast staat dat het aantal aanklachten wegens laster, smaad en beledigen van president Erdogan, een president die in Turkije zowel intens wordt gehaat als bewonderd, sinds zijn aantreden nog geen twee jaar geleden inmiddels tegen de 2.000 loopt. Het zijn er dus meerdere per dag.

De lange tenen van Erdogan zijn inmiddels net zo berucht als zijn lange arm.

Turken krijgen van jongs af aan ingepeperd dat ze hun volk, vaderland en president dienen te eren en respecteren. Die boodschap klinkt extra luid op dagen zoals afgelopen zaterdag. Het was de jaarlijkse viering van de eerste zitting van het Turks parlement in 1923. Tevens de Dag van het Kind. Een nationale feestdag. Overal hingen Turkse vlaggen, sommige met het formaat van een half flatgebouw. Hoogwaardigheidsbekleders bezochten scholen.

Die opdracht geldt wat de Turkse regering betreft ook voor Turken in de Europese diaspora, bleek deze week uit de mail van het Turks consulaat.

Omgekeerd verwacht Europa dat een kandidaat-lidstaat de vrijheid van meningsuiting verdedigt. Dat politici daar een dikke huid hebben. En ze zich niet bemoeien met Turken die staatsburger zijn van een ander land.

Sinds de EU en Turkije intensiever zijn gaan samenwerken leidt dit aan de lopende band tot wrijving. Vrijdag nog moest de Nederlandse ambassadeur in Ankara, Kees van Rij, luisteren naar de Turkse onvrede over de harde satire in Nederland. Omgekeerd bracht hij de Nederlandse bezwaren over met betrekking tot de oproep van het Turks consulaat in Rotterdam. Beide kanten hoorden elkaar beleefd aan.

EU en Turkije vermijden confrontatie

De Europese en Turkse regeringen lijken vooralsnog te proberen confrontaties te vermijden. Het is veelzeggend dat Erdogan geen rol speelde tijdens het hoge Europese bezoek. Gastheer was premier Ahmet Davutoglu. Hij heeft meerdere keren laten blijken dat hij de meningsvrijheid hoger in het vaandel heeft dan Erdogan. Het was Davotoglu met wie Rutte zondag over de kwestie-Umar belde.

De bezoekende Europeanen kwamen hem tegemoet met de verzekering dat de beloofde miljarden steun voor de integratie van vluchtelingen er echt zullen komen.

Ook Merkel stak een hand uit. „Ik heb wederom aangedrongen op gebieden waar het staakt-het-vuren in het bijzonder wordt nageleefd en waar een aanzienlijk veiligheidsniveau is gewaarborgd”, zei zij. Dat is impliciete steun voor het recente en omstreden Turkse beleid aan de grens met Syrië: vluchtelingen worden zoveel mogelijk buiten gehouden en opgevangen in kampen binnen Syrië dicht tegen de grens. Dit verkleint gelijk de kans dat ze doorreizen naar Europa.

De vraag of die kampen veilig zijn werd indirect beantwoord. In de Turkse grensstad Kilis wonen inmiddels meer Syrische vluchtelingen dan Turken. De stad wordt door de Turkse regering genomineerd voor de Nobelprijs voor de Vrede.

De oorlog is er zo dichtbij dat ook zondag weer meerdere explosieven aan de Turkse kant landden. Daarbij vielen 26 gewonden en een dode. Het hoge Europese bezoek mocht er zaterdag niet eens in de buurt komen. Kilis is te onveilig voor hen.