De Berlijners laten zich hun ‘wegbier’ niet afpakken

Verbod Drinken op straat hoort bij Berlijn, maar de stad denkt aan een ban wegens het ‘zuiptoerisme’.

De Admiralbruecke in de wijk Kreuzberg is een geliefd trefpunt voor Berlijners en toeristen.

Hier lacht de dorst, staat er in vrolijke letters op de gevel van een bierwinkel aan het Landwehrkanal in de Berlijnse wijk Kreuzberg. En je begrijpt waarom, als je de hoeveelheid bier ziet die hier is uitgestald. Maar hoe lang valt er nog te lachen, nu de Berlijnse wethouder van Economische Zaken met de gedachte speelt in delen van de stad een bierverbod in te voeren?

Niet het kopen of verkopen van bier heeft Cornelia Yzer (CDU) ter discussie gesteld, maar wel het drinken op straat. En dat is in Berlijn, zoals iedereen ziet die een tijdje door de stad loopt, een sterk ingeburgerd gebruik.

’s Morgens op een bankje in de zon, ’s middags op de terugweg van kantoor, in de S-Bahn of de U-Bahn, en ’s avonds tot diep in de nacht op weg van A naar B of naar een feest – jong en oud, burgerlijk en alternatief: een open halve liter in de hand maakt het leven wel zo aangenaam. En er is altijd wel een krantenkiosk in de buurt, een supermarkt of Späti (avondverkoop) die een flinke voorraad koud heeft staan.

Wegbier heet het bier-voor-onderweg, ook wel grappend ‘Fußpils’ genoemd. In de bierwinkel van Wolfgang Kley in Kreuzberg is het een komen en gaan van klanten die uit de selectie van ruim honderd bieren één of twee flesjes kopen, meteen open maken en aan de wandel gaan. Langs het nabijgelegen kanaal bijvoorbeeld, waar op deze warme voorjaarsavond een stroom ontspannen wandelaars kuiert, velen met een open flesje bungelend aan een gestrekte arm.

„Normale burgers, waar niemand last van heeft”, zegt Kley in zijn winkel, waar de kratten metershoog staan opgestapeld. Maar wethouder Yzer ziet geen gemoedelijke Berlijners en toeristen, zij ziet een bron van potentiële overlast, die een verkeerd soort toerisme naar de stad trekt – ‘zuiptoerisme’. Daarom heeft ze in een gesprek met journalisten gezegd te overwegen in wijken zoals deze het openbare alcoholgebruik illegaal te verklaren. In de lokale pers stak een kleine storm op.

Meewarig schudt Kley het ongeschoren hoofd. Al sinds eind jaren zeventig drijft hij deze zaak. Hij heeft de stad en de buurt zien veranderen, vertelt hij, hij heeft de Muur meegemaakt, niet ver van hier, hij heeft hem zien vallen, hij heeft gezien hoe zijn buurt verpauperde en nu weer hip is geworden. „Maar wat er ook gebeurt, de mensen blijven bier drinken.” Ook op straat, als het verboden is?

„Ach, er is zo veel verboden…”

Berlijn-gevoel

Tot 2006 gold in Berlijn, net als in sommige andere steden, al een verbod op straat alcoholische dranken te drinken. Maar in de opmaat naar het WK voetbal in de zomer van dat jaar besloot het stadsbestuur het verbod te schrappen. En draai dat nog maar eens terug. „Het Wegbier hoort bij het Berlijn-gevoel”, zei het hoofd van het Berlijnse bureau voor toerisme strijdlustig toen het plan van de wethouder bekend werd. Veel Berlijners en toeristen lijken het met hem eens.

Maar overlast geven de bierdrinkers soms wel. „Vooral”, erkent winkelier Kley, „als ze hun lege flesjes kapotsmijten” – een nogal veel voorkomend gebruik, blijkens de vele scherven op straten en fietspaden. En iets verderop langs het kanaal is het in de zomer avond-aan-avond een openluchtfeest op de Admiraalsbrug, waar bierdrinkers uit de hele wereld het Berlijn-gevoel komen vieren. Toen de buurt protesteerde tegen de overlast, werd besloten dat de politie de feestvierders vanaf tien uur ’s avonds vraagt te vertrekken.

Met drie open halve liters in haar armen staat Constance Klemenz bij de brug te wachten op twee vrienden. Ze heeft de flesjes net gehaald bij een piepklein winkeltje vol kratten, waar naast de ingang behulpzaam een kroonkurkerwipper is opgehangen. „Wegbier is vrijheid, communicatie, genieten, samenleven”, zegt Klemenz (32) vol overtuiging. „En het is echt Berlijn – geloof me, ik kom uit Stuttgart, daar doet niemand dit.”

Iets verderop loopt Sascha Hein (30), in korte broek en met verende pas, een open bier in de hand – van huis meegenomen uit de ijskast. Willen ze dit hier verbieden? De maatschappelijk werker maakt zich geen zorgen. „Ik ben érg benieuwd hoe ze op de naleving gaan toezien”, zegt hij, terwijl hij lachend doorloopt.

Voorlopig gaat de wethouder geen werk maken van het alcoholverbod, zegt haar woordvoerder.

„Alleen als het ergens écht uit de hand loopt, en als er geen andere oplossing is.”