Vlaamse allure voor ‘gewone pilsbrouwers’

Het Nederlandse Bavaria neemt het Vlaamse Palm over. De Palm-brouwerij staat in Steenhuffel, waar het nieuws welwillend is ontvangen. Want al stijgt wereldwijd de vraag naar Belgisch kwaliteitsbier, Palm draait de laatste jaren met verlies.

beeld Palm

Het is de ‘Belgische weelde’, jarenlang de slogan van Palm-bier, die je overvalt bij het binnenrijden van Steenhuffel. De kerk en wat cafés met goed bier op het vat, ‘meer hoeft da niet te zijn’, zeggen ze in Vlaanderen. Met een beetje geluk is de plaatselijke brouwerij intact en niet opgeslokt door een buitenlandse biermagnaat.

Maar nu moet ook Steenhuffel er aan geloven: de nieuwe eigenaar van de in het dorp gevestigde Palm Brouwerij is het Nederlandse Bavaria. „We gaan de krachten bundelen”, belooft Bavaria-topman Jan-Renier Swinkels, die de overname dinsdag bekendmaakte. Het gaat om een meerderheidsbelang van 60 procent; in 2021 wordt dat 100 procent.

„Wat is dat met Bavaria? Heeft dat een fatsoenlijke reputatie?” vraagt een man in eetcafé ’t Brouwershuis naast de oude pastorie.

Met zijn vrienden drinkt hij een Cornet-bier dat Palm onlangs op de markt bracht. Dit is waar Vlamingen trots op zijn. Een krachtig, blond bier van hoge gisting, met een warme smaak na toevoeging van snippers eikenhout. Cornet is bier voor ‘ridders van de goede smaak’, adverteert Palm.

In de Bavaria-commercials geen verfijnde ridders maar ‘échte stoere mannen’ die na een avondje voetbal kijken een flesje pils opentrekken, terwijl hun vriendinnen de bitterballen in het vet gooien.

‘Speciaal’ versus ‘gewoon’ bier. Klein versus groot. Palm produceert jaarlijks 1 miljoen hectoliter, Bavaria bijna 6 miljoen. Een wereld van verschil, maar in het gezamenlijke persbericht benadrukken beide bedrijven dat de vrees voor een culture clash niet nodig is. „We zijn trots op het samengaan van twee prachtige familiebedrijven met beide een eeuwenoude historie.”

Voor Palm begon die in 1686 toen Theodoor Cornet, rentmeester van het Steenhuffelse kasteel Diepensteyn, in zijn herberg ‘Gravenbier’ begon te brouwen voor de kasteelheren en graven in de regio. Een telg uit de familie, Anne Cornet, maakte in 1747 van de herberg een kleine dorpsbrouwerij die in de eeuwen erna zou uitgroeien tot het huidige Palm Belgian Craft Brewers.

‘Puur rasbier’ staat nog altijd op de gevel, met daarnaast de afbeelding van een Brabants werkpaard, het logo van de Vlaams-Brabantse familiebrouwerij. De huidige eigenaar, Jan Toye, is een nazaat van de grondleggers.

,,Belgisch speciaalbier brouwen is onze familietraditie,” zei hij dinsdag bij het bekend worden van de overname door Bavaria. „Ik heb er het volste vertrouwen in dat onze bieren door Bavaria zullen worden gekoesterd.”

Voor Toye is de overname noodzaak: zijn brouwerij kampt de laatste jaren met verliezen. De Palm-speciaalbieren worden in België steeds minder gedronken en het bedrijf werd steeds afhankelijker van de export naar de Verenigde Staten en Azië. Daaar stijgt de vraag naar Belgisch kwaliteitsbier. Maar de hoge kosten van de wereldwijde export drukken zwaar op een kleine brouwerij.

„Om onze distributiekracht te maximaliseren moesten we op zoek naar een strategische partner. En Bavaria voelt als de perfect fit,” zegt Toye.

„Bavaria is actief in 120 landen, en nu kunnen wij meestappen op hun vrachtwagen naar de wereld,” zegt brouwer Kurt op de de binnenplaats van de Palm-brouwerij. Hij werkt acht jaar bij Palm. „We zijn een trots bedrijf en dat blijven we ook onder de vleugels van Bavaria.”

Even slikken nu Nederlanders de baas worden in Steenhuffel? In ’t Brouwershuis wordt er volop gediscussieerd over de toekomst. Als het maar symphatieke Hollanders zijn, zegt een stamgast. „Bavaria is misschien wel onze redding”, zegt een ander. „Stel dat wij waren overgenomen door een Bélgische concurrent: die had het alleen maar gedaan om Palms exclusieve contracten met cafés over te nemen en had de Palm-brouwerij daarna snel opgedoekt.”

‘Den Ollanders’ van Bavaria hebben volgens hem een meesterlijke zet gedaan. ,,Het zijn gewone pilsbrouwers, maar vanaf vandaag toch met wat Vlaamse allure.”