Ideeën inbrengen? Ik vind een zetpil al eng

Wekelijks rekent Japke-d. Bouma af met jeukwoorden op kantoor.

japke0

Waar ik altijd heel angstig van word, is als mensen zeggen dat ze ideeën in de vergadering gaan „inbrengen”. Ik vind een zetpil al eng om in te brengen, laat staan een idee, bovendien: moet iedereen daarbij zijn? Collega’s die het tegen mij zeggen, rij ik daarom altijd met stoel en al de lift in en dan druk ik op ‘kelder’. Ga daar lekker je ideeën inbrengen.

Mijn collega’s zijn minder assertief. Als ik hoor wat die op een kantoordag allemaal ingebracht krijgen, vind ik het een wonder dat ze überhaupt nog kunnen zitten. Zo zijn er ‘projecten’ die worden ingebracht, ‘belangen’, ‘thema’s’, ‘visies’, ‘nieuwe feiten’, ‘kennis’ of ‘kapitaal’ – dat laatste gaat vaak via injecties; maar kunnen ook ‘concrete acties’ worden ingebracht, ‘inspirerende voorbeelden’ en ‘vaardigheden’.

Ik hoorde laatst iemand zeggen dat ‘diploma’s moeten worden ingebracht tijdens het sollicitatiegesprek’ – daar sta je dan, met je ‘leven lang leren’. Ook heel erg: de mensen die naar evenementen moeten waar ‘stakeholders stellingen inbrengen’. ‘Als je de eerste stelling gehad hebt, valt het best mee’, zei een vriend.

‘Inbreng’ als zelfstandig naamwoord hoor ik ook vaak. Zo vroeg een collega me laatst of ik mijn ‘inbreng’ wel bij me had. Het lijkt mij dat als iets bij je is ingebracht, je het automatisch bij je hebt, maar ik ben het toch maar even gaan checken. Verder las ik ergens over ‘inbreng uit het veld die kan worden meegenomen naar discussies’. Misschien is iets minder pijnlijk om in te brengen als het uit veld komt, maar garanderen kan ik dat niet.

Kantoor is een martelkamer, wil ik maar zeggen. Want naast alle dingen die worden ingebracht, zijn er ook nog collega’s die zichzelf ergens op willen ‘aanhaken’, die ‘snijden in eigen vlees’, die zaken ‘afhechten’, die ‘haakjes nodig hebben om thema’s aan op te hangen’, die ‘mensen ergens op willen insteken’, die ‘dossiers afleggen’, die met vlammenwerpers ‘nabranders’ geven, die collega’s ‘in een spagaat dwingen’ en die collega’s ‘benaderen’ zoals leeuwen hun prooi besluipen om te kunnen doden. Iemand zei laatst dat hij het fijn vond dat hij zijn ‘wensen had kunnen inbrengen’ en dat deze ‘aan een proces werden opgehangen’. Alsof de Middeleeuwen nooit zijn weggeweest.

Lieve mensen, ik snap het natuurlijk heel goed, dat je bij sommige collega’s van alles zou willen inbrengen, aanhaken, dat je ze zou willen waterboarden in de watercooler, afhechten of insnijden – en dan het liefst lekker langzaam. Als je al jaren getergd wordt door eierkoeken, rijstwafels, kattenplaatjes en PowerPoints, wil iedereen bloederig terugslaan.

En toch is dat niet de weg die we moeten gaan. De heimelijke dolkstoot, oké, maar verder is geweld op kantoor niet toegestaan. Anders wordt het een bloedbad en moet je weer gaan werven met vacatures vol jeukwoorden. We stoppen daarom met inbrengen en gaan in plaats daarvan bijbrengen, overbrengen, thuisbrengen, onderbrengen en vooral terugbrengen. Een goed verhaal hoef je niet in te brengen.

Dat komt vanzelf in je hart terecht.