Het LAKS: machtiger dan ooit

Onderwijs Donderdag, als de examens beginnen, gaan ook zij weer van start: de jongeren van de klachtenlijn van scholierencomité LAKS. Wie zijn dat, hoe gaan ze te werk en wat bereiken ze?

Foto Roger Cremers
NRC volgt de komende examenperiode zes middelbare scholieren tijdens hun examens. Volg ze via nrc.nl/examenvloggers

Zes jongeren tussen de 15 en 17 die het middelbareschoolsysteem platleggen. Lokalen leeg, Museumplein vol, leraren die verward achterblijven. Uitrukkende politie.

In 2007 en 2011 gebeurde het. Tijdens de massale stakingen tegen de 1.040-urennorm van de toenmalige minister van Onderwijs, Marja van Bijsterveldt. Scholieren zouden volgens kabinetsplannen verplicht extra op school aanwezig moeten zijn om aan een aantal verplichte uren te komen. Zinloos vonden de demonstranten, ze noemden het „ophokuren”. Centrale spil tijdens de stakingen: het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS).

Foto: ANP/Olaf Kraak

Protest op het museumplein in 2007. Foto: ANP/Olaf Kraak

Het waren de gouden jaren voor de belangenorganisatie voor scholieren. De jonge bestuursleden waren alom aanwezig in de media, vooral de toenmalige voorzitter Sywert van Lienden, om de soms uit de hand gelopen acties toe te lichten. Maar daarna werd het weer stiller rondom de club. In de jaren erna bleef de aandacht voor het Komitee vooral beperkt tot de jaarlijkse platgebelde examenklachtenlijn die donderdag weer van start gaat als de examens beginnen.

Hoe gaat het nu met het LAKS? En, is de organisatie nog steeds zo invloedrijk als toen?

Voorzitter Andrej Josic begrijpt maar al te goed dat iedereen het LAKS tegenwoordig vooral kent van de klachtenlijn en minder van andere activiteiten. Die telefoonlijn is ook zonder twijfel het grootste wapen van de organisatie. 161 duizend klachten van eindexamenkandidaten kwamen er vorig jaar binnen op de website en bij de door scholieren bemande telefoons, en het aantal stijgt elk jaar weer.

Riep het LAKS voorgaande jaren altijd op tot veel klagen om een goed beeld te krijgen van lastige examens, dit jaar hoopt het Komitee op minder, maar wel inhoudelijker, ‘echte’ klachten, over de opgaves. Zo is er bijvoorbeeld preventief gepraat met examencoördinatoren in de hoop dat makkelijk te voorkomen klachten over bijvoorbeeld niet-behandelde lesstof of over geluidsoverlast bij een examenzaal achterwege blijven. Na afloop van de examens kijkt LAKS welke daarvan serieus zijn en gaat daarna in conclaaf met het College voor Examens. Gemiddeld worden er vervolgens tussen de vijf en tien antwoordmodellen aangepast.

Lobbyen bij de minister

Die macht is er niet zomaar gekomen. Bij de oprichting in 1984 wilde de organisatie slechts een leerlingenstatuut en „meer inspraak”. Maar via overheidssubsidies en Nederlandse overlegstructuren is de organisatie inmiddels uitgegroeid tot de officiële belangengroep voor middelbare scholieren. En met invloed. Gesprekspartners zijn onder andere de VO-raad voor voortgezet onderwijs, de onderwijsinspectie, en de docentenvakbond AOb.

En, niet onbelangrijk, de politiek: voorzitter Josic en de andere bestuurders bewegen zich als lobbyisten op het Binnenhof en spreken niet zelden af met partijen of parlementariërs – soms zelfs met de minister. „Ik ga nooit weg zonder een concrete afspraak. Anders had je ook niet hoeven komen.” Met sms’jes en belletjes herinnert hij ze aan de besproken punten. Het LAKS werkt volgens hem als een „frisse wind”. „Wij geven punten aan waar volwassen beleidsmakers vaak nog niet aan hebben gedacht.”

Foto: ANP/Robin van Lonkhuijsen

De LAKS klachtenlijn in Amsterdam. ANP/Robin van Lonkhuijsen

Voor een groot deel komen die uit de landelijke enquêtes en congressen die het LAKS organiseert om te ontdekken wat er speelt onder de achterban. Steeds meer leerlingenraden sluiten zich aan bij de club: van de circa 650 scholen in Nederland zijn er 283 leerlingenraden aangesloten, tegenover 80 in 2007. „Voor de congressen vragen we dan zoveel mogelijk scholieren te komen, onder het mom van: wil je een dagje vrij, kom maar!”

Ze hebben een hoge gunfactor. Ze zijn aandoenlijk, in een positieve zin

Paul Rosenmöller, voorzitter van de VO-raad

De inbreng, benadrukt Josic, is desondanks vaak van een hoog niveau. „We hebben er bijvoorbeeld uitgehaald dat scholieren graag zelf hun leraren willen evalueren, en dat ze maatwerk willen; verschillende vakken op verschillende niveaus. Daar is vervolgens in de politiek veel aandacht aan besteed.” Je staat gewoon sterk als je veel scholieren achter je hebt, zegt Josic.

Stefan Wirken, voorzitter van de Landelijke Studentenvakbond (LSVb) die vaak samenwerkt met het LAKS op het gebied van het leenstelsel, snapt dat het LAKS veel invloed heeft. „Mensen hebben er belang bij om naar ze te luisteren. Ze zijn de officiële vertegenwoordiger van een echt grote groep.” Ook Paul Rosenmöller, voorzitter van de VO-raad, ziet een slimme club die serieus wordt genomen. „Ze hebben een hoge gunfactor die ze goed gebruiken. Ik spreek Andrej regelmatig. Hij verwoordt dingen goed, op een offensieve manier met humor. Ze zijn aandoenlijk, in een positieve zin.”

Toch ziet Wirken wel dat ze wat minder professioneel zijn dan zijn eigen LSvb en wat „activistischer”, zoals hij het noemt. „Dat zie je ook aan hun naam.” Dat is ook logisch, zegt hij. „Zij hebben nog een schoolverplichting naast hun werk, terwijl dit voor mij echt een bestuursjaar is.”

Genadezesje

Dat minder professionele, dat zag je bijvoorbeeld in 2014, toen het Komitee nog opriep om scholieren die nét niet zouden slagen toch een ‘genadezesje’ te geven, zodat ze niet veel meer voor hun studie zouden betalen door het nieuwe leenstelsel. De opmerking viel niet goed – een oproep tot examenfraude, werd er gezegd. Uiteindelijk verklaarde de toenmalige voorzitster dat de woorden „ludiek” waren bedoeld, om de aandacht te vestigen op het leenstelsel.

Is er geen enkele volwassene die zich met deze jongeren bezighoudt? Nou, op de achtergrond kijkt de stichting Combo met hen mee. Deze organisatie, met twaalf medewerkers, heeft een „faciliterende” rol voor het LAKS en het JOB, de belangenclub voor het mbo. „Tijdens de examenklachtenlijnperiode doe ik de boodschappen”, vertelt directeur Ilse Prins lachend. Verder heeft de stichting vooral een financiële rol: het checken en autoriseren van de uitgaves. „Het blijven minderjarigen.”

Voorzitter Josic is blij met het toezicht van Combo. „Ik ken organisaties die zoveel met geld bezig zijn dat ze minder tijd overhouden voor de inhoud. Wij kunnen gewoon vol inhoudelijk aan de slag. Er zijn oud-bestuursleden die wel eens klagen over de oude tijd, toen Combo er nog niet was. Maar we zijn toen ook een aantal keer failliet gegaan. Je kreeg toen als 16-jarige eigenlijk gewoon een ton.”

Een clubje gymnasiasten

Bemoeit de achtergrondstichting zich dan echt nooit met de inhoud? Prins: „Combo geeft wel advies, of raadt dingen af. Maar het bestuur van LAKS heeft het recht daarmee te doen wat ze willen.” Josic: „Als wij echt overtuigd zijn, dan hebben we lak aan de directeur. Het beleid is ook niet haar functie.”

Op zo’n jonge leeftijd beleidskeuzes maken en zo’n grote groep vertegenwoordigen: dat kan niet iedereen. Een van de bestuursleden, Philippe Schambergen, combineert een middelbareschoolcarrière in Maastricht met een bestuursfunctie in Amsterdam. Veel ex-leden stromen door naar succesvolle posities.

ANP/Erik van 't Woud

Sywert van Lienden in 2008. ANP/Erik van ’t Woud

Het bekendste voorbeeld is Sywert van Lienden. Hij is nu 25 en initiatiefnemer van de G500 en politiek commentator bij De Wereld Draait Door. „Vaak horen we de kritiek dat LAKS een clubje van gymnasiasten is die een beetje bij elkaar in een kantoortje zitten”, zegt voorzitter Josic. Hij erkent dat het bereiken van vmbo’ers een lastige opgave blijft. „Mensen worden vaak pas actief in de leerlingenraad tegen klas vier, vijf. Dan zijn veel vmbo’ers al klaar met school.”

Daarom is het bereiken van deze groep nu een speerpunt van het Komitee. Sinds enkele jaren is er een speciaal bestuurslid dat zich bezighoudt met deze groep. Dit jaar is dat Carmen Heijliggers (18). In haar vmbo-crew zitten nu zo’n 150 leerlingen. Die hebben hierdoor ook toegang tot de hoogste regionen. Met sommigen gaat ze bijvoorbeeld af en toe op bezoek bij een Kamerlid. „En we kunnen zo ook beter zien wat er speelt. Ze hebben echt een mening, maar je moet soms iets meer doorvragen dan bij vwo’ers die alles meteen schreeuwen en roepen.”

Belangrijk. Maar deze dagen ligt de focus toch echt even niet op de politiek, maar op de examentelefoontjes. En dat is nog even bikkelen voor de bestuurders. Heijliggers: „Onze telefooncoördinator zit de komende drie weken 24 uur per dag op kantoor. Hij heeft er zelfs een bedje neergezet.”