Column

Zonneleeftijd

Ik drink maar één glas alcohol per jaar, en dat is wanneer de eerste zomerse dag zich heeft aangediend. Ik ben dan ook meteen teut als een feut. Ik drink echter niet omdat ik het leuk vind, maar om mezelf te kunnen troosten. De wodka vormt een vloeibare pleister voor een verdriet dat ik pas sinds kort onder woorden kan brengen.

Het begon toen ik dit weekend op de site van ons Koninklijk Meterologisch Instituut las dat we een dag ‘zomers’ mogen noemen zodra de temperatuur boven de 25 graden uitkomt. We hebben jaarlijks twintig tot veertig zomerse dagen. Laten we uitgaan van gemiddelde van dertig per jaar, een maandje dus.

Het is als kind natuurlijk al feest wanneer het lekker weer is (Schepje! Emmertje! Topless buurvrouw!) maar deze zonnige dagen beginnen pas echt indruk op je te maken als je een jaar of vijftien, zestien bent. Je bent eindelijk geen kind meer, zelfs een deurklink is geil, vriendschappen verdiepen zich en je leeft de romantiek van het jong zijn die je in series, films en videoclips zag. Waarin het overigens ook bijna altijd mooi weer is.

Het vormen onvergetelijke momenten. Je voelt je niet schuldig als je uren verspilt. Er zijn nog dagen genoeg om een held te zijn (en dat ben je eigenlijk al, in het diepst van je gedachten). Je ervaart een onschuldige vreugde, omdat je ook nog geen idee hebt dat je voor iedere geluksmoment zult moeten boeten als je ouder bent.

Vanaf je zestiende duurt het ongeveer zes jaar voor die gevoelens van ongebreidelde vrijheid en ontdekkingsdrift beginnen te verminderen. Je studeert af, krijgt vaste relaties, je leven wordt vastgelegd door een baan, studieschuld en/of hypotheek. En dan is er opeens weer die eerste zomerse dag van het jaar, waardoor je je helemaal niet 22, maar gewoon weer zestien voelt. Je bent ouder geworden, maar niet qua aantal zonnedagen. Op je 22e heb je (zes maal dertig dagen) amper een half jaar extra aan zomerdagen meegemaakts sinds je zestiende. Je zonneleeftijd is dan zestien-en-een-half. Zelf ben ik 33, maar door het lekkere weer voelde ik me de afgelopen dagen (zeventien maal dertig dagen) ongeveer 18,5. En dat terwijl mijn gezicht al begint te hangen en ik met mijn drie banen en eigen huis het leven van een bijna-veertiger leef.

Daarom drink ik op de eerste zomerse dag van het jaar: niet uit nostalgie, maar om het feit dat ik me dan opeens enorm bewust word van hoeveel mijn zonneleeftijd en mijn werkelijke leeftijd al uit elkaar liggen. Die kloof wordt met het verstrijken der tijd alleen maar groter. En dat ik zelf dus nooit meer jong word, hoe hard de zon ook schijnt.