Het dorp moet het hebben van de hobbyjournalist

Lokale nieuwssites Websites met lokaal nieuws drijven op vrijwilligers. Een alternatief voor plaatselijke kranten zijn ze niet, politiek nieuws en onderzoek laten ze liggen.

Brandweer redt kat uit de boom in het Achterlangs te Vlaardingen (Zuid-Hollands), in de Vos van Steenwijkstraat te Hoogeveen (Drenthe), en in de Woldweg te Kropswolde (Groningen). Foto’s ANP

Wat een week in het Twentse dorp Markelo: de C1’tjes werden kampioen en buurtschap Herike-Elsen won de soundmixshow. Chantal werd finalist van Miss Beauty Overijssel. Een grijze poes, een rondslingerende wieldop en een verloren knuffel zijn gevonden. Allemaal te lezen op Maarkelsnieuws.nl.

Zeven kilometer verderop voorziet Goorsnieuws.nl in alle actualiteiten. Nog eens tien kilometer verder zit Delden, met Nieuwsuitdelden.nl. Een uurtje lopen in zuidelijke richting heb je Wegdamnieuws.nl over Hengevelde. Daarnaast Diepenheim met Deepsnieuws.nl. Inzamelacties, aanrijdingen, informatiebijeenkomsten, sportuitslagen, jubilea, inbraken, trouwerijen – omlijst met knipperende advertenties; lees het in de locale.

Hoeveel van dit soort ‘hyperlocals’ – websites die voorzien in zeer lokaal nieuws – er precies zijn in Nederland is onbekend. In 2013 waren het er ruim 120, volgens onderzoek uit 2013 van Piet Bakker van de Hogeschool Utrecht. Dan gaat het om particuliere media, dus niet van een uitgever, die minimaal eens per week eigen nieuwsberichten publiceren. Met verzamelsites als Dichtbij.nl en Nieuws.nl stijgt dat aantal naar zeker driehonderd. Wie schrijven al deze berichten? Waarom? Wordt het gelezen? En bieden ze hoop voor de bedreigde regionale journalistiek?

Makelaar en taxateur Rick Morsink (33) vond het nieuwsaanbod over Markelo zo schraal, dat hij in 2007 maar zelf begon. „Sommige buurtbewoners kochten de krant alleen nog voor de overlijdensadvertenties”, zegt hij. Inmiddels heeft Maarkels Nieuws per maand 35.000 unieke bezoekers. Markelo telt 7.500 inwoners.

Niemand kan van de site leven

Ze zijn met z’n tienen. Zeven redacteuren, een wekelijkse columnist en twee man voor de acquisitie. Niemand kan van de website leven, dus alle berichten, zo’n vijf per dag, worden ‘s avonds of in het weekend geschreven. Morsink is er soms twintig uur per week aan kwijt: „Maar dan ben ik wel naar twee raadsvergaderingen geweest.”

Rob Steentjes van Nieuws uit Delden begon in 2011 ook uit een nijpend behoefte aan lokaal nieuws: „Loop ik veertig minuten richting Gelderland, dan ben ik in dezelfde gemeente, maar op een locatie waar ik totaal niks mee heb.” De zeven dorpskernen in het huidige Hof van Twente werden vijftien jaar geleden niet bepaald juichend bij elkaar gevoegd tot één gemeente. Steentjes: „Het zijn historisch allemaal individuele stadjes.” Dat vraagt dus ook om individueel nieuws.

Maar, bezuinigingen, reorganisaties en fusies dunnen redacties van regionale media uit. Bij de overname van Wegener in 2015 (toen uitgever van de Stentor, PZC, Brabants Dagblad, Eindhovens Dagblad, TC Tubantia, BN DeStem en De Gelderlander) door De Persgroep gingen vierhonderd van de 2.200 banen (fte) verloren, waarvan 150 op redacties. Tien jaar geleden telde Wegener nog 4.700 fte. Ook de dertien regionale omroepen moeten bezuinigen, in 2017 en 2018 samen 17 miljoen euro op een budget van 150 miljoen. Dat hakt erin. Het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek (SvdJ) stelde vorig jaar dat bijna acht miljoen Nederlanders nauwelijks relevant nieuws over hun woonplaats krijgen, vooral niet in gemeenten met minder dan 50.000 inwoners.

Regionale kranten werken meer op afstand

Rick Morsink van Maarkels Nieuws

Zouden de hyperlocals in die kleine gemeenten het gat kunnen vullen? Het voordeel van hyperlocals is nabijheid. „Wij halen nieuws bij onze verenigingen en wijkorganisaties”, zegt Morsink van Maarkels Nieuws. „Regionale dagbladen werken vaker op afstand.” Veel redacteuren werk(t)en ook bij regionale media, zoals die van Nieuws uit Delden en Prinsenbeek Nieuws (Noord-Brabant). Dat redacteuren soms over kennissen moeten schrijven, is geen probleem, zeggen ze zelf. Dat is doorgaans goed uit te leggen.

De gemeente ziet de sites als serieus medium. CDA-leider van Hof van Twente Yvonne Nijhof bekijkt ze geregeld, net als haar fractieleden: „Het is een van de manieren om op de hoogte te blijven en om te zien wat met besluiten in de gemeenteraad gebeurt.” Partijleider Gerda Bruins (VVD) noemt de sites „onmisbaar”: „Vooral omdat we te maken hebben met een uitgestrekte gemeente.”

Twitter avatar gerdabruins1 Gerda Bruins Zo eens met deze brief @MinPres Benieuwd naar reactie van Mark Rutte. https://t.co/RIyUCA9J5I

Maar een echt alternatief voor regionale media zijn hyperlocals niet. Nijhof: „Het gaat meer over sportnieuws en winkeldiefstalletjes. Over de échte zaken, zoals belangrijke besluiten in de gemeenteraad, wordt minimaal bericht.” Politiek nieuws is inderdaad zeldzaam, blijkt uit een rondgang op tientallen sites. In kleine gemeenten becijferde het SvdJ vorig jaar het aantal wekelijkse berichten over lokaal beleid op gemiddeld nul.

Van onderzoeksjournalistiek is al helemaal geen sprake bij hyperlocals. „Wij doen daar vrijwel niets aan”, zegt redacteur Matthijs van Houten van de Groninger Internet Courant. En ook oprichter Machiel van der Schoot van Alphens.nl ziet nog een grote rol weggelegd voor lokale kranten en omroepen: „Wij hebben geen diepgravende stukken, we houden het beknopt. Er moet nog steeds ruimte zijn voor de lange stukken in gedrukte vorm.”

Afhankelijk van één burger

Bovendien, een site is zo gemaakt, maar er een in de lucht houden is lastiger. Veel hyperlocals zijn afhankelijk van één actieve burger, en als die het voor gezien houdt, wordt de site niet veel later opgedoekt.

Het werk vergt een grote tijdsinvestering, vaak naast een betaalde baan. Geld verdienen lukt namelijk nauwelijks. De meeste sites zijn afhankelijk van advertenties en vrijwilligers. Maarkels Nieuws zet met tien man 30.000 tot 40.000 euro per jaar om en in Delden hopen ze aan het eind van de maand uit eten te kunnen van de opbrengsten. Het verloop is dan ook ontzettend groot. Afgelopen jaren stopten sites in Culemborg, Renkum, Ospeldijk, Skarsterlân en Bellingwedde. Al kwamen er vast weer evenveel bij.

Niet dat de grote mediabedrijven wel weten wat ze met hyperlokaal nieuws aan moeten. TMG stopte onlangs met Dichtbij.nl in grote steden. Toen het in 2011 werd opgericht was het de bedoeling dat per gebied een professionele journalist als een ‘communitymanager’ de input van lezers verzamelde en redigeerde. Oprichter Bart Brouwers, die in 2013 al vertrok, erkent dat sommige Dichtbij-sites „veredelde 112-sites” werden. Dat lag volgens hem „puur aan de kwaliteit van de communitymanagers”. RTL Nieuws en De Persgroep deden onlangs een nieuwe poging met respectievelijk Buurtfacts en In de Buurt. Maar beide websites draaien voor een groot deel op automatisch gegenereerde berichtgeving.

Wie wél kunnen rondkomen zijn het Groningse persbureau Tammeling en Alphens.nl. Tammeling heeft een van de eerste gratis nieuwssites van Nederland (sinds 1997), de Groninger Internet Courant, maar maakt daarnaast ook zakenbladen, gesponsorde artikelen en persberichten. Alphens.nl is niet eens meer een nieuwssite te noemen. Het is tegelijkertijd een vacaturebank, restaurantgids en ticketshop voor plaatselijke evenementen. De site zet 350.000 euro per jaar om, volgens Van der Schoot. Zijn winst is 80.000 euro.

„Naast advertenties, heb je sponsoring, donaties, printuitgaven, fotoverkoop, gesponsorde content, ticketverkoop, subsidies en het geven van workshops”, zegt onderzoeker Bakker, die zelf een hyperlocal over de Zaanstreek runt. „GIC en Alphens.nl zijn echt van betekenis geworden in hun gebied.” Nu nog de onthullingen.

Gemeentes doen het liever zelf

Zouden gemeentes kunnen bijspringen? Wethouders en raadsleden maken zich namelijk zorgen over de kwaliteit van regionale journalistiek, concludeerde de SvdJ na onderzoek. Maar subsidiëren? Liever niet. Bakker: „Gemeentes en provincies gaan liever zelf uitgevertje spelen.” Heerenveen, Achtkarspelen en Renswoude stelden bij gebrek aan lokale journalistiek maar zelf journalisten aan om raadsvergaderingen te verslaan. Maar dat is duur en bovendien niet bijster onafhankelijk. Nijhof (CDA) van de gemeente Hof van Twente kan zich wel iets voorstellen bij subsidie, mits de journalistiek onafhankelijk blijft. Bruins (VVD) sluit steun uit: „Er zijn genoeg lokale sponsors. En wij hebben onze eigen informatie die we delen.”

Misschien, denken de SvdJ-onderzoekers, als hyperlocals eens écht werk zouden maken van politieke verslaggeving en onderzoeksjournalistiek, dat bezoekers wel willen betalen. Of misschien is het een idee als studenten tijdens hun opleiding hyperlocals een impuls zouden geven? Raken ze ook meteen meer geïnteresseerd in lokale journalistiek.

Maar tot die tijd zijn het de enthousiaste vrijwilligers, hobbyjournalisten en geëngageerde burgers die het kleine nieuws van de straat plukken.