‘Verderfelijk’ internet bijt elektronische aangifte niet

Deze rubriek belicht elke dinsdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich uitsprak. Vandaag: omzetbelasting en zakelijke kosten.

Foto ANP

Dat internet. Die poel van verderf, die verzamelplaats van immoraliteit en blasfemie. Zich daaraan blootstellen om aangifte omzetbelasting te doen? Geen denken aan.

De twee vennoten hadden samen een V.O.F. in de reparatie en onderhoud van machines en schepen. Ze werkten en leefden zonder computers en gebruikten mobiele telefoons zonder internetverbinding. Internet was volgens hen in strijd met Gods geboden.

De btw-aangifte deden ze jarenlang op papier, totdat in 2014 de elektronische aangifte verplicht werd voor ondernemers. Ze bleven het elke maand proberen – voor particulieren worden er ook uitzonderingen gemaakt – maar kregen de aangiftes steeds onbehandeld retour. Omdat er geen aangiftegegevens waren geregistreerd, legde het systeem automatisch naheffingsaanslagen en boetes op.

Maar de Belastingdienst bleek niet consequent. In januari werd de papieren aangifte niet geaccepteerd, in februari en maart wel en in de maanden daarna weer niet. De vennoten maakten bezwaar en stelden dat zij niet verplicht konden worden tot het doen van elektronische aangifte, omdat dit in strijd is met de vrijheid van godsdienst.

Voor de rechtbank Noord-Nederland voert de belastinginspecteur aan dat deze verplichting zelfs is vastgelegd in de wet. Om allerlei kostenbesparende en administratieve redenen is hiertoe besloten en voor ondernemers worden geen uitzonderingen gemaakt.

De rechter benadert het probleem vooral pragmatisch. De godsdienstvrijheid draait om de vrijheid om opvattingen of overtuigingen te uiten. Je bent vrij om te vinden dat het internet een verderfelijke plek is, maar door het gebruik ervan word je nog niet in de uiting van je geloof beperkt.

Voor de toekomstige elektronische aangiftes heeft de rechtbank zelfs wat tips. Om te voorkomen dat de vennoten geconfronteerd worden met aanstootgevende zaken, kunnen ze bijvoorbeeld filters instellen of het gebruik beperken tot de website van de Belastingdienst. En dan maar hopen dat daar niets verderfelijks te vinden is.