Column

Hoe we met slimme data de toekomst kwijtraken

Eerst en vooral is er de mobiele telefoon. Triomf van de vooruitgang. Substituut voor ons gehele leven. In moderne films vermoorden echtgenoten elkaar niet meer. Ze gooien elkaars mobieltje in de vissenkom. Op het vrolijkste niveau gaat het maatschappelijk gesprek hierover: hoe verrekte hip en slim wij zijn met onze slimme telefoon, onze slimme Barbiepop, onze slimme stad met gezellige sensoren in iedere lantarenpaal. In de media gaat het gesprek soms op een iets kritischer niveau over de mogelijkheid tot misbruik van al die slimme dingen. Over afluisteren. Daarover wordt dan schande gesproken in het nieuws. Regeringsleiders betichten elkaar van afluisteren, documenten over afluisterpraktijken worden gelekt, koppen moeten rollen. Op dit tweede niveau is privacy het toverwoord. De privacy wordt geschaad en dat is niet best.

Op een nog iets beter ingevoerd en hogerliggend derde niveau keren staten zich onomwonden tegen privacy. Burgers willen hun slimme dingen kunnen beveiligen tegen afluisteren, maar de autoriteiten zijn daar niet voor. Overal ter wereld proberen ze versleuteling te verbieden. Vandaag besluit een Engelse rechter of student Lauri Love zijn encryptiesleutels moet overdragen aan de National Crime Agency. Zou de zaak in Nederland spelen, dan gokte ik op winst voor de overheidsinstantie. „Privacy is de schuilplaats van het kwaad”, zei een Nederlandse politiechef ooit.

Op een vierde, nog wat meer sophisticated niveau wijzen onderzoekers erop dat privacy bepaald niet als enige grondrecht ter discussie staat in deze slimme wereld. Het gaat om zoveel meer. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid bracht zojuist een rapport uit waarin ze waarschuwt dat door datatoepassingen voor burgers nieuwe risico’s ontstaan. „Op het gebied van privacy, discriminatie en de vrije meningsuiting.” Fundamentele rechten en vrijheden moeten hoognodig worden gewaarborgd, benadrukt de Raad.

Op een nog wat activistischer niveau gaat het gesprek niet meer over privacy en meningsvrijheid, maar over macht. De vraag is daar wie al die data eigenlijk verzamelen. En wie de interpretaties erop loslaten die de burgers bedreigen in hun rechten. Alleen al het volstrekt legale verzamelen van gegevens via slimme apparaten geeft alle wereldmacht aan bedrijven. Regeringen en wetenschappelijke raden hebben het nakijken. Je hoeft niet te worden gehackt om toch je vrijheden te verliezen: je verliest ze zodra bedrijven via geheime algoritmes gevolgen aan je data verbinden. Zonder dat je weet hoe. En zonder dat je invloed kunt uitoefenen op de interpretatie van je gedrag. „Aan de horizon dreigt (semi-)automatische besluitvorming”, zegt de WRR.

Nu begint het gesprek ergens op te lijken. Op een nog iets bewuster niveau vragen bewuste burgers hun stem terug. Ze eisen invloed op de analyse en op het gebruik van data. Ze claimen het eigendom van hun gedragsgegevens. Ze willen dat we ‘smart citizens’ worden. Haha, lachen de vrolijke mensen die nog in druk gesprek verwikkeld zijn op het eerste niveau. Die hebben zojuist een slimme broodrooster in huis gehaald en wanen zich de avant-garde. Haha! Hoe kunnen al die laaggeletterde Nederlanders zonder smartphone nou ooit smart citizens worden?

Deze vrolijke mensen vergeten dat ook digibeten volop verbonden zijn met het internet, simpelweg doordat ze door slimme steden lopen. Dat je geen app nodig hebt om macht op te eisen, maar gewoon je volksvertegenwoordigers kunt vertellen wat je wilt. En precies hierover gaat het gesprek op een nog iets nadenkelijker, zevende niveau. Daar dringt het inzicht door dat automatische besluitvorming de dood betekent van de politiek. Als het grootkapitaal eigenmachtig slimme steden ontwikkelt waarin beslissingen over infrastructuur en publieke voorzieningen automatisch worden genomen, op grond van private interpretaties, is de democratie ten einde.

Op een nog filosofischer, achtste niveau leidt het gesprek tot de conclusie dat je de wereld überhaupt niet kunt besturen met bewerkingen van gegevens. Data-interpretaties zijn rationaliseringsprocessen en rationaliseringsprocessen zijn niet meer dan hulpmiddelen. Vervang je actieve politiek en dynamisch rechtsdenken door algoritmes die een paar private clubs ooit ondemocratisch in elkaar hebben geknutseld, dan ben je niet alleen de politiek, maar ook het recht kwijt, en de levende moraal. En uiteindelijk de toekomst.

Terwijl de dictatuur zo vanuit een eeuwig heden op ons toe raast, blijven media kritisch over privacy en afluisteren babbelen. Tot ongenoegen van de vrolijke mensen die zojuist hun hartslag hebben gekoppeld aan hun bankaccount en die zich de koning van het universum wanen.