‘Het gaat gewoon te goed met jullie!’

Globalisering krijgt veel slechte pers de laatste tijd. Toch zijn libertariërs er nog altijd van overtuigd dat dit de enige juiste weg is.

Yaron Brook, directeur van het Amerikaanse Ayn Rand Institute, spreekt op de Free Market Road Show in Amsterdam. Foto David van Dam

„We preken hier voor eigen parochie”, roept een man in het publiek. Op deze warme maandag is in het Amsterdamse Tassenmuseum een clubje libertariërs aanwezig om te praten over de vrije markt. Het publiek is inderdaad vrij eenvormig: het zijn vooral mannen, gekleed in lichtblauwe overhemden en Van Bommel-brogues. Niemand in de zaal betwist het belang van een kleine overheid, weinig regels en lage belastingen.

De bijeenkomst is onderdeel van de Free Market Road Show, een door Europa reizende tour die tussen maart en mei veertig steden aandoet. Het doel van de tour, georganiseerd door het Austrian Economics Center, is het verspreiden van de ‘Oostenrijkse school’: een economische theorie die een zo klein mogelijke overheid voorstaat. Vooral sinds de jaren zeventig werd die school invloedrijk: denkers als Friedrich Hayek inspireerden het ‘neoliberale’ beleid van deregulering. Maar voor de organisatoren van de tour is de staat nog altijd te groot.

De eerste editie was in 2008, vlak voor de financiële crisis uitbrak. Sindsdien heeft de tour het tij niet mee: aan beide kanten van de oceaan groeit de weerstand tegen globalisering en vrije handel. Maar Barbara Kolm, een van de organisatoren, is optimistisch. „We begonnen in vier steden, nu zijn het er veertig. En in sommige steden komen er meer dan duizend mensen op af.”

Daar steekt de Amsterdamse editie, met ongeveer dertig belangstellenden, pover bij af. Volgens Yaron Brook, directeur van het Amerikaanse Ayn Rand Institute en de eerste keynote speaker, komt dat door een gebrek aan armoede in Nederland. In Oost-Europa piepen ze wel anders, zegt hij: daar hebben ze het communisme meegemaakt. „Het gaat gewoon te goed met jullie”, schreeuwt hij naar de zaal.

Ironisch genoeg moet er dus een marxistische Verelendung plaatsvinden, voordat de bevolking klaar is voor het libertarisme. Maar dat zal gebeuren, weet Brook. „De waarheid zal overwinnen”, zegt hij na afloop.

Brook is een devote volgeling van Ayn Rand, de Amerikaanse schrijfster die in haar romans en essays het laisser faire-kapitalisme bezong. Op zijn zestiende – hij was toen nog een socialist – las Brook haar roman Atlas Shrugged, toen raakte hij bekeerd. In zijn speech betoogt hij dat Europa terug moet naar twee basisconcepten uit de Verlichting: de rede en het individualisme. ‘De staat is onze dienaar, niet onze meester!’

Hij maakt zich druk over de hippe Franse econoom Thomas Piketty, die pleit voor meer herverdeling. „Piketty zegt dat de samenleving een taart te verdelen heeft. Maar ieder van ons heeft zijn eigen taart!”

„Dit is allemaal zo logisch”, roept iemand in de zaal uit. „Waarom kost het ons zoveel moeite deze ideeën aan de man te brengen?”

De diagnose is snel gesteld: het zijn de linkse universiteiten. „Negentig procent van de Amerikaanse hoogleraren plaatst zichzelf links van het midden”, zegt Brook. In Europa is het volgens hem nog erger. Daar moet dus iets aan veranderen: „Veertigjarigen laat je niet meer van mening veranderen. Als je de cultuur wil veranderen, moet je achter de jeugd aangaan.”

Verschillende aanwezigen spreken over een ‘gevecht’ dat gevoerd moet worden met links. Die strijd is nog niet verloren, meent men. Nieuwe ideeën kunnen snel postvatten, zegt Deirdre McCloskey, oud-hoogleraar aan de Erasmusuniversiteit Rotterdam en nu hoogleraar aan de universiteit van Illinois, Chicago en de tweede keynote speaker. Vorige maand verscheen haar nieuwe boek, het derde deel van een trilogie waarin zij betoogt dat niet kapitaal of instituties, maar ideeën voor rijkdom en vooruitgang hebben gezorgd.

McCloskey, een imposante dame wier diepe stem verraadt dat zij vroeger een man was, kan zich de hele dag al moeilijk inhouden. Tijdens Brooks speech roept ze steeds ‘yeah!’ en ‘hear, hear’, soms maakt ze zijn zinnen af. Nu presenteert ze haar oplossing: „De echte aanjagers van verandering zijn niet de hoogleraren zoals ik, maar rockmuzikanten, filmmakers en reclamemakers.” Ze geeft het voorbeeld van Bollywoodfilms, waar overheidsbureaucraten vroeger de helden waren. Sinds kort is het omgekeerd en zijn de helden de ondernemers, zegt McCloskey. Dat kan het denken van mensen veranderen.

In de pauze wimpelt McCloskey een broodje tonijnsalade af, praten met een journalist vindt ze „veeeel belangrijker” dan eten. „In de jaren zestig was ik een marxistische folkzanger”, vertelt ze. „Ik had toen dezelfde ideeën als Bernie Sanders. Zijn ideeën zijn niet veranderd, die van mij wel: ik ging economie studeren en raakte geïnspireerd door Adam Smith, Milton Friedman en Robert Nozick.” Bij de naam Adam Smith slaat ze een kruis, uit respect.

Wat haar ideale overheid betreft komt McCloskey dicht in de buurt van Ayn Rand, die vond dat de staat alleen politie, defensie en rechtspraak moest regelen. Maar een volgeling is ze niet. „Ik heb geprobeerd Atlas Shrugged te lezen, maar ik ben niet verder gekomen dan pagina 15. Ze schreef onleesbare boeken.”

Rechts wil McCloskey zichzelf niet noemen. Het onderscheid in links en rechts vindt ze oppervlakkig en ze ergert zich eraan dat mensen zich opsluiten in hun eigen kamp. „Ik heb veel vrienden met andere ideeën dan ik, zoals Arjo Klamer en Yanis Varoufakis. Arjo heeft zijn dochter naar me vernoemd. En ik heb laatst op Yanis’ motor gezeten, haha!”

Wat de verschillende sprekers bindt is hun overtuiging dat een ongereguleerde markt goed is voor iedereen. „Ik noem mezelf een christelijke liberaal, ik erken dat we een verantwoordelijkheid hebben voor de armen”, zegt McCloskey. „Die zijn in een vrije samenleving het beste af.”

Ook Brook gelooft dat: „Het negentiende-eeuwse Amerika kwam het dichtst in de buurt van het echte vrijemarktkapitalisme. Arme immigranten behoorden daar binnen twee generaties tot de middenklasse.”

Wat Barbara Kolm betreft blijft de Free Market Road Show een jaarlijks evenement, totdat iedereen is doordrongen van deze boodschap. Er komen nu ook edities in de Verenigde Staten en Latijns-Amerika. „We gaan door totdat de hele wereld vrij is.”