Facebook is geen gewoon bedrijf, het is een politiek instrument

Facebook mag zich niet gedragen als een gewoon bedrijf, schrijft Laurens Landeweerd. Het gebruik van Facebook is misschien ieders vrije keuze, maar vrijblijvend is het medium al lang niet meer.

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Afgelopen zaterdag betoogde Peter Olsthoorn in NRC dat de verontwaardiging van de afgelopen weken over de interne censuur van Facebook misplaatst was. Te veel aandacht voor wat een te klein probleem is, en eigenlijk zelfs geen terecht probleem. Facebook is net als een winkel of een concertzaal een private ruimte, en mag dus een eigen set huisregels handhaven, of deze nu terecht worden bevonden door de klanten of niet.

Inderdaad, een gereformeerde meubelzaak mag op zondag dicht, een islamitische boekenhandelaar mag weigeren porno te verkopen. En het gaat hier inderdaad niet om een publieke dienst. Maar social media vergelijken met leidingwater is flauw. Waar ik als klant op zondag naar IKEA kan, of tot maandag kan wachten, en waar ik via andere wegen aan mijn trekken kan komen als ik porno wil kijken, daar kan ik niet kiezen voor een ander sociaal medium van dit formaat.

Het is iedereen vrij zijn eigen social media platform te starten. Hyves, en andere social media sites zijn intussen naast Amiga, Sierra en GWbasic bijgezet in de digitale geschiedeniskast. Dat een nieuwe poging praktisch gezien niet zal lukken – Facebook is alom tegenwoordig – is niet de schuld van Facebookoprichter Zuckerberg. Toch beweert Olsthoorn te gemakkelijk dat Facebook een private ruimte is zoals andere materiële, private ruimtes. De digitale en de reële wereld zijn sterk verschillende omgevingen. Ze volgen een andere ontologie, een andere infrastructuur en hebben ook een andere functie.

Werkgevers screenen inmiddels kandidaten via Facebook: een profiel met de verkeerde foto’s, of überhaupt een gebrek aan een profiel, kan negatieve consequenties hebben voor een kandidaat. Het gebruik van Facebook mag dan vrij zijn, vrijblijvend is het niet meer.

Facebook kan ook een surveillance-instrument voor autoritaire regimes zijn

Toegegeven, juist door de huisregels van Facebook kunnen ook gebruikers die leven onder een autoritair regime toegang verkrijgen tot dit medium. Al zal het Facebook hierbij heus niet om sociale idealen gaan, maar vooral om groei en financieel gewin – daar is het een bedrijf voor. Dit maakt ook dat het voor Facebook interessant is de poort open te houden voor de miljoenen duckfaces en kattenfilmpjes en bepaalde regimes meer ter wille te zijn dan wenselijk is.

De Turkse hoofdredacteur Can Dündar is recentelijk veroordeeld tot vijf jaar gevangenis (na voor de deur van de rechtbank beschoten te zijn) omdat zijn krant Cumhuriyet – de Turkse NRC – onwelgevallig publiceerde over de wapenleveranties aan terroristen in Syrië. Het is de vraag of gebruikers nog kritisch durven te schrijven over deze kwestie. Facebook is immers een open medium. Maar als een enkeling wel nog kritisch durft te schrijven, zou dat voor het Turkse regime wel eens aanleiding kunnen zijn om Facebook een potentiële afzetmarkt van 80 miljoen gebruikers te ontnemen, namelijk door Facebook te verbieden.

Facebook is steeds strenger in het handhaven van haar regels, maar vertoont hierin ook een – schijnbare – willekeur. Terwijl de gebruikersvoorwaarden niet heel erg veranderd zijn, is de interne hygiëne van Facebook getransformeerd van een anti-porno-politie tot een politiek instrument. Dat Facebook een politiek instrument is, bejubelt het zelf waar het gaat om de Arabische Lente, maar de keerzijde wordt niet belicht: Facebook kan ook een surveillance-instrument voor autoritaire regimes zijn. De controle kan zich uitbreiden tot gebruikers in andere landen. Nederlanders die op Facebook kritisch zijn over autoritaire regimes, moeten wellicht twee keer nadenken voor ze naar dit soort landen reizen.

Facebook is een multinational. Het bedrijf heeft inmiddels 1,65 miljard gebruikers, je kunt niet meer stellen dat het makkelijk zat is een alternatief te kiezen. Facebook is overal aanwezig, elk product heeft een Twitterlogo, een Instagramlogo en een Facebooklink. Bij digitaal sociaal verkeer kun je niet om Facebook heen, en elke vorm van censuur is dus meteen censuur van sociale media als zodanig.