Waarom we van underdogs houden (vooral als ze winnen)

Arjen van Veelen schrijft wekelijks over een nieuwsfoto. Vandaag: over het diepe verlangen naar stunts.

Foto EPA/FACUNDO ARRIZABALAGA

Alsof ze een ruimteschip zien landen vol goedaardige buitenaardse wezens. Vol hoop, maar ook perplex, nog niet gerust op de goede afloop. Zo kijken deze fans van Leicester City omhoog naar het voetbalscherm.

Bijna, bijna zijn ze kampioen. Voor het eerst sinds 1894. De kans daarop was 1 op 5.000, aan het begin van het seizoen.

De vrouw op de voorgrond legt haar hand op haar hart. Alsof ze een flauwte wil bezweren, alsof ze zucht van verlangen naar deze stunt.

Het wonder kwam. Het kleine clubje versloeg de steenrijke rivalen als Chelsea of Manchester United. De grootste verrassing op sportgebied van deze eeuw.

Ik kan geen enkele speler van Leicester opnoemen, toch steunde ook ik de club sinds een paar weken. En gun ik deze supporters van harte hun prijs. Waarom?

Omdat mensen houden van underdogs, het effect is wetenschappelijk bewezen. Voorbeeld: team A speelt nacompetitie tegen team B. Team A is de torenhoge favoriet. Voor wie ben je? ‘Voor team B’, zegt ruim 80 procent. Dat bleek uit onderzoek van Bowling Green State University.

Bizar is dat, we houden van de waarschijnlijke verliezers. Waarom eigenlijk? Die vraag stelt Daniel Engber in het artikel ‘Why do we love a loser?’ in tijdschrift Slate (daar komt het onderzoeksvoorbeeld ook uit). Misschien omdat de meeste mensen zelf underdogs zijn? En dus sympathie hebben voor andere verliezers? Nee, niet per se.

Winnen is extra leuk als je niks verwacht

Een van de verklaringen luidt: als je een underdog steunt, valt het altijd mee. Want als je verliest, is het niet erg, daar ging je al van uit. Als je daarentegen wint, is het extra leuk, want onverwacht. Kortom, het is een rationele keuze, een kwestie van kansberekening, om underdogs te steunen.

Daarom zijn er zoveel supporters van Feyenoord. Dat is een club waarvan de supporters er van uit gaan dat ze moeten lijden. En dus vieren ze daar elk prijsje als een meevaller, als een wereldkampioenschap.

Feyenoord-fans zijn niet zelfkastijdend en lijdzaam, zoals vaak gedacht, maar heel calculerend. En tegelijk ook romantisch, want, zoals de dichter J.C. Bloem constateerde: ‘alles is veel voor wie niet veel verwacht’.

Maar mensen kiezen ook graag voor winnaars, toch? Klopt, althans, je hebt het bandwagon-effect. Dat is dat je last minute aan boord gaat van het winnende team, pas als je bijna zeker weet dat ze gaan winnen. Ook dat is een kwestie van calculeren, van risico minimaliseren.

De afgelopen weken stond Leicester al bovenaan. Het was een winnende underdog. De club combineerde dus de aantrekkingskracht van een underdog met de glans van een aankomende winnaar. Vandaar dat de club er wereldwijd opeens zoveel fans bij kreeg: maximaal kans op geluk, minimaal risico op teleurstelling.

Ik kan geen enkele speler van Leicester opnoemen, toch steunde ook ik de club

Maar zien we op de foto dan gezichten vol kansberekening? Nee, we zien veel meer. We zien iets buitenaards. Calculatie is niet de sluitende verklaring voor onze liefde voor gedoodverfde verliezers.

We gunnen het de underdog ook meer, omdat we houden van een team dat het niet op een presenteerblaadje krijgt, en hard moet werken, schrijft Engber. Dat is de gunfactor. Omgekeerd is er zelden enthousiasme voor een gedoodverfde winnaar - zie bijvoorbeeld Hillary Clinton.

Ik zou daar nog aan toe willen voegen: de mens heeft een diep verlangen naar stunts. Stunts zijn prestaties die aantonen dat niets onmogelijk is, dat de natuurwetten niet kloppen, dat de wereld minder dichtgetikt is.

We houden van stunts, zelfs als de stuntman zelf niet per se onze sympathie heeft. Bijvoorbeeld: als ik op televisie een helikopter en politiewagens een rennende man zie achtervolgen, gaat mijn sympathie vaak uit naar de crimineel. Waarom? Omdat ik hoop op een stunt die bewijst dat het onmogelijke mogelijk is.

Het kampioenschap van Leicester City is zo’n stunt. Het zou theoretisch best kunnen dat het op louter toeval berust, zoals Michiel de Hoog en Sander IJtsma van de Correspondent overtuigend analyseerden. Maar dan nog. Het maakt een einde aan een ‘natuurwet’ dat alleen de rijkste clubs kampioen kunnen worden.

Er stond meer op het spel

Als Leicester kampioen kan worden, dan kunnen we meer wetten aan onze laars lappen. Dan kunnen we wellicht vliegen, eeuwig leven, et cetera. Er stond kortom meer op het spel dan voetbal.

De vrouwelijke fan op de voorgrond deed me in de verte denken aan een andere vrouw die verwachtingsvol omhoog kijkt. Ze werd een paar maanden geleden gefotografeerd tijdens een bijeenkomst van presidentskandidaat Donald Trump.

Net als Leicester City, was Donald Trump aan het begin van het ‘seizoen’ een underdog. Vrijwel niemand van de zogenaamde kenners en Amerika-deskundigen dacht dat hij een schijn van kans maakte. En nu! Knijp eens in m’n arm, hij kan zomaar president worden.

Trump is ook een underdog die aan het winnen is. Dubbel aantrekkelijk. Soms betrap ik mijzelf er op dat ik hoop dat hij president wordt. Niet omdat ik achter zijn standpunten sta, en een jaar geleden wist ik nauwelijks wie hij was; maar omdat mensen nu eenmaal een diep verlangen hebben naar stunts.

Meer lezen over tech en media? Volg ons op Twitter: @NRCTechMedia