Raar, de toneeljury negeert dit prangende ‘vluchtelingenseizoen’

Het was het seizoen van het vluchtelingentoneel, met, in de woorden van theatermaker Laura van Dolron, „een tsunami van vluchtelingenvoorstellingen”. Sommige ijzingwekkend raak (afstudeervoorstelling La Isla Bonita van de performanceopleiding Maastricht), sommige teleurstellend. Veel initiatieven braken uit het keurslijf van ‘theater’. Zo zette Ola Mafaalani op het Theaterfestival honderd vluchtelingen op het toneel. Casper Vandeputte smeedde bij Het Nationale Toneel een interessante alliantie met De Correspondent. En op dit moment bereiden Majd Mardo en George Tobal een voorstelling voor asielzoekerscentra voor. Zo begeeft de theatersector zich nadrukkelijk op het snijvlak van kunst en werkelijkheid.

En wat zien we daarvan terug in de juryselectie van het Nederlands Theaterfestival 2016? Nagenoeg niks. Nu zal de jury sputteren: wij kiezen simpelweg de beste voorstellingen! Dat is waar, maar ook een beetje flauw en beperkt. De jury kan voorts beweren: Wij selecteerden toch Dit zijn de namen van NTGent? Gaat over vluchtelingen! Maar dat is onzin. Die voorstelling is gebaseerd op de (prachtige) abstracte, poëtische parabel van Tommy Wieringa, die, inderdaad, heel in de verte gaat over vluchtelingen, en abstraheerde die vertelling nog verder, zodat tergend saai, ouderwets avant-garde-kunsttoneel overbleef. Verder van de actuele werkelijkheid van het vluchtelingenprobleem kan toneel niet verwijderd zijn.

Theater hoeft niet altijd over de politieke actualiteit te gaan, of er middenin te staan. Maar in een seizoen waarin dit zo dikwijls de praktijk was, is het raar om dat geheel te negeren. Zoals La Isla Bonita werd genegeerd. Of De radicalisering van Sadettin K., over migratie, ontheemding, racisme en wij-zij-denken. Ongetwijfeld zal het Nederlands Theaterfestival met zijn randprogrammering deze omissie ietwat corrigeren. Maar waarom niet beginnen bij de basis?

Ik mis een toneeljury die – naast het hanteren van een kwaliteitsoordeel - durft uit te zoomen, die een bredere visie op ‘theater in de wereld’ toont, en die urgente ontwikkelingen op dat gebied herkent én erkent. En ze beloont, door ze een plek te geven op het festival.

Moeilijk? Valt wel mee. De jury kiest tien producties, plus een 11e ‘locatietheatervoorstelling’. Die kan prima binnen de reguliere selectie. En kies voor die 11e plek dan jaarlijks de productie met het grootste maatschappelijk belang. Dan zal de selectie, en dus de schouwburg, er al gauw iets anders uitzien. Meer zoals de echte wereld misschien.