Gaat een rouwdouw het land leiden?

Presidentsverkiezingen in de Filippijnen Wie volgt de populaire Filippijnse president Aquino op? Een populistische, vrouwenhatende burgemeester voert de peilingen aan.

Burgemeester Rodrigo Duterte van Davao City wordt geroemd omdat hij zijn miljoenenstad veiliger maakte. Hij zou daarvoor zo’n duizend criminelen hebben laten omleggen door doodseskaders. Foto Erik De Castro/Reuters

Rodrigo Duterte (71) wil de Filippijnse verkiezingen vandaag niet winnen met nuance. Over een geruchtmakende verkrachtingszaak zei de presidentskandidaat en burgemeester van de miljoenenstad Davao City: „Ik was boos omdat ze verkracht is. Maar ze was zo mooi dat de burgemeester eerst de beurt had moeten krijgen.”

Over het bezoek van de paus was Duterte vorig jaar ook niet bepaald subtiel. Hij verzuchtte in de file: „Paus, son of a bitch. Ga weg! Kom hier nooit meer!” En over de aanpak van criminelen in Manila stelde Duterte, die ervan beschuldigd wordt in Davao City duizend criminelen door doodseskaders te hebben laten vermoorden: „Maak van die duizend maar tienduizend. Er zullen heel veel vetgemeste vissen in de baai van Manila zwemmen.”

Bot? Ja. Vrouwonvriendelijk? Ook. Flirtend met eigenrichting? Zeker. En koploper in de race om het presidentschap? Dat vooral. In de laatste peilingen stond Duterte op 31 procent. Zijn grootste concurrent is waarschijnlijk de 47-jarige senator Grace Poe. Poe is veel van wat Duterte niet is. Ze is mediageniek, staat voor de emancipatie van vrouwen, en komt in haar keurige overhemden onkreukbaar over.

Toch heeft ze de schijn tegen. Poe is het adoptiekind van bekende Filippijnse acteurs, waardoor ze als elitair wordt gezien. Dat beeld wordt versterkt doordat ze vijftien jaar in de VS woonde. Ook wordt er gemompeld dat haar frisse imago schijn is, aangezien ze wordt gesteund door een kliek van vermeend corrupte miljardairs. Ze maakt voor haar campagne gebruik van het privévliegtuig van Danding Cojuangco, de omstreden en puissant rijke man achter bier- en voedingsbedrijf San Miguel.

Vooralsnog lijkt de harde aanpak van Duterte meer aan te slaan dan de glamour van Poe. Duterte krijgt lof voor zijn burgemeesterschap van Davao City, in de publieke perceptie de veiligste stad van het land, met de breedste wegen. Het zijn vaak inwoners van chaotische steden als Manila of Cebu City die de verrichtingen van Duterte in de grootste stad van het zuidelijke eiland Mindanao ophemelen.

Aquino’s erfenis

Hoe veilig Duterte de straten van de Filippijnen ook wil maken of hoeveel internationaal aanzien Poe het eilandenrijk ook wil geven, de twee kanshebbers zullen hard moeten werken om de successen van president Benigno Aquino III, die na zijn termijn van zes jaar niet meer herkiesbaar is, te evenaren. Aquino streed tegen corruptie. Hij brak gesloten sectoren open. De grote, jonge en opgeleide beroepsbevolking stuwt de economie van het land.

Sinds 2011, vlak na het aantreden van Aquino, groeide de economie volgens het IMF jaarlijks met gemiddeld 6,4 procent: een ongekende prestatie voor de Filippijnen. Onder Aquino steeg het gemiddelde jaarinkomen per hoofd van de bevolking van 2.155 dollar tot 3.192 dollar.

Zijn opvolger zal onder grote druk staan om te blijven strijden tegen corruptie en te blijven hervormen. De kandidaten zeggen dat ze een nauwere economische band met China willen en Chinese kunde en geld willen aanwenden bij de aanleg van wegen, havens en spoor. De belabberde staat van de Filippijnse infrastructuur is een belangrijk verkiezingsthema geworden.

Ze was zo mooi dat de burgemeester eerst de beurt had moeten krijgen. Zonde

Duterte, over een verkrachte vrouw

Maar hoe de wens voor nauwere economische banden met China zich verhoudt tot het dispuut op de Zuid-Chinese Zee zeggen de kandidaten niet. China en de Filippijnen maken aanspraak op dezelfde eilanden. Van alle Aziatische leiders heeft Aquino de felste uitspraken op zijn naam staan. De president vergeleek de wijze waarop China de Spratley- en Paraceleilanden bebouwt en controleert met de wijze waarop Hitler in 1938 het Sudetenland annexeerde. „China test de wateren”, zei Aquino vorig jaar. Ondanks die felle retoriek kon ook Aquino er niets aan doen dat de marine geen geld en materieel heeft om de Chinese expansie tegen te houden.

De volgende president zal een koers moeten kiezen. Duterte zei dat hij voorstander is van dialoog. Misschien kunnen de Filippijnen en China tot een akkoord komen om samen energiebronnen op zee te exploiteren, opperde hij. Grace Poe wil de zaak doorzetten die de Filippijnen tegen China zijn begonnen bij het Permanente Hof van Arbitrage in Den Haag. Een vonnis wordt in de komende weken verwacht, en als het hof oordeelt dat de Chinese territoriale claims inderdaad strijdig zijn met internationaal recht, vindt Poe dat de Filippijnen daar gevolg aan moeten geven. Ze wil in ieder geval een sterke krijgsmacht.

Beloven te investeren in het leger is makkelijk scoren in verkiezingstijd. Al decennia strijdt het leger in het diepe zuiden van het land tegen islamitische rebellen. In 2014 sloot president Aquino een vredesakkoord met het Moro Islamitische Bevrijdingsfront, de grootste groepering. Toch blijft het onrustig. In januari vorig jaar sneuvelden 44 elitetroepen bij een vuurgevecht met Moro-strijders. Het bloedbad was een dieptepunt in het presidentschap van Aquino: het liet zien hoe weinig het vredesakkoord waard is.

Dit jaar sneuvelden vijftien soldaten in gevechten met strijders van terreurbeweging Abu Sayyaf. De zorgen over Abu Sayyaf groeien. De beweging beperkt zich doorgaans tot kidnapacties – een Nederlandse vogelaar zit sinds 2012 vast – voor losgeld. Maar nu heeft de groep trouw gezworen aan Islamitische Staat: Abu Sayyaf zegt een Aziatische uitvalsbasis te willen worden voor het stichten van een kalifaat.

Alle presidentskandidaten zeggen de terreurbeweging hard te zullen aanpakken. Uitroeien en het zuiden vreedzaam opbouwen, zeggen ze. Maar dat wilden eerdere presidenten ook. Hoe moeilijk het is orde te brengen in de jungles van het diepe zuiden zal straks een van hen ervaren, na de inauguratie als president op 30 juni, klokslag twaalf uur ’s middags.