Contant geld is een groot goed

nrcvindt

Ooit een briefje van 500 euro in handen gehad? Die kans is bijzonder klein. In Nederland zijn zelfs briefjes van 200 en 100 euro een zeldzaamheid. Grote coupures zijn niet erg courant, en zeker niet liquide in het normale geldverkeer. Er zijn sterke aanwijzingen dat het 500-biljet vooral circuleert in het zwarte en criminele circuit. Er kan daarom weinig bezwaar zijn tegen de beslissing van de Europese Centrale Bank om per 2019 te stoppen met het drukken van deze grootste coupure. Het biljet was sowieso al aan een relatieve terugtocht bezig. Terwijl de economie groeide, stagneert het bedrag in circulatie dat door deze biljetten wordt vertegenwoordigd al een jaar of vijf.

Het stoppen met het 500-eurobiljet mag echter geen opmaat zijn naar de afschaffing van contant geld, wat wel wordt bepleit. Hoewel de indruk bestaat dat elektronisch geld aan een onstuitbare opmars bezig is, laten de statistieken van de ECB iets heel anders zien: cash rukt juist op. Contant geld als deel van het bruto binnenlands product groeit. Het biljet van 500 mag dan uit de gratie raken, in vijf jaar tijd nam het bedrag aan 100 eurobiljetten toe met een derde, en het bedrag aan 50 eurobiljetten zelfs met bijna de helft.

Deze laatstgenoemde coupures streefden de 500-jes in 2012 al voorbij in totale waarde. Kennelijk zijn het niet alleen ‘criminelen’ die een voorliefde hebben voor cash. Sinds de financiële crisis het vertrouwen in het bankwezen deukte, kunnen consumenten een voorliefde hebben ontwikkeld voor het aanhouden van meer contant geld. De gebruikelijke straf daarvoor is dat dit geen rente oplevert. Maar nu de rente voor consumenten nagenoeg nul is, en wellicht net als de officiële rentetarieven onder nul zou kunnen zakken, heeft het aanhouden van contant geld steeds minder nadelen – behalve veiligheid.

In praktische zin is er dus behoefte aan cash, en een centrale bank heeft daar rekening mee te houden. Maar belangrijker is misschien nog wel het principiële aspect. In een wereld waar door de technologische ontwikkelingen elk contact, elke transactie en elke locatie bekend kan zijn en gevolgd kan worden, wordt anonimiteit een steeds groter goed. Cash, en het recht daarmee te betalen, waarborgt die anonimiteit.

Het criminaliseren van het 500-biljet mag dan terecht zijn, maar moet niet worden uitgebreid tot kleinere coupures. Te vaak worden de toenemende surveillance in de samenleving, en het bijbehorende verlies aan privacy, al verdedigd met het argument dat misdaad er mee voorkomen kan worden. Het aanhouden en betalen met contant geld mag niet in die categorie terecht komen.