PSV beleeft het wonder van Zwolle

PSV speler Luuk de Jong houdt de schaal omhoog, huldiging. Foto: ANP

Wekenlang leek het erop dat de prestaties in de Champions League het meest zouden bijblijven in een seizoen dat zou eindigen met een domper. Niet dat het bereiken van de achtste finale de meest indrukwekkende prestaties was die spelers van PSV zich konden voorstellen, maar bij gebrek aan een titel moesten ze toch wat. Ajax was nou eenmaal de grootste kanshebber voor het kampioenschap en PSV zou eindigden als tweede.

,,Een kans is een kans’’, zei PSV-directeur Toon Gerbrands voor de seizoensontknoping, maar toen leek het er toch vooral op dat hij wat moest zeggen. Het in stand houden van bijna vervlogen hoop.

Maar niet voor het eerst in zijn carrière als voetbalbestuurder kreeg Gerbrands zijn gelijk. Terwijl hij bij AZ heeft meegemaakt dat de titel op de slotdag werd verspeeld, was hij zondagmiddag getuige van het wonder van Zwolle. Zo zou je het althans kunnen noemen, PSV’s tweede kampioenschap op rij op een dag dat concurrent Ajax niet verder kwam dan een 1-1 gelijkspel bij De Graafschap. De landstitel werd met een voorsprong van twee punten geprolongeerd.

Nadat het definitieve bericht uit Doetinchem was doorgekomen, renden de spelers van PSV richting het uitvak om feest te vieren met de eigen fans. Spelers en staf bijna tot tranen toe geroerd. Wat een ontknoping. Wat een dag. ,,Helemaal niets in Amsterdam’’, zongen de supporters van PEC Zwolle. Die van PSV hadden het daarvoor te druk met juichen. ,,Kampioenen, kampioenen’’, klonk het in het IJsseldeltastadion.

Absolute horror

Zo kwam alles toch nog goed. En dat terwijl alles erop leek dat PSV dit seizoen leek te hebben verpest. Er werd in kringen van analisten gewezen naar die goedkope penalty die Ajax twee weken geleden kreeg, maar bij PSV wisten ze beter. De ploeg van Phillip Cocu had het zichzelf moeilijk gemaakt door gelijk te spelen tegen kleine clubs als Excelsior, SC Heerenveen en Roda JC. Hoe vaker supporters eraan dachten, hoe meer het drama van toen op absolute horror was gaan lijken.

Vooral de thuiswedstrijd tegen Excelsior was pijnlijk. 1-0 voor tot in de blessuretijd, totdat plots Nigel Hasselbaink de bal in het doel prikte. Hij sprak nadien van het mooiste moment van zijn leven. Bij PSV daarentegen was het een moment dat dit seizoen had kunnen verpesten. Dat het niet zover kwam, was te danken aan een Ajax dat faalde op het moment suprême.

Je weet maar nooit

In Zwolle mocht PSV van geluk spreken dat de thuisploeg onzorgvuldig omsprong met de gecreëerde kansen. PEC stormde naar voren, counterde, was dichtbij de 1-0, maar het was PSV dat op voorsprong kwam en de marge snel erna verdubbelde. Buitenspeler Jurgen Locadia zorgde voor de onverwachte 0-1, waarna spits Luuk de Jong de 2-0 binnenschoot. Gehaast rende De Jong terug naar zijn eigen helft. Toen verkeerde hij nog in de veronderstelling dat PSV er nog vijf moest maken om ook via doelsaldo op gelijke hoogte te komen met Ajax. Onder het mom: je weet het nooit.

En toen kwam daar, een kwartier na rust, bericht uit Doetinchem. Ajax 1-1. Alsof het een doelpunt van PSV betrof juichte het Eindhovense vak in Zwolle, terwijl voormalig PSV-spits Luc Nilis zijn buurman op de perstribune een knuffel gaf. Ook hij, tegenwoordig spitsentrainer, hunkerde naar de titel. Met gierende zenuwen en de handen soms voor de ogen. In afwachting van een lot dat zich niet nog niet liet bepalen. Ware kampioenskoorts. Maar ook: knagende onzekerheid.

Plots was daar nog een doelpunt van PEC, van Ouasim Bouy, maar nog geen minuut later hield Luuk de Jong de veilige marge in stand (1-3). Daardoor hoefden PSV-fans niet te vrezen voor hun eigen ploeg, maar kon alle aandacht uitgaan naar het spelverloop bij De Graafschap-Ajax. Net zo lang tot er was afgefloten in Doetinchem en de spelers van PSV een feest ontketenden op een middag die ze nooit meer zullen vergeten. Net als die van Ajax.