Zelfstandig maakt Van Lanschot weinig kans

Delta Lloyd verkoopt zijn belang in Van Lanschot via een minibeursgang.

Foto KOEN SUYK / ANP

Je zou het bijna vergeten. Anderhalve maand geleden slaagde Delta Lloyd erin, ondanks hevig verzet van aandeelhouders, voor honderden miljoenen euro’s nieuwe aandelen te verkopen. Het geld dat daarmee werd opgehaald, werd gebruikt voor het versterken van de buffers. Die waren volgens de verzekeraar tot een gevaarlijk laag niveau geslonken.

Maar daarmee was Delta Lloyd er nog niet. Om op een veilig niveau uit te komen, wil het bedrijf ook zijn belang in de Bossche bank Van Lanschot verkopen. Delta Lloyd bezit iets meer dan 30 procent van de aandelen van die bank. Die zijn op dit moment 240 miljoen euro waard.

Die verkoop vindt vermoedelijk zeer binnenkort plaats. Deze week maakte Delta Lloyd bekend dat het twee zakenbanken (Goldman Sachs en UBS) heeft ingehuurd om kopers te zoeken. Doorgaans is het dan een kwestie van weken.

De aandelen worden verkocht via een minibeursgang. Die is nodig omdat Delta Lloyd er niet in is geslaagd het belang in één keer te verkopen aan een grote belegger. Er waren wel geïnteresseerden, zegt een ingewijde. Maar het kwam nooit tot een deal. Mogelijk omdat Van Lanschot tegenstribbelde. Die wil het liefst dat Delta Lloyds belang overgaat naar meerdere kleine en grotere beleggers. Dat zou goed zijn voor de handel, en dus voor de koers.

Zal een minibeursgang wel slagen? Is Van Lanschot een aantrekkelijke belegging? Wat voor bank is het eigenlijk? Een zakenbankier, die wegens de gevoeligheid van het onderwerp anoniem wil blijven, zegt: „Alles is verkoopbaar, maar dit wordt zeker geen slam dunk”.

‘Miljonairsbank’

Goed voor Van Lanschot en Delta Lloyd is dat het een bekend merk is. Bijna alle Nederlanders kennen de bank en associëren die met een exclusieve instelling waar rijken hun bankzaken regelen.

Bij Van Lanschot kun je in tegenstelling tot andere private banks overigens al terecht vanaf 2,5 ton. „Maar als je een bankpasje hebt van Van Lanschot denkt iedereen meteen dat je miljonair bent”, lacht een voormalige directeur van de bank.

Verder is het een financiële instelling die net als andere kampt met moeilijke omstandigheden. De bank zit bovendien middenin een ingrijpende metamorfose.

Vanaf de jaren tachtig groeide de in 1737 opgerichte bank snel, dankzij de stijgende welvaart in Nederland. In 1991 kwam de leiding voor het eerst in handen van een buitenstaander, de latere Rabobank-topman Bert Heemskerk. De familie Van Lanschot bleef toezicht houden en is nog altijd een grote aandeelhouder. Heemskerk was de man die de deuren openzette voor ‘gewone’ rijken.

In de jaren daarna werd de bank steeds ambitieuzer. In 2004 trad Floris Deckers aan, ook een buitenstaander. Hij kwam van ABN Amro. Onder zijn leiding nam Van Lanschot de zakenbank Kempen & Co over, evenals CenE Bankiers, een onderdeel van ING. Van Lanschot ging vermogensbeheer doen voor pensioenfondsen, adviseren bij fusies en overnames, vastgoedfinanciering. En Deckers wilde grote zakelijke klanten strikken. „Er werden miljoenen uitgeleend aan filmbedrijven, Ferrari-importeurs en vastgoedondernemers”, zegt de ex-directeur.

Financiële crisis

Niet al die beslissingen pakten goed uit. Integendeel. Toen de financiële crisis uitbrak in 2008 stapelden de stroppen zich op. Met name de ambitieuze vastgoedleningen en miljoenenkredieten aan ondernemers werden niet of slechts deels terugbetaald. Bijkomend probleem: Van Lanschot had vaak geen onderpand geëist voor die leningen. „Dat heeft de bank een pak geld gekost”, aldus de oud-directeur. „We lieten ons in met dingen waar we geen verstand van hadden.”

Dieptepunt was 2012 waarin Van Lanschot een recordverlies leed. Voor de crisis was de beurskoers 80 euro, nu is die minder dan 20 euro.

Karl Guha, die ook van ABN Amro kwam, trad in 2013 aan en gooide het roer om. Van Lanschot moest niet langer een soort mini-ABN Amro zijn: een bank die bijna alles deed voor welgestelde klanten, maar dan kleiner. Nee, de bank moest vooral een vermogensbeheerder worden. De vastgoedleningen werden verkocht, de zakelijke kredietverlening afgebouwd.

Het mes werd in de kosten gezet. Sinds 2011 is een vijfde van de banen geschrapt, zo’n 400 in totaal. Sommige weelderige panden die Van Lanschot betrok, werden verkocht en teruggehuurd, en soms verlaten. In een van de monumentale panden in thuisstad Den Bosch zit nu een zaak die drie maanden per jaar vijftig soorten pepernoten verkoopt. Dat levert kennelijk wel genoeg op.

Guha is echter nog niet klaar. De tak die de vermogens van particulieren belegt, draait niet bijster goed. Sterker, het grootste deel van de winst komt van de zakenbank, de poot die geld belegt voor onder andere pensioenfondsen, en van de bankendivisie. „Kempen is de kurk waarop Van Lanschot drijft”, zegt de ex-directeur.

De kosten blijven ondanks de maatregelen relatief hoog. Vorige week moest Van Lanschot toegeven dat ze haar financiële doelen voor 2017 niet haalt. Dat lukt waarschijnlijk pas in 2020. Ook werd een extra investering aangekondigd in automatisering van 60 miljoen euro, om de kosten verder te verlagen.

De markt voor vermogensbeheerders is een lastige. Er zijn veel aanbieders en dat maakt het moeilijk hoge prijzen te rekenen. De concurrentie neemt toe. Voor ‘beginnende’ rijken heeft Van Lanschot Evi geïntroduceerd. Daarmee kunnen klanten zelf online beleggen en advies krijgen. Maar er zijn steeds meer bedrijven die zoiets doen. Robeco One. Fundix. Ook Robo-adviseurs zijn in opkomst.

Dat maakt lage kosten en automatiseren des te belangrijker. „Maar op dat laatste gebied heeft de bank het niet bepaald goed gedaan de afgelopen jaren”, zegt de zakenbankier. De bank heeft al tientallen miljoenen in IT geïnvesteerd, zegt hij, maar er moet nu weer 60 miljoen bij. „De vraag is of ze nu wel succesvol zijn.”

Eindbestemming

Van Lanschot heeft in ieder geval een duidelijke keuze gemaakt. Guha is ook goed op weg met de uitvoering daarvan, vindt de zakenbankier. „Maar de vraag is of hij zijn eindbestemming zal bereiken. Of Van Lanschot als pure vermogensbeheerder op lange termijn kan blijven bestaan.”

In de sector zijn de laatste tijd meer fusies en overnames. Onlangs fuseerden Theodoor Gillissen en Insinger de Beaufort. Of Van Lanschot zelfstandig kan blijven, moet blijken. Als zij haar zaakjes niet op orde krijgt, is dat een risico, denkt de zakenbankier. „Zoals het nu gaat moet je concluderen dat een zelfstandig scenario geen kans van slagen heeft.”

Hij wijst erop dat partijen die eerder geïnteresseerd waren om Delta Lloyds belang over te nemen mogelijk in de herkansing alsnog hun slag slaan. Als de aandelen straks verkocht zijn, kunnen zij de nieuwe aandeelhouders verleiden hun aandelen door te verkopen.

De voormalige directeur: „Het ergste wat kan gebeuren is dat een Aziatische partij Van Lanschot opkoopt.” Hij wijst op het Chinese Anbang dat vorig jaar Vivat (het vroegere Reaal) kocht en waarvan bekend is dat die meer overnames in Nederland wil doen. Voor buitenstaanders is het onduidelijk hoe Anbang er financieel voorstaat en wie de eigenaren zijn. Dat soort informatie verstrekt Anbang niet. „Zulke bedrijven wil je niet. Want banken moeten het hebben van vertrouwen.” Voor beleggers is zo’n scenario wel weer interessant. Die kunnen profiteren van koersstijgingen die meestal volgen.