Veel meer disciplines dan alleen de psychologie verdienen kritiek

In de wetenschapsbijlage van 9 april werd veel aandacht besteed aan de betrouwbaarheid van wetenschappelijke bevindingen. In het bijzonder de psychologie en psychologen als beroepsgroep werden ‘uitgelicht’ en kwam er weinig fraai vanaf als het gaat om ‘wetenschappelijk gehalte’. Als reacties uitblijven is dit waarschijnlijk vanwege de volkswijsheid: wie geschoren wordt moet stil zitten. Ik geloof daar persoonlijk niet in, dus als psycholoog-practioner reageer ik graag. Ik ben blij met de kritische aandacht voor het wetenschappelijk gehalte van de psychologie. Enkele maanden geleden werd in deze krant al bericht over onderzoek waaruit bleek dat slechts zo’n 40 procent van de bevindingen uit wetenschappelijk psychologisch onderzoek gerepliceerd kon worden.

Onlangs werd er bericht over herhalingsonderzoek voor ‘ego-depletie’. Een volgende kandidaat voor ontmaskering is naar mijn inschatting ‘priming’ (onbewuste beïnvloeding via associatie). Wat we kunnen leren is dat het wetenschappelijk gehalte van de psychologie tekortschiet. Ik zie het als een fase op weg naar volwassenwording van de psychologie als wetenschap. En ik denk dat actie vanuit met name het wetenschappelijke veld nu vergroot is. De voorstellen die gedaan werden in de verschillende artikelen zijn een mooi startpunt. Mochten passende maatregelen toch uitblijven, dan dreigt het imago van ‘psychologie van de kouwe grond’. Overigens lijkt het nu of de psychologie in het bijzonder ‘onwetenschappelijk’ is. Dat is niet juist. Het wetenschappelijke gehalte voor veel meer disciplines verdient kritische beschouwing.