Zonder emotie komt er geen hulp voor Afrika

4 vragen hulp Nederland voor Afrika Maandag begon het Rode Kruis zijn actie voor slachtoffers van El Niño in Afrika. Er was veel aandacht aandacht op tv. Dat helpt.

Foto Reuters

De eerste twee dagen van de campagne maakten Nederlanders 277.000 euro over op Giro 7244. „Een substantieel bedrag”, zegt een woordvoerder van het Rode Kruis. Minder dan de 337.000 euro vorig jaar in de eerste twee dagen na de aardbeving in Nepal, maar veel meer dan de 29.000 euro eerder dit jaar in een week voor Syrische slachtoffers.

1Waarom is er juist nu een actie van het Rode Kruis?

Al sinds vorig jaar wordt gewaarschuwd voor gevolgen van El Niño. Vorige week sloegen de VN alarm. Het Rode Kruis in Nederland maakt zelf de afweging of het, naast overheidsbijdragen en reguliere donaties, een beroep doet op het publiek. „In steeds meer landen in Afrika ontstaan acute noodsituaties. We vrezen dat de voedselcrisis kan uitmonden in hongersnood”, zegt de woordvoerder.

2 Zamelt alleen het Rode Kruis in?

Nee. Vorig jaar november gaf de Nederlandse overheid al 8,6 miljoen euro aan organisaties voor noodhulp in Ethiopië. Ook andere hulporganisaties vragen donateurs extra bijdragen, zoals Cordaid woensdag. Maar tot gezamenlijk optreden via Giro555, zoals vorig jaar voor Nepal en in 2011 bij droogte in de Hoorn van Afrika, is (nog) niet besloten. Dat heeft onder meer te maken met het sluipende karakter van de huidige crisis. Er zijn (nog) geen iconische beelden die het grote publiek wakker schudden. Daardoor is de kans van slagen van een grote publiekscampagne onzeker.

Animatie-42-miljoen

3 Wil Nederland nog wel geven, ook aan Afrika?

Zeker, zeggen fondsenwervers, experts en hulporganisaties. Een aantal factoren is van belang, schetst Theo Schuyt, hoogleraar filantropische studies aan de VU. Media-aandacht is cruciaal. Gevers moeten het gevoel hebben dat de hulp zinvol is en mensen kan redden. En het succes neemt toe naarmate meer organisaties en mensen meedoen. Reinier Spruit, expert in fundraising, vindt het net als Schuyt een goede zet van het Rode Kruis, „met zijn staat van dienst”, om het Afrikaanse probleem op de kaart te zetten. Hij beaamt dat hulpacties lastiger zijn zonder massale aandacht in de media. Maar niet onmogelijk.

„Sterker nog: veruit de meeste fondsenwerving gebeurt zonder het 8-uur-journaal. Mensen geven geld, omdat hun op inspirerende wijze wordt gevraagd bij te dragen aan de oplossing van een probleem, en waarvan ze vinden dat het bij hun eigen normen en waarden hoort. Emotie is essentieel.”

4 Waaraan is afgelopen jaren gegeven?

Aan slachtoffers van natuurrampen. Het lijden is het zichtbaarst en het is evident dat hulp levens redt. Het meeste (208,3 miljoen) ging in 2004 naar tsunamislachtoffers in Zuidoost-Azië, gevolgd door de aardbeving in Haïti in 2010 (111 miljoen). Weinig (5 miljoen) ging in 2013 naar slachtoffers van de Syriëoorlog. Elk weldenkend mens weet dat onschuldige burgers slachtoffer worden. Tegelijk is er perceptie: ze doen het zichzelf aan.