Overschot 310 mln voor zorg: hoe kan dat?

Gemeenten zouden te weinig geld voor zorg hebben. Maar nu blijkt dat ze honderden miljoenen overhouden.

Verrassend nieuws: gemeenten hebben vorig jaar geld overhouden op hun budgetten voor de zorg aan thuiswonende ouderen en zieken. Dat blijkt uit onderzoek in opdracht van vakblad Binnenlands Bestuur en de NOS. Ongeveer 310 miljoen euro hielden de gemeenten over. Dat is 6,5 procent van het totale zorgbudget van gemeenten. Zowel kleine als grote gemeenten hebben geld overgehouden.

Hoe kan dat? Wethouders en raadsleden protesteren met grote regelmaat over de ‘te krappe’ budgetten die gepaard gaan met de decentralisatie van zorgtaken, die begin 2015 plaatshad. En de bezuinigingen op de zorg zijn ook fors. Zo hadden gemeenten vorig jaar voor huishoudelijke hulp 32 procent minder te besteden. Het totale zorgbudget kromp met 11 procent.

Gemeenten hebben forse maatregelen getroffen om die krapte te doorstaan. De eigen bijdragen in de zorg zijn verhoogd. Een kwart van de gemeenten schrapte de vergoeding voor huishoudelijke hulp geheel. Veel andere gemeenten kende aan hulpbehoevenden minder uren toe. Of ze betaalden minder geld per uur aan thuiszorgorganisaties.

De gevolgen: TSN Thuiszorg, met 40.000 patiënten, is failliet gegaan onder druk van te lage tarieven. Er is een hausse aan rechtszaken, aangespannen door burgers die zich verzetten tegen de versobering van hun thuishulp. En ouderen en zieken mijden de zorg, zo zeggen belangenorganisaties, omdat de eigen bijdragen hen te hoog zijn.

„En dan houdt men geld over!”, zegt Atie Schipaanboord, coördinator belangenbehartiging van ouderenbond ANBO. „Ouderen moeten meer voor hun zorg betalen. En die zorg verschraalt ook nog. Ongehoord dit.” Directeur Illya Soffer van Ieder(in), belangenorganisatie voor gehandicapten en zieken, zegt dat de overschotten op de budgetten „hartstikke goed nieuws” zouden zijn, „als burgers ook echt tevreden zouden zijn”. Maar uit onderzoek onder de eigen achterban blijkt „keer op keer” dat „mensen onvoldoende goed bejegend en gehoord zijn door hun gemeenten. Men zegt: ik word zwaarder belast. Ook de mantelzorger heeft het zwaarder gekregen.”

De belangrijkste reden voor de overschotten, blijkt uit het onderzoek: gemeenten hebben streng ingekocht. Hoge eigen bijdragen, soberder zorg, een groter beroep op de ‘eigen kracht’ van burgers. Staatssecretaris van Rijn (VWS, PvdA) zegt tegen Binnenlands Bestuur dat sommige gemeenten misschien „te zuinig” zijn geweest, bij hun inkoop. „Te zuinig is natuurlijk nooit goed.”

Te verklaren is die zuinigheid wel. Gemeenten hebben in de aanloop naar de decentralisatie lang in onzekerheid verkeerd over de hoogte van de zorgbudgetten. Het Rijk heeft de begrotingen per gemeente tussentijds ook meermaals bijgesteld. Juist die onzekerheid was de grootste klacht van wethouders van financiën afgelopen november: 234 van hen hekelden de „onvoorspelbaarheid van het Rijk” bij het uitkeren van de zorgbudgetten. Logisch gevolg: wethouders werden voorzichtig. En hun inkoopbeleid ook.

Staatssecretaris Van Rijn concludeert uit het overschot van 310 miljoen euro dat er „kennelijk” genoeg geld naar gemeenten is gegaan. Soffer van Ieder(in) betwijfelt dat: „De zorg is nog lang niet goed genoeg.”