Onthoofding

Over de doden niks dan goeds natuurlijk, zeker op iemands sterfdag. Maar als ik langs Pim Fortuyns voormalige Palazzo di Pietro aan het G.W. Burgerplein fiets, moet ik altijd aan zijn onthoofde standbeeld denken. Een verhaal waar destijds niet om gelachen mocht worden, want ‘onze’ Pim was nog maar net dood, maar waarover we jaren later best mogen zeggen dat het een hilarische gebeurtenis was.

Fortuyns vriend Harry Mens had kort na de moord een standbeeld laten maken van Pim in de at-your-service-houding. Het beeld (op ware grootte) moest uit het oosten van het land komen en werd met een vrachtwagen-met-oplegger naar Rotterdam gebracht. Tientallen journalisten en andere belangstellenden hadden zich voor deze speciale gebeurtenis verzameld op het G.W. Burgerplein, waar het beeld in de voortuin van het palazzo zou worden geplaatst.

Na bijna een uur vertraging en zichtbaar zenuwachtig gedoe achter de schermen, kwam de vrachtwagen het plein oprijden, met op de oplegger het kunstwerk, afgedekt met een doek. Toen dat werd weggehaald, zagen we tot ieders verbazing dat het standbeeld een soort sjaal van stof om zijn hals had. Harry Mens kon niet anders dan ter plekke opbiechten dat er ‘helaas een ongelukje’ had plaatsgevonden.

Een kilometer voor de eindbestemming had de vrachtwagenchauffeur een onfortuinlijke inschatting gemaakt van de hoogte van het laatste viaduct, waardoor de bronzen Pim – die staande werd vervoerd – werd onthoofd door de betonnen bovenrand van het Weenatunneltje. De chauffeur had in paniek nog de kop terug op de romp gezet en de breuk bedekt met een reep stof, allemaal in de hoop dat het niet op zou vallen.

Harry Mens zorgde binnen een paar weken voor een replica. Jaren later werd het beeld, na de verkoop van het palazzo, door de nieuwe eigenaar daarvan op een veiling verkocht aan een anonieme bieder. De orginele, onthoofde versie heeft Mens laten restaureren en aan de LPF geschonken. Waar de twee beelden uiteindelijk gebleven zijn, weet niemand.

Vandaag wordt Pim Fortuyn, zoals jaarlijks op zijn sterfdag, door een betrekkelijk klein clubje aanhangers herdacht op de ‘Pim Fortuyn-plaats’, een verstopt pleintje in het centrum van Rotterdam. Ook daar staat een beeld, een borstbeeld dit keer, met op de sokkel de volgende tekst: LOQUENDI LIBERTATUM CUSTODIAMUS (‘Laten wij waken over de vrijheid van het spreken’). Een boodschap die door veel Rotterdammers (en andere Nederlanders) vooral in de praktijk is gebracht door te ‘zeggen wat je denkt’. Een erfenis van Fortuyn die wat mij betreft overigens wel weer wat minder zou mogen.