Conflict Pools kabinet en gerechtshof verergerd

Even geen slecht nieuws, svp: de kredietbeoordelaars luisteren mee. Dat was de boodschap die de Poolse minister van Financiën Pawel Szalamacha afgelopen maandag per brief overbracht aan Andrzej Rzeplinski, de voorzitter van het grondwettelijke tribunaal. Maar de brief had een averechts effect.

Met het tribunaal ligt Szalamacha’s kabinet flink overhoop. Met het oog op een beoordeling van de Poolse kredietwaardigheid door ratingbureau Moody’s op 13 mei, vroeg de minister aan Rzeplinski zich „te onthouden van stellingnames die het niveau [van het conflict over het tribunaal] zouden verhogen”.

Maar rechter Rzeplinski maakte de inhoud van de brief donderdag bekend. Daarna daalde de koers van de zloty met 0,5 procent ten opzichte van de euro. Het verschil in rente tussen Poolse en Duitse staatsobligaties ging naar 293 basispunten, het hoogste niveau in meer dan twee jaar.

Het conflict tussen regering en hof begon eind 2015, toen regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid (PiS) nieuwe constitutionele rechters probeerde te benoemen op een wijze die het hof onwettelijk achtte. De crisis verdiepte zich nadat PiS wetgeving had ingevoerd om de werkwijze van het tribunaal te veranderen. Het hof verklaarde die wetgeving eveneens ongrondwettelijk, maar de regering weigert dat vonnis via officiële publicatie rechtsgeldig te maken.

De onduidelijke situatie baart beleggers zorgen. Volgens veel critici dreigt de regering het hof en de rechtsstaat te verlammen. Standard & Poor’s verlaagde zijn beoordeling van Polen al en verwees naar de „erosie” van de rechtsstatelijke regels.

Analisten wezen na de val van de zloty met de beschuldigende vinger naar de heimelijk opererende regering. Maar Szalamacha ziet een andere schuldige: „Ik betreur dat mijn verzoek geen gehoor heeft gevonden bij de voorzitter”, verklaarde hij.