Aanval kamp in Syrië ‘mogelijk oorlogsmisdaad’

Assad mikt op het „verpletteren” van de rebellen in Aleppo.

Een aanval op vluchtelingenkamp Kamouna in de provincie Idlib in Noord-Syrië was „mogelijk een oorlogsmisdaad”. Dat zei Stephen O’Brien, ondersecretaris-generaal van de Verenigde Naties en hoofd humanitaire zaken, tegen de BBC.

O'Brien wil een onderzoek naar het bombardement, donderdag, op het vluchtelingenkamp, waarbij zeker 30 mensen omkwamen. In de sociale media circuleren videobeelden van verbrande tenten, verkoolde lichamen en gewonde vrouwen en kinderen die in een vrachtwagen worden geladen. In Kamouma, op 10 kilometer afstand van de Turkse grens, zaten tussen de 1.500 en 2.000 mensen die gevlucht waren uit Aleppo en Palmyra. Volgens een lokale activist zijn er zeker twee aanvallen uitgevoerd. Activisten houden het Syrische leger en Rusland verantwoordelijk voor het bombardement. Een onbekend aantal gewonden is naar Turkije overgebracht voor medische verzorging.

De luchtaanvallen komen een dag nadat het zogeheten ‘regime van stilte’ werd uitgebreid naar Aleppo. Het Syrische regime en de gematigde rebellen gingen onder zware druk van Rusland en de VS akkoord met een tijdelijk bestand in de stad en de gelijknamige provincie. Deze overeenkomst geldt niet voor de provincie Idlib, waar verschillende jihadistische rebellengroepen de dienst uitmaken.

Het bestand zorgde donderdag voor relatieve rust in Aleppo. Maar in de afgelopen dagen werd zwaar gevochten, en vielen er rond 300 doden.

De Syrische president Assad stuurde donderdag een telegram naar zijn collega Poetin, waarin hij stelt dat zijn leger mikt op „de totale overwinning” en het „verpletteren” van de rebellen in Aleppo. De VN waarschuwen voor „catastrofale” gevolgen als de wapenstilstand klapt. Er kan een stroom van 400.000 vluchtelingen op gang komen richting de Turkse grens.

In andere delen van Syrië ging de strijd gewoon door. Er vielen, volgens het Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten, zeker 73 doden bij een verovering van een dorp bij Aleppo. De aanval werd uitgevoerd door jihadisten van het aan Al-Qaeda gelieerde Al-Nusra. Zij veroverden een strategisch gelegen dorp.