Labrador is gulzig door zijn genen

Vetzucht Labradors staan bekend als dikste hondenras. Door een mutatie zijn de honden geneigd om meer te eten dan goed voor ze is.

Labradors doen alles voor eten - dat zit in hun genen. Foto iStock

Omrollen, zitten, pootje geven. Voor een brokje of hondenkoekje doen labradors eigenlijk alles. Die voorliefde voor snacks maakt van labradors de dikkertjes van de hondenwereld. Uit onderzoeken rolt de labrador keer op keer als dikste ras.

Die gulzigheid van de labrador heeft een biologische oorzaak, blijkt nu. Een genmutatie verstoort het gevoel van verzadiging dat zoogdieren normaal hebben na een maaltijd. Britse en Zweedse genetici vonden de labradormutatie en maakten de ontdekking ervan dinsdag bekend in Cell Metabolism.

De genetici kwamen de mutatie op het spoor door het DNA van dikke en dunne labradors met elkaar te vergelijken. Bij labradors met overgewicht ontbrak vaak een stukje van 14 baseparen (‘letters’ in het DNA) uit het gen POMC. POMC produceert verschillende hormonen die in de hypothalamus het hongergevoel beïnvloeden.

Zo’n 22 procent van de labradors heeft ten minste één gemuteerde kopie van het POMC-gen. Elke gemuteerde kopie verhoogt het gewicht van de hond met zo’n 1,9 kilo, op een gemiddeld gewicht van 32 kilo.

Labradors-met-mutatie slagen erin meer voedsel los te peuteren bij baasjes

POMC was bij andere dieren al eerder in verband gebracht met obesitas. Muizen waarbij het gen is uitgeschakeld eten veel te veel en worden snel obees. Bij mensen zijn mutaties in POMC zeldzaam, maar er zijn dragers bekend die als dreumes al obesitas kregen.

De genetici waren verrast dat ook honden met POMC-mutaties een hoger risico op obesitas hebben, omdat baasjes in principe bepalen hoeveel een hond beweegt en hoeveel eten hij krijgt. Blijkbaar slagen labradors-met-mutatie er toch in om meer voedsel los te peuteren bij hun baasjes.

Onder labradors die zijn opgeleid tot hulphond komt de POMC-mutatie drie keer vaker voor dan bij andere labradors. Misschien komen de honden met een mutatie over als leergieriger, omdat ze harder werken voor een beloning, opperen de genetici.

Bij andere rassen komt de POMC-mutatie nauwelijks voor. De genetici troffen de mutatie alleen aan bij flatcoated retrievers. Labrador retrievers en flatcoated retrievers stammen, net als andere retrievers, af van de St. John’s-waterhond, een uitgestorven hondenras uit Newfoundland.

De aangeboren neiging tot overeten pleit de baasjes van labradors niet vrij. Met veel beweging en matig voeren is het risico op vetzucht bij de hond te beperken. Ook bijvoeren met mensenvoedsel is een slecht idee.