Filmmontage was vrouwenarbeid

Filmmontage was ooit geestdodend en onderbetaald: vrouwenwerk dus. Ook nu zijn monteurs vaak vrouwen. Waarom?

Mother Cutter werd ze genoemd, Verna Fields (1918-1982), de vrouw die de montage deed van Steven Spielbergs Jaws (1975). Zij was het die de regisseur overtuigde vooral beelden zonder haai te tonen. Spielberg sputterde tegen: de opnames met Bruce, de continu haperende mechanische haai, hadden hem maanden gekost, maar later gaf hij toe dat Fields’ keuzes het verschil maakten tussen heel eng en „iets wat leek op een drijvende witte drol”.

Fields is een van de vele vrouwelijke filmeditors die cruciale bijdrages leverden aan klassiekers uit mannenbastion Hollywood. Online zijn odes te vinden aan dames als Dede Allen die Bonnie and Clyde monteerde, Lisa Fruchtman (Apocalypse Now, 1979) en Margaret Sixel die een Oscar ontving voor haar werk aan Mad Max: Fury Road. Montage was dit jaar een van de weinige Oscarcategorieën waarin evenveel mannen als vrouwen werden genomineerd – toegegeven: twee van de drie dames deelden hun nominatie. Beweren dat montage een tak is waar vrouwen door het glazen plafond zijn gestoten, is overdreven. Volgens het Center for the study of Women in Television and Film was bij 22 procent van de meest lucratieve Hollywoodfilms van 2015 de editor een vrouw.

In de vroegste Hollywoodfilms hielden regisseurs zich niet echt bezig met montage. Na de opnames lieten cutters de honderden shots over een spoel glijden, handmatig knipten en lijmden ze die volgens het scenario aan elkaar. Geestdodend, onderbetaald werk waarvoor je zelden op de aftiteling verscheen. Dus vaak gedaan door vrouwen. Editor Nico Leunen: „De associatie montage-vrouwen stamt uit de tijd waarin beelden aan elkaar werden geniet op apparaten die leken op naaimachines.” Toen montage meer werd dan letten op continuïteit, kwamen uit deze handenarbeidsters de montagetalenten bovendrijven. Dames als Margaret Booth (1898-2002), montagesupervisor bij filmstudio MGM.

Tot op de dag van vandaag zweren veel regisseurs bij een vrouwelijke monteur: zie de innige samenwerkingen tussen Martin Scorsese en Thelma Schoonmaker. Monteren van een film is nog steeds maanden puzzelen in een benauwde ruimte, testosteron helpt dan vaak niet. Quentin Tarantino wilde voor Reservoir Dogs (1992) per se een vrouwelijke monteur; hij werkte vervolgens jaren met Sally Menke samen, tot haar dood in 2010. In documentaire The Cutting Edge gekscheert hij dat hij zich wel soms aan haar ergerde: „Ze moet mijn gedachten 100 procent lezen, 80 procent volstaat niet.”