Acteurs zijn vee, en vee denkt niet na

Angst voor bijna alles was de drijfveer voor de Britse regisseur Alfred Hitchcock. Door Thomas van den Bergh

Alfred Hitchcock: Een afstandelijke man, asociaal, onhandig, en een voyeur Foto Hollandse Hoogte

Als Alfred Hitchcock (1899-1980) zijn middagthee op had, wierp hij het theekopje in een sierlijke boog over zijn schouder. Het geluid van brekend porselein herinnerde hem eraan ‘dat de wereld broos is’, schrijft zijn biograaf Peter Ackroyd. Zelf zei de filmregisseur over die merkwaardige gewoonte: ‘Het neemt de spanning weg. Veel beter dan acteurs uitschelden.’

In zijn met vaart geschreven boek noteert Ackroyd meer zonderlinge zaken. Zo had ‘Hitch’ een brillenfetisj, viel hij zomaar midden op de set of tijdens een diner in slaap, en was hij ‘een onvermoeibaar roddelaar op het gebied van seksuele aangelegenheden’.

Een afstandelijke man, asociaal, onhandig. Een voyeur. Geen nieuwe inzichten over the master of suspense. Maar Ackroyd slaagt erin al die aspecten van Hitchcocks persoonlijkheid met elkaar in verband te brengen. Zo ontstaat een gelaagd, geloofwaardig portret van de schepper van het grootste thriller- oeuvre in de geschiedenis van de film.

Ackroyd beschrijft Hitchcock als extreem bange man. Bang voor gezelschap, reizen, beesten, het oversteken van de studiovloer. Om die angsten te bezweren richtte hij zijn leven in ‘als militaire campagne’. Met neurotische precisie werd het huishouden gerund. Zijn dagen deelde hij in volgens strenge schema’s. Ackroyd: ‘Juist omdat hijzelf zoveel angst kende, wist hij de angsten van het publiek zo goed te bespelen.’

Hitchcock groeide op in een eenvoudig Londens milieu. Zijn gebrek aan scholing compenseerde hij met ambitie. Begonnen als schilder van tussentitels bij stomme films, werkte hij zich omhoog binnen de studio’s. In 1925 regisseerde hij, op 25-jarige leeftijd, zijn eerste film, The Pleasure Garden.

Vanaf het vroege begin vallen zijn films op door een combinatie van theatraliteit en realisme. Ackroyd herleidt die tot Hitchcocks katholieke en cockney-achtergrond. Daarbij komt een fascinatie voor misdaad en straf, dood en verderf. Hitch’ macabere verbeelding en zijn zwarte humor doen de rest.

Machtsstrijd

Al snel wordt hij gezien als een van de grote cineasten van zijn tijd. Niet alleen de filmkritiek, maar ook het publiek is laaiend over films als The 39 steps en The Lady Vanishes. Een gang naar Amerika kan niet uitblijven. Daar raakt hij verstrikt in een machtsstrijd met producenten en studiobazen. Toch weerhoudt dat Hitchock er niet van in hoog tempo de ene na de andere succesfilm te regisseren. In feite is Ackroyds boek vooral een aaneenschakeling van die filmprojecten. Over de vader, echtgenoot of vriend die Hitchcock was, komen we amper iets aan de weet. Zo gek is dat niet. Hitchcocks leven bestond uit film. Als hij nog in de postproductie van zijn vorige zat, zette hij al de eerste ideeën voor de volgende op papier. In zijn Amerikaanse hoogtijdagen regisseerde hij in hoog tempo klassiekers als Strangers on a train, I Confess, Dial M for Murder en Rear Window. Ackroyd typeert alle films kort en treffend. Hij durft ook kritisch te zijn en aarzelt niet Secret agent als ‘krankzinnige kindervoorstelling’ af te serveren.

Een goede biograaf is niet altijd aardig voor zijn onderwerp. Zo laat Ackroyd zien hoe afhankelijk Hitch was van zijn medewerkers. Voor iedere film zocht hij een of meer scenaristen, die zijn plot logisch en zijn personages psychologisch overeind moesten houden. Hitchcock was zelf totaal niet geïnteresseerd in psychologie, hij beperkte zich tot sfeer, techniek en visuele trucs. Toch eiste hij graag alle credits voor zichzelf op en zwaaide hij zijn scenaristen of acteurs nooit openlijk lof toe. Integendeel, over acteurs maakte hij graag denigrerende opmerkingen. Acteurs waren ‘vee’. Ze moesten vooral niet nadenken.

Menig acteur werd wanhopig van het gebrek aan begeleiding door Hitchcock. Bij voorkeur negeerde hij hen op de set. Met uitzondering van enkele vrouwelijke hoofdrolspelers, voor wie Hitch juist een obsessieve belangstelling aan de dag legde. Ingrid Bergman, Grace Kelly, Tippi Hedren – hij probeerde ze volledig naar zijn hand te zetten, voor de camera, én in het dagelijks leven. Die poging een aanbeden vrouw in een mal te wringen is tevens de thematiek van Vertigo, de film die daarom wel zijn ‘meest persoonlijke’ is genoemd.

Mediafiguur

Na Amerika ontwikkelde Hitchcock zich steeds meer tot een mediafiguur. Hij was zich zeer bewust van het belang van publiciteit en begreep dat zijn eigen persoon en zijn corpulente lijf daarbij goed van pas kwamen. Vooral de lange reeks tv-shows onder de titel Alfred Hitchcock presents bracht hem fortuin.

Zijn grootste commerciële filmsucces kwam met Psycho, een van zijn bloederigste en minst complexe films. Dat succes kwam hij nooit te boven. De laatste films – Marnie, Frenzy, Topaz, Family Plot – flopten. En zo eindigt deze biografie tragisch, met een zwijgende, norse Hitchcock, die alle belangstelling voor zijn vak verloren is, en in eenzaamheid sterft. Strijdend met de demonen die hij zijn leven lang had bezworen door ze in films tot leven te wekken.