Kerken worstelen met bekeerde asielzoekers

Kerken worstelen met asielzoekers die christen willen worden. Ze vrezen voor opportunisme.

Doop in Deventer Foto Kees van de Veen

Kerken worstelen met de vraag hoe zij moeten omgaan met asielzoekers die zich tot het christendom bekeren. Ze verwelkomen graag nieuwe gelovigen, maar kunnen niet uitsluiten dat ze een enkele keer worden misbruikt voor de asielprocedure. Sommige vluchtelingen, vooral uit moslimlanden, hopen hun kans op een verblijfsvergunning te vergroten als ze gedoopt zijn.

Dat blijkt uit een rondgang van NRC langs verschillende kerkgemeenschappen. Zo doopte Pinkstergemeente De Banier in Deventer vorige maand elf Iraniërs en een Afghaanse jongen en traden dit jaar in Evangelie Gemeenschap Nieuw Leven in Alphen aan den Rijn 44 moslims toe als christen, vooral uit Afghanistan, Iran en Syrië. Zijn ze oprecht christen geworden of lieten sommigen zich dopen uit opportunisme? Voorgangers van beide kerken geven hen het voordeel van de twijfel. „In oktober bezochten twee mensen de kerk omdat ze dachten dat ze zo een status zouden krijgen”, zegt voorganger Ab Meerbeek in Alphen. „Maar ze kwamen huilend tot het geloof; hun leven veranderde drastisch.” Daarna volgden meer mensen uit de noodopvang, op drie kwartier lopen van de kerk. „Deze mensen hebben honger naar de Bijbel.”

Omdat de asielprocedure vertraagd is, kunnen asielzoekers een recente bekering nog meenemen in de eerste asielaanvraag. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) beoordeelt in een verhoor of de bekering oprecht is , door feitenkennis te testen en te vragen naar de individuele geloofsbeleving van de migrant. Vooral bij asielzoekers uit Iran en Afghanistan wordt gevreesd voor schijnbekering, omdat het ministerie van Buitenlandse Zaken de situatie voor christenen in die landen nu niet veilig acht.

Abbas Alawi, voorganger van een Iraanse baptistengemeente in Arnhem, is kritisch over een snelle doop. „Mensen moeten langzaam leren en groeien”, zegt hij. In totaal doopte hij zo’n dertig vluchtelingen. „Ik wil dat ze minstens zes maanden in de kerk komen. Dan doe ik wat ik moet doen, waar God mij voor heeft gestuurd.”

Stichting Gave, die kerken begeleidt bij hun omgang met vluchtelingen, schat dat er het afgelopen jaar „enkele honderden asielzoekers” zijn gedoopt. De stichting adviseert terughoudendheid bij het dopen van asielzoekers, omdat schijnbekeringen op den duur de vrijheid van godsdienst ondermijnen en de naam van de kerk in de samenleving schaden.