Twijfels over Leids onderzoek etnisch profileren door politie

De politie zou tegen een Leidse onderzoeker hebben gezegd dat ze geen onwenselijke uitkomsten wilden hebben.

Protesten in Den Haag Foto ANP/Arie Kievit

Er is twijfel gerezen aan de objectiviteit van een Leids onderzoek naar etnisch profileren door de Haagse politie. De politieleiding zou de Universiteit Leiden erop hebben gewezen dat het onwenselijk is als de uitkomst van het onderzoek zou zijn dat de politie discrimineert.

De studie uit 2014 concludeert dat de Haagse politie niet structureel ‘etnisch profileert’, dan wel personen op basis van hun afkomst of uiterlijk staande houdt. Al jaren krijgt de politie kritiek dat ze vaker de identiteit van mensen uit etnische minderheidsgroepen controleert. Als verweer wezen bewindslieden meermaals op het Leidse onderzoek.

Maar nu staat het onderzoek ter discussie, dankzij interne stukken die op basis van de Wet openbaarheid bestuur (WOB) zijn opgevraagd door Buro Jansen & Janssen, dat zelfstandig onderzoek doet. Het onderzoek is grotendeels gebaseerd op veldwerk van masterstudenten die in 2012 een aantal maanden meeliepen met de politie. Zij vonden de meeste politiecontroles ‘te rechtvaardigen’, maar maken niet inzichtelijk hoe zij juridisch tot dit oordeel komen.

Uit de interne notulen blijkt dat de politie Haaglanden bang was dat de onderzoekers discriminatie door de politie zouden vaststellen. Dit „afbreukrisico” zou de politieleiding vooraf hebben besproken met de scriptiebegeleider, hoogleraar criminologie Joanne van der Leun. „Zij begrijpt de onwenselijkheid hiervan en heeft aangegeven dat zij [...] dit punt expliciet zal bespreken met de studenten en dat zij hierop zal letten bij de tussentijdse besprekingen van de (concept)scripties”, schrijft een politieambtenaar.

De Haagse politie zegt in een reactie dat zij zich niet heeft bemoeid met de inhoud van het onderzoek. Hoogleraar Van der Leun blijft achter haar onderzoek staan. Ze ontkent dat ze met de politie heeft gesproken over een mogelijk „afbreukrisico”. „In de gesprekken met de politie heb ik dat woord nooit gehoord”, zegt ze. De hoogleraar vermoedt dat de politie haar in interne correspondentie woorden in de mond heeft gelegd die zij nooit heeft uitgesproken.

Voormalig minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) haalde in 2014 het Leidse onderzoek aan als argument tegen nader onderzoek van etnisch profileren. Amnesty International vindt dat het kabinet voortaan niet moet refereren aan dit onderzoek, want de studie „rammelt aan alle kanten”. Amnesty stelt dat de Nederlandse politie wél etnisch profileert. De politie houdt hier geen cijfers van bij. GroenLinks, D66 en SP dienen binnenkort een motie in tot een pilot met ‘stopformulieren’. Agenten moeten dan bij iedere identiteitscontrole de reden invullen.