Neem een kijkje in het buitenhuis van schrijfster Charlotte Mutsaers

In Oostende is schrijfster Charlotte Mutsaers omringd door zee, winkels en restaurants. „Een stad aan het strand, dat vind ik leuk. Texel of Terschelling bruisen niet genoeg.”

In Oostende wordt Charlotte Mutsaers bij de bakker en de vishandel gegroet: ze komt nu ruim dertig jaar in de Belgische badplaats, heeft er boeken gepresenteerd, lezingen gegeven en tentoonstellingen gehad. Ze voelt zich zowel Amsterdammer als Oostendenaar, wat dat betreft zijn de twee plekken gelijkwaardig.

Maar Oostende heeft de zee: „Haast elk straatje komt uit op het strand. De zilte lucht is zalig, fietsen over de autoloze boulevard ook. Veel mensen vinden de Belgische kust lelijk door de vele appartementencomplexen. Ik niet. Onderin die gebouwen zitten brasseries, restaurants en winkeltjes. Het niveau van toeristen is stukken beter dan in Amsterdam, mede doordat er geen coffeeshops zijn. Jong en oud stopt voor een zebra, ook dat vind ik buitengewoon aardig. In de stad hangt een vriendelijke sfeer.”

“In Amsterdam vind ik de markt ook leuk, maar hier is meer aandacht voor presentatie.”

Mooi: de vakkennis waarmee de markt wordt opgebouwd

Haar appartement met uitzicht op de Groenmarkt huurt ze nu zestien jaar. Gemiddeld rijdt ze eens per maand naar het zuiden, afhankelijk van haar „rooster” blijft ze een paar dagen tot een paar weken. „Op donderdag is er markt. ’s Morgens om vijf uur begint de opbouw, ook in de winter. Als ik rond die tijd wakker ben, ga ik kijken. De vakkennis waarmee de markt wordt opgebouwd vind ik prachtig: grote vrachtwagens worden behendig over het relatief kleine plein gemanoeuvreerd. En de kramen worden met zorg geëtaleerd. In Amsterdam vind ik de markt ook leuk, maar hier is meer aandacht voor presentatie.”

In haar werkkamer hangt een aantal schelpenfotolijstjes aan de muur. Dat komt niet doordat dit tweede huis aan het strand ligt. „Als kind vond ik het al leuk om van de meest gewone grijze schelpen iets moois te maken, zoals een schelpendoos. Dat kan uitstekend hoor, daarvoor hoeven ze niet van parelmoer te zijn.”

Op een van de lades van een houten kastje staat ‘Nog af te handelen’ geschreven. „Tegenwoordig zie je vaak meubels en servies met teksten erop; een soepkom met het woord SOEP bijvoorbeeld. Daar word ik niet goed van, want dan kan ik er geen yoghurt meer in doen. Dit kastje was goddank geheel onbewerkt, zodat ik er zelf met een viltstift op kon schrijven wat ik erin ging stoppen.”